Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
26 februari 2020, om 13:51 uur
Bekeken:
176 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
17 [ download ]

Score: 1

(1 stem)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"EERT UW VADER EN UW MOEDER / VERVOLG"


                                                Zat midden in mijn verhaal en kon niet verder...

                                                                   Vandaar dit vervolg !

 

 

Schul ging ook altijd strak in het pak gekleed. Zijn gevoel voor kleur was echter minder en zo gebeurde het dat hij op een goede dag met een korenblauw zomer kostuum kwam aanzetten. Hij zag er in dat pak uit als een soort vreemde tropische vogel of een zigeuner op zondag. Dit laatste omdat hij in de zomer altijd net iets te bruin was. In die tijd ging er ook al veel stuk in ons huis als gevolg van de vele hysterische ruzies die steevast gepaard gingen met gooi en smijt partijen met het liefst de hele inboedel. Als het dan weer zogenaamd goed was ging het duo naar het Haagse Venduehuis om de kapot gemaakte rotzooi weer aan te vullen met andere rotzooi. Zodoende kwam er op en dag een grote leren clubfauteuil  in huis. Het kreng had echter zijn beste tijd gehad met ruw versleten leer en ingezakte kussens. Om ook een bijdrage te leveren aan de periodieke restauratie van ons interieur heb ik de stoel toen behandeld met een mengsel van rode vloerwas en bruine schoensmeer ... Laat het nou gebeuren dat Schul de volgende dag pontificaal met zijn nieuwe korenblauwe kostuum op die nog halfnatte stoel gaat zitten. Het gevolg laat zich raden en het is nooit meer goed gekomen met dit kostuum. Het zag er door de roodbruine vlekken nu uit als een camouflagepak waar je zo het leger mee in kon.

 

Toen hij nog bij het ANP werkte kwam hij tussen de middag soms thuis om een boterhammetje te eten. Als er dan nog tijd over was dan rommelde hij nog wat in de tuin. Om niet weer een pak te verpesten rolde hij dan zijn broekspijpen op. Op een dag gaat hij weer naar kantoor met de bus die altijd schuin tegenover ons huis stopte. En wie staat er dan pedant om zich heen te kijken bij die bushalte ?  Schul met opgerolde broekspijpen, lurkend aan zijn eeuwige pijp met zijn aktetas onder zijn arm als Monsieur Hulot uit de film Mon Oncle van Jacques Tati ...  Alleen het hoedje ontbrak nog. Mijn moeder en ik zagen het door het raam en we hebben ons een breuk gelachen zonder hem te waarschuwen. Maar 's avonds werd dan weer gram gehaald want Schul was zo het ANP binnen gelopen en zijn geachte collega's en secretaressen zullen zich ook wel bescheurd hebben. De dingen die toen weer gebeurden deden mij maar weer snel naar boven vluchten om niet te hoeven zien en te horen...

 

Ondanks dat de stoel nu naar de tuin was verbannen, rustte er geen zegen op. Met een oud laken overspannen deed het gevaarte nog langere tijd dienst om in de zon te zitten. En weer is Schul de l#l als hij rustig in die stoel in zijn zwembroek met zijn pijp zijn krant zit te lezen en ik op het balkon daar boven sta. Heel stiekem laat ik een grote oude griezelige Wajangpop aan een touwtje naar beneden zakken tot vlak boven zijn hoofd. De man ruikt op een gegeven moment onraad en kijkt naar boven. Vervolgens slaakt hij een afgrijselijke kreet waarna hij wild met zijn armen zwaaiend achterover met stoel en al in het oh zo gekoesterde prieel met de gele Rozen flikkert en de doornen in zijn kont prikken. Nu is het huis dus echt te klein ! Maar ik kom tijdig weg via de toen al door mij beproefde vluchtroute. Via het balkon, de onderliggende goot en het dak van de schuur en de garage beland ik veilig op straat en wacht af tot de storm geluwd is.

 

Mijn enige verweer tegen Schul was het duivelse genoegen dat ik koesterde als hij weer eens een banale stommiteit had uitgehaald. Zo heb ik hem een keer de Horlepiep zijn dansen toen er op een oudejaarsavond een gillende keukenmeid in zijn broekspijp verdween en op kruishoogte een groot gat in zijn broek brandde. Zijn edele delen bleven gespaard maar dus weer een pak naar de kloten. Ook probeerde hij een keer met mijn hulp een roestige Indische Klewang uit de schede te trekken. Hij hield het ding echter zo onhandig vast dat hij bijna zijn hele duim verloor bij het losschieten van het lemmet. Met de gedachte aan de dans die hij toen weer uitvoerde zit ik hier al schrijvend opnieuw weer vals te grijnzen. Maar lachen bij al die herinneringen uit die bizarre periode van mijn leven helpen mij nog steeds bij mijn niet aflatende pogingen om de veelal traumatische gebeurtenissen te verweken  die mij nog te vaak achtervolgen.

 

Het enige goede dat hij gedaan heeft in mijn beleving is toen ik nog klein was de opgeschoten buurjongen van de overkant een dreun te geven die mij om onduidelijke reden had weggeschopt met mijn fietsie en ik huilend mijn beklag kwam doen. Het was de latere Advocaat van Mente Mr. Ooms de gluiperige bleke griezel die in heel Nederland bekend werd...

 

Door een onduidelijk schandaal mede veroorzaakt door mijn moeder krijgt Schul zijn congé bij het ANP. Nu was het zo dat door de aard van zijn werk mama en Schul vaak naar allerhande min of meer officiële  gelegenheden moesten in de Corps Dipomatieke sfeer en Schul al berucht was en links en rechts bekend stond als een opdringerige billenknijper bij uitstek als er drank in het spel was. De eerder vermeldde ruzies diep in de nacht na zo een uitstapje waren voor een kind met geen pen te beschrijven. Maar nu was Leiden permanent in last en het huis wederom te klein want mama had zich op een niet zo diplomatieke manier beklaagd bij de superieuren van Schul die nu een mooie kans zagen om het labiele duo te lozen. Mama heeft door haar beperkte inzicht dus niet ingezien dat Schul nu zonder werk zou komen met alle gevolgen van dien... Voor langere tijd heb ik gedacht dat dit het einde van de wereld zou worden en wij nu echt van de honger zouden omkomen want Schul werd nu werkeloos en schraalhans was al keukenmeester.

 

Weken van hysterische chaos, vechtpartijen met dronken toestanden en noem maar op. Het leek wel oorlog en ik kan mij niet herinneren dat ik mij ooit onveiliger heb gevoeld in dat grote huis waar geen meubelstuk meer overeind stond en waar je 's morgens vroeg op je blote voeten moest oppassen om niet in de glasscherven te gaan staan. Uitleg werd niet gegeven en alleen als mama bang was om vermoord te worden, werden wij als kinderen uit bed gehaald om getuige te mogen zijn van mensonterende toestanden. We stonden geestelijk en lichamelijk letterlijk met onze ruggen tegen de muur als het geweld voorbij raasde en probeer dan maar eens om " normaal " te blijven.

 

Maar op een gegeven ogenblik kwam ook aan deze oorlog een einde en na een vreemde periode van gewapende vrede kan Schul zowaar een nieuwe baan krijgen. Notabene in de Diplomatie ! En wel bij het Consulaat van Liberia en je gelooft het niet: Als Consul !  Dit mislukte land in chaos nam dus genoegen met een blanke aan alcohol en vrouwen verslaafde labiele gek die de zaken in de Benelux zou gaan regelen. De wonderen of beter geformuleerd: De totale idiotie is de wereld nog niet uit. Deze gang van zaken is er mede de oorzaak van geworden dat alles dat met de zogenaamde elite door mij met argwaan en spot zou worden beloond  gedurende de rest van mijn leven. Wat een vertoning die inauguratie in Wassenaar op de Ambassade waar nu de Turken de vlag voeren. Jaren lang ben ik te paard en later op de fiets langs dat pand gekomen en tot aan de dag van vandaag kan ik de beelden niet uit mijn hoofd krijgen. We werden opgehaald met enorme zwarte Cadillacs en het leek wel een rouwstoet. De buurt moet gedacht hebben dat er nu eindelijk doden waren gevallen in Huize van Hogenhouck no. 144. Want bij de bakker en de slager en al die keurige buren werd de toestand nauwkeurig bijgehouden in onze keurige buurt in het keurige Benoordenhout van het keurige Den Haag...

 

Al weer jaren geleden was ik op een avond met collega's stappen op de Dennenweg toen ik een oude buurjongen tegenkwam. Die begon op luide toon en voor iedereen hoorbaar smeuige verhalen over mijn moeder te vertellen terwijl ik zijn vader regelmatig had betrapt als de geile hond rond ons huis liep te sluipen in de hoop een glimp van mijn moeder op kunnen de pikken. Ik heb toen de Jonkheer Willem van Rooijen even streng bij zijn kippennek vastgehouden. Toen hij blauw begon aan te lopen heb ik hem op aanraden van mijn collega's maar weer los gelaten. Ik heb de adellijke ruigpoot nog wel een paar adviezen voor de toekomst meegegeven waar na hij onder luid gehoon het café uitvluchtte.

 

Op de een of andere manier moet je solidair blijven met je ouders tegenover vreemden. Wat er ook gebeurt is.  Als je dat niet doet dan heb je helemaal niets meer.

 

Zelfs na het feit dat mijn moeder gedurende de cocktailparty na de inauguratie mijn zusters naar voren schoof en de consulaire staf of wat daar voor door ging als een meute geile zwarte zwerfhonden likkenbaardend om de hulpeloze meiden heendraaiden. Ze moesten maar eens wat toeschietelijker worden en zodoende de nieuwe status van Schul wat meer ondersteunen vond mijn moeder die opnieuw en nu als een soort hoerenmadam de weg volledig kwijt was... Dat mijn zusters op een traumatische wijze ernstig in verlegenheid werden gebracht scheen in haar beperkte geest niet op te komen. In Indië als echtgenote van de de resident van de grote Oost en Borneo zal het niet anders zijn geweest. Daar ging ze schaamteloos aan de rol met de bijna goeverneur met mij als resultaat...

Ik wilde het toen allemaal nog niet precies weten daar de chaos in mijn leven nog te groot was maar later flikte ze het weer toen de nieuwe baan van Schul al weer op de tocht stond. Ze nodigde de secretaresse van Schul  meerdere keren uit oom haar uit te horen en vond dat ik deze jonge dame maar eens mee uit moest nemen om ook mijn bijdrage te doen. Mama kreeg in de gaten dat het wicht bijna van haar stoel gleed als ik binnenkwam. Het was een tikgeit met rode konen en een truttig brilletje en ze was hevig teleurgesteld en vernederd na de idiote aktie van mama lief die alweer niet begreep etc. etc.

 

In de tijd dat Schul Consul was kwam er mogelijk nog meer drank in huis en werd er ook gerookt alsof het niet op kon. Hij kon er nu taxfree aankomen maar de gek kon zoals eerder vermeld absoluut niet tegen drank. Op een van de vele diplomatie cocktail party's was het weer eens zo ver en moest hij zonodig flirten en in de dikke kont knijpen van de een of andere geile ambassadeursvrouw. Zij vond het wel lekker maar die echtgenoot vond het minder. Het gevolg was dat hij door de bewakers bij kop en kont is gepakt en van het bordes van Kasteel Oud Wassenaar is geflikkerd. Zo in de struiken !  Dat was niet best want bij de smakker die hij maakte raakte zijn schouder ernstig ontwricht. Maandenlang waren wij getuige van zijn revalidatie oefeningen die hij theatraal midden in de zitkamer uitvoerde en nog kwaad werd als wij hem als kinderen uitlachte en hem genadeloos in de maling namen. Maar alles was dubbel, schijn en poppenkast in die tijd en je verlangde maar naar twee dingen: Vrede & Rust !

 

In die tussenperiodes van gewapende vrede en relative rust probeerde Schul zelfs enige betrokkenheid te tonen en hielp mij zelfs een week lang met de Duitse naamvallen die ik dan ook binnen een week onder de knie had. Om enig zakgeld te genereren poetste ik dan zijn schoenen waarvoor ik een hele gulden kreeg. Maar mama lief in haar paranoide ziekelijkheid vond dat dan weer verdacht en verbood mij vervolgens weer om met Schul te praten... Er zou meer achter zitten etc. etc. Zelfs het feit dat ik gemakkelijk leerde vond ze al verdacht en dat in tegenstelling tot de andere kinderen die eigenlijk te stom waren om voor de duvel te dansen. Totaal niet te volgen voor mij. De logica ontbrak aan alle kanten en absoluut om stapelgek van te worden. Ruzie maken en de sfeer verpesten leek haar enige passie. Je kon er ook nog eens met niemand over praten. Je kon niemand mee naar huis nemen om te spelen. Je schaamde je kapot. En maar lachen naar de buitenwereld en net doen of er niets aan de hand was. Ontkennen tot je er bij nierviel ! Het leven was een groot smerig en schimmig treurspel geworden in een vies groot huis waarin alleen werd schoongemaakt als de afwas tot aan het keukenplafond stond en de plee overliep omdat mijn zusters niet hadden geleerd hoe om te gaan met gebruikt maandverband. Gatverdamme ! En als er al iets goed dreigde te gaan dan wilde ik het of kon het niet geloven en deed je dingen om te bewijzen dat het niet goed mocht gaan. Zo heb ik later ook veel leuke relaties op de klippen laten lopen omdat ik absoluut geen idee had hoe het werkte en als er maar iets was dan maakt ik het uit. Vaak tot verbijstering van de meisjes om wie het ging.

 

Toen ik een jaar of vijftien was begon Schul opmerkingen te maken over mijn eventuele geaardheid met gevolg dat ik sluimerende moord gedachten begon te krijgen. Ook vond hij dat ik teveel Cachet had. Dit was duidelijk een stiekeme verwijzing naar mijn biologische vader waarvan hij kennelijk de hoed en de rand wist. Ook moet hij de primitieve gedachten hebben gehad dat als je geen boeren honden kop had je niet zuiver op de graad was. Maar hij wist ook dat ik zeer op zijn super sexy en mooie dochter was gesteld. En dat ik op mijn twaalfde meerdere keren bij haar tussen de lakens ben gekropen toen zij al achttien was. Toen ik uiteindelijk betrapt werd heeft zij mij gered door te verklaren dat ik aan het slaapwandelen was die bewuste nacht. Dat was een nacht om nooit te vergeten ! Daar komt nog bij dat zijn eigen zoon Gaston met de bijnaam Tinker en voor mij de Stinker zich had ontwikkeld tot de grootste puistenkop van Breda en omgeving. Schul bleef hoe dan ook maar doorgaan met mij uitdagen in het persoonlijke vlak en het gevaar werd iedere dag groter dat er iets zou gebeuren.

 

Het was in die tijd dat mijn moeder en Schul al in een naar mijn gevoel eeuwigdurende echtscheidings procedure waren gewikkeld. Mijn moeder barricadeere dan 's nachts de deur en liep dan in haar bipipolaire, hysterische dan wel borderline aavallen voor de zoveelste keer  te schreuwen dat Schul haar zou komen  vermoorden. En ja dan gebeurde het vervolgens weer dat Schul met zijn bezopen kop diep in de nacht de boel weer kwam openbreken en maakt zo een toestand dat zelfs mijn hond serieuze bijtnijgingen begon te vertonen waarop Schul weer dreigde de hond te zullen afmaken. In die tijd was mijn hond mijn enige en beste vriend en zonder die hond had ik het niet gered dus Schul had ongemerkt zijn doodvonnis getekend zonder dat ik het zelf besefte en Schul al helemaal niet. Maar er moest nu werkelijk niets meer gebeuren !

 

Al langere tijd had ik het Samoerai zwaard van mijn " echte " vader in mijn matras verborgen. Soms haald ik het tevoorschijn om op alles voorbereid te zijn. Ik zat dan langere tijd met het zwaard uit de schede op mijn schoot te mediteren en was gefacineerd door het koele, vlijmscherpe op traditionele gesmede diep glanzende staal van de allerhoogse kwaliteit dat in mijn handen zomaar een moordwapen zou kunnen worden als het al geen moordwapen was. Ook de Japanse tekens op de lap stof die aan het foedraal waren geknoopt intrigeerde mij mateloos. Het bleek later de naam te zijn van een hoge Japanse Officier die bij de inname van Makassar zijn zwaard had moeten afstaan aan de geallieerden. Hoe krankzinnig wil je het hebben ! Het zwaard was voor mij het symbool en houvast van de gedachte dat ik ergens nog een echte en waardevolle vader zou hebben. Ik wist toen nog niet dat ik het zwaard roemloos zou verliezen door verraad van,  ja U raad het al , mijn moeder...

 

Die betreffende week had ik nieuwe duiven gekocht die nog niet naar buiten konden en nog moesten wennen aan de nieuwe omgeving. Op een moment dat ik met tegenzin mijn huiswerk zit te maken hoor ik Schul binnenkomen. De rechter had nog niet bepaald dat hij het huis niet meer in mocht maar elke keer na zijn bezoek was er iets weg. Dus ik zat gespannen als een veer achter mijn bureau mij af te vragen wat ik moest doen. Op dat moment hoor ik een luidruchtig geklapwiek en zie mijn hele koppel nieuwe duiven aan mijn raam voorbij vliegen om niet meer terug te komen.

 

Nu slaan de stoppen volledig door ! In een klap komt alles naar boven. De angst, de haat, de vernedering en de waanzin. En niet als laatste: De moordgedachte !

 

Als een speer schiet ik onder mijn matras, gris het zwaard tevoorschijn en storm naar beneden. Schul, de elendeling had mijn duiven laten ontsnappen. Nu maakte de lul net aanstalten om zijn overhemden te gaan wassen omdat mijn moeder dat allang niet meer deed. Hij ziet mij aankomen met het zwaard en maakt hevig geschrokken een afwerend gebaar waardoor het teiltje met het hete zeepsop over zijn broek gutst en hij weer als een idioot staat te springen omdat nu zijn edele delen in het hete sop staan. Totaal over de rooie haal ik heftig naar hem uit waarbij ik het keukenkastje raak en er een hele hoek uitsla. Schul rent nu de tuin in om via de openslaande deuren met een in de tuin gevonden kachelpook de achterkamer in te vluchten. Maar kiekeboe daar sta ik alweer omdat ik de ander kant was opgelopen en opnieuw naar hem uithaal. Hij weet met die pook als geoefend sabelschermer die aanval nog te pareren maar in de toestand van paniek waarin hij verkeerde had ik hem gemakkelijk kunnen ombrengen. Bij de volgende aanval grijpt de beschermengel van Schul in of de mijne en raak ik de oude leren stoel die met een afgehakte leuning als een gewond dier achterblijft. Zo bleek de volgende dag toen mijn moeder verbaast en vol ongeloof de ravage aantrof. De onbeschrijfelijk stank die Schul in doodsnood heeft geproduceerd heeft nog dagenlang in de kamer gehangen...

 

Schul heeft nooit de moed gehad om aangifte te doen of wat dan ook. Op de van Hogenhoucklaan heb ik hem nooit meer gezien. Jaren later kwam ik hem nog eens tegen in het Benoorden Hout op de Oostduinlaan. Hij te voet, ik in mijn Alfa Romeo. Ik ben gestopt en heb alleen even hard gas gegeven zodat hij opkeek ! Het grimas op zijn gezicht was voor mij voldoende. Hij moet het absoluut weer in zijn broek hebben gedaan ...

 

Dorothy ...

 

Wij vonden de naam moeilijk uit te spreken dus werd het Doris !

Zij was dus die o zo leuke dochter van Schul. Ik was twaalf en zij was achttien toen ik in de gaten kreeg wat voor een kanjer het was. De mode van Brigitte Bardot was in en ik was eenvoudig niet bij haar weg te slaan als zij kwam logeren. Als zij er was dan was het vrede in huis. Het Duivelse Duo hield zich dan koest en speelde mooi weer. Zij had alles wat mijn echte zusters niet hadden en was nog reuze aardig ook. Ook zij sprak met een Brabants accent en bij haar klonk het leuk en charmant. Doris voor, Doris na ! Zij liet het moeiteloos gebeuren dat een opgewonden jongetje van twaalf jaar met zijn tong op zijn schoenen achter haar aan zwijmelde. In die zwoele zomer ben ik meerdere keren bij haar tussen de lakens gekropen. Toen ik uiteindelijk betrapt werd heeft zij mij dus gered door te verklaren dat ik aan het slaapwandelen was en dat het allemaal onschuldig was. Doris en ik hebben er nog vaak om gelachen. Gelukkig maar ...

 

De Vader !

Waarvan ik lang dacht dat hij mijn echte vader was .

Corstiaan Cornelis en een achternaam die ik nog niet zal prijsgeven daar er nog nabestaanden zijn die bepaalde zaken niet hier hoeven te lezen.

Wat weet ik eigenlijk van hem ? Hij is geboren in Zeeland als zoon van een eenvoudige bootsman of schipper op een mosselschuit. Zijn wieg stond in Yerseke / Zuid Beverland. Het was op 5 november 1904 toen hij zijn rit moest aanvaarden naar zijn tranenedal. En wat een start in het zwaar gereformeerde en dichtgeplakte Zeeland van die tijd. Zijn eenvoudige komaf zoals hij het zelf noemde en zijn frustraties door het achterlijke geloof hebben hem zijn leven lang achtervolgd en vermoedelijk zijn denken vanaf dag een gedeformeerd. Daardoor had hij  onder anderen de overtuiging dat het geluk alleen maar bestond voor de lichtzinnige en de lieden die het niet hadden verdiend. Hij was daardoor ziekelijk afgustig op bijna iedereen die het net even iets beter deden in zijn ogen. Mijn vermeende grootouders, ooms en tantes van zijn kant heb ik nooit gekend. Als het later al eens ter sprake kwam dan werd er snel overheen gepraat en konden er geen vragen worden gesteld. Ik moest toen afgaan op de schaarse informatie en naar later bleek de leugens van mijn moeder waar ik het maar mee moest doen. Ook op de vraag waarom er geen baby foto's van mij waren werd met leugens afgedaan. Het heeft mij op zeer jong leeftijd al het idee gegeven dat veel niet klopte en in duisternis was gehuld.

 

Toch moet hij geknokt hebben want hij was de enige van de zoons die naar de HBS mocht. En daar moest je een roteind voor fietsen in die tijd. Ik zie hem nog wel eens in mijn verbeelding op een te grote fiets met houten blokken op de trappers. Vechtend tegen de wind op de dijk van Yerseka naar Goes als in dat liedje van die Eenzame Fietser. Hij deed het zelfs zo goed dat hij daarna rechten mocht studeren in Leiden.

 

Daar zette hij zijn eerste stappen in het voorportaal van de wereld die hij dacht ooit te kunnen veroveren. Toen een ouderling van de kerk hem na reisde om hem te waarschuwen voor het kwaad en de verleiding die hem te wachten stonden, heeft hij de man beleefd verzocht om weg te gaan en om nooit meer terug te komen. Maar dat was geen garantie om te kunnen genieten van een vrolijk studentenleven. Lid van Minerva kon hij niet worden en geld was er niet dus bleef hij een Knor met maar een optie: Snel afstuderen. Dat hij daardoor niet is besmet met de criminele Minerva cultuur heeft hij misschien nooit begrepen maar dat weet je natuurlijk niet zeker.

Toen hij mijn moeder ontmoette heeft hij misschien gedacht dat hij toch ook iets kon krijgen van het leven dat hem ooit beloofd was. Als ik naar de fotootjes kijk van mijn moeder uit die tijd moet zij voor een geplaagd student  een engeltje uit de hemel zijn geweest. Of een duiveltje uit de hel natuurlijk maar dat wist hij nog niet... Uiteindelijk is hij met mijn moeder getrouwd toen hij net was afgestudeerd als meester in de rechten met als aanvulling Indisch recht. Mijn moeder Clara Lucy Wilhelmina Christina van Dam woonachtig in Leiden was toen amper negentien jaren jong, wist van toeten nog blazen en wist bij lange na niet wat voor een schade zij in deze wereld zou  gaan aanrichten. Een aantal jaren voor zijn dood vertouwde hij mij toe dat hij nooit met haar had moeten trouwen. Ook toen kreeg ik verder geen uitleg. Alleen dat ik teveel op mijn moeder leek. De man begreep niet wat hij met dat soort opmerkingen veroorzaakte temeer daar de contekst ontbrak als of ik een totaal vreemde was. Je moest het maar begrijpen en zo niet: Jammer dan ! Hij was tenslotte slachtoffer en de rest deed er niet toe...

 

De hele periode tot aan het moment dat ik besefte dat ik leefde is natuurlijk vaag. Maar het feit dat er zo weinig klopte van de situatie waarin ik was beland heeft mij een belangrijk deel van mijn leven beziggehouden. Nu ik ouder ben en  besef dat er oneindig veel mensen zijn met een verwoestte jeugd veroorzaakt door krankzinnig ouders, krankzinnige oorlogen of krankzinnige misdaden maakt het natuurlijk niet gezelliger en doet mij beseffen dat de mensheid op zich een mislukt project is van energieën of entiteiten die in het aardse paradijs gemist kunnen worden als kiespijn. Ik laat dan ook een belangrijk deel van te veel trivialiteiten weg omdat die in de kontekst van dit hele verhaal en in deze tijd er nauwelijks meer toe doen.

 

Toen mijn vermeende vader en wettelijk naamgever uit mijn prille jeugd verdween en naar Suriname vertrok om zijn cariere nu gescheiden van mijn moeder voort te zetten begon de verwarring pas echt. Ik heb hem altijd vreselijk gemist en in mijn onveilige wereld was hij mijn enige held. De schoenendozen vol met de vele bruine fotootjes waren de bron van mijn droom en schimmenwereld. Ik kon geen genoeg krijgen van de plaatjes van hem in zijn witte tropenuniform met het goud op zijn schouders en hoge kraag. Met naast hem mijn mooie moeder in een witte japon met parasolletje. Samen onder de klapperboom, een plaatje zo uit de verhalen van Louis Couperus " De Stille Kracht "  Ook de fotootjes van mijn broers en zusters waren er te over maar een fotootje van mij heb ik nooit kunnen vinden ... Later heeft lange tijd een foto van Corstiaan als Colonel van het K.N.I.L. op het Marine Schip Tromp bij de bevrijding van Timor prominent op mijn bureau gestaan om maar te laten zien hoe belangrijk mijn " vader " was.

 

Als ik als kind van amper vijf jaar weer eens alleen in dat grote huis ben en op speurtocht ga kom ik onvermijdelijk de grote groene legerkisten weer tegen die lange tijd onderdeel zijn geweest van het meubilair en later op mijn jongenskamer stonden. Ook die ene keer kom ik weer bij de kist met de tropenhelmen, het pistoolholster met de grote FN Browning en allerlei spullen zoals batikdoeken, paardrijkledding, en documenten met grote lakzegels en versierselen. Steevast doste ik mij dan uit met die spullen om daarna mijn spel voort te zetten. Gelukkig wist ik nog niet dat de kartonnen doosjes met de koperen puntige kopereren pijpjes scherpe patronen waren die zo in de Browning konden. Sluipend door het huis kom ik dan weer op de etage waar ik achter de verwarming al eerder een vreemd lang voorwerp had gezien in een leren foudraal. Deze keer haal ik het ding achter de radiator vandaan en pulk het foudraal open. Er komt een diep glanzend zwart gelakte leren schede te voorschijn met een met goud en zwart zijden koort versierd handvat. Het bleek een zwaard... Het bleek DAT zwaard dat een belangrijk deel van mijn jeugd het symbool zou worden van een echte vader die niet bestond voor mij. Het zwaard waarmee ik later bijna Schul had onthoofd.

 

Even later stond ik voor de spiegel met dat blikkerend en vlijmscherpe Japanse Samoerai zwaard door de lucht te zwaaien als een mini Samoerai op oorlogspad. Dat Corstiaan het zwaard voor een paar dollar van de Amerikanen of Engelsen had gekocht heeft voor mij de waarde van het zwaard nooit beïnvloed. Dat Corstiaan gedurende de hele oorlog waarschijnlijk nooit een schot heeft gelost en alleen als waarnemer op de diverse geposeerde heldhaftige foto's stond, deed niet ter zake. Pas veel later toen hij niet wist wat een Jungle Carbine was toen ik in dienst zat en hevig geïrriteerd raakte toen ik hem ook nog vertelde dat de FN Browning het persoonlijk wapen was van een Hospik heb ik hem stiekem gehoond om die facade van bullshit en verraad. Daarbij maakte hij ook nog de fout om Hospikken slappe hap te noemen die geen Browning nodig hadden. Ik heb hem toen definitief de mond gesnoerd met de omerking: Als je voor je ballen wordt geschoten dan roep je eerst om een HOSPIK en dan pas om je moeder. Het feit dat het Nederlands Indisch bestuur massaal op de vlucht is gegaan voor de Jappen om elders het bestuur voort te zetten naar koninklijk voorbeeld van lafheid werd toen al met zeer gemengde gevoelens bekeken door mijn generatie. Jaja was zijn enige reaktie: De jeugd van tegenwoordig is links. Verder kwam hij niet !!! Toen ik hem ook nog vertelde dat ik een meisje Westerling kende trok hij een grimas die ik nooit zou vergeten. Ook gaf hij meerdere keren aan vader genoemd te willen worden daar wij hem gewoon Paaa noemden. Toen ik hem mededeelde dat vader een titel is die je moet verdienen, bleef het alweer oorverdovend stil. Vanaf die periode werd Corstiaan voorzichtiger met zijn automatische denigrerende opmerkingen want hij kon nu van mij ongenadig onder uit de zak krijgen en daar had hij geen weerwoord op...

 

Later had mijn moeder de onvergevelijke gewoonte om veel dat mij duidelijk dierbaar was gewoon weg te geven. Zo verdween het zwaard naar mijn zwager die het kritiekloos accepteerde en de leger hutkoffers  en veldmubilair naar een jonge man in de buurt die wel eens " klusjes " voor haar deed. Wat dat voor klusjes waren laat zich raden maar deze knaap durfte mij later niet onder ogen te komen en mag van geluk spreken dat het mij in die tijd geen donder meer kon schelen wat mijn moeder allemaal uitspookte. Corstiaan eiste het zwaard later weer op en mijn zwager moest er zelf maar voor gaan vechten. Net als hij in der tijd (?) Waar het pistool gebleven is weet ik niet. Wat ik wel weet is dat mijn moeder een beroerte gekregen zou hebben als ze wist wat ik allemaal met die spullen had uitgespookt. Na de dood van Corstiaan hoopte ik het zwaard nog te erven en toen dat er niet inzat heb ik het bijna meegepikt. Toen ik een keer emotioneel liet weten wat het zwaard voor mij betekende en wat het mogelijk waard was is het definitief verdwenen.

 

Daar ik schrijf van uit mijn herinneringen en soms emotionele opwellingen kan ik niet voorkomen dat ik nog wel eens van de hak op de tak spring of dingen herhaal.  Ik pretendeer ook niet dat alles heel interessant is maar het meeste is geschreven van uit een kinderlijke perspectie en of ik het nu leuk vind of niet: Het heeft allemaal zodanige sporen achter gelaten dat ik er niet omheen kan.

 

In de periode dat Corstiaan in Suriname verbleef, kwam hij eens in de vier jaren met verlof naar Nederland. Een relatief klein gedeelte van dat verlof werd dan met de kinderen doorgebracht. We gingen dan zeilen in Friesland en Pa huurde een motorjacht of Tjalk. Dat was natuurlijk op zich reuze spannend en geweldig en ik had daarmee ook weer wat leuks  te vertellen naar mijn omgeving toe. Maar heelaas ! Naar mate ik ouder werd begon ik steeds meer te ervaren wat een harteloze en bijna ziekelijke en gevoelloze man mijn Pa eigenlijk was. Ook hij zag dat ik niet de boertige kenmerken had van de rest van de kinderen en maakte regelmatig opmerkingen van: Oh daar is hij te fijn voor gebouwd en mijn tere kinderzieltje had het maar moeilijk etc. Ook zou hij mij wel even leren zwemmen en het liefst in een middag. Ik werd lukraak aan een touw gebonden en overboord gezet. Dat werkte natuurlijk niet en na een kwartiertje krijsen werd ik weer half verzopen uit het water gevist. De rest van de vakantie werd ik niet meer bekeken en de eens zo verwaande Resident van de Grote Oost zou beetje bij beetje inzien dat zijn boertigheid vermengd met coloniale arrogantie steeds minder werkte. Zo gingen we een keer met Kerst uit eten. De atractie was een Surinaamse Steelband en Corstiaan zat helemaal te glimmen en was in de volste overtuiging dat de band vooral voor hem speelde. Voor mij met mijn oren langzaam gewend aan de Beatles en de Stones een achterlijke vertoning waar ik hem later nog vaak spottend aan herinnerd heb.

 

Op een van de watersport vakanties is nog eens een fikse brand uitgebroken op het toen gehuurde motorjacht. Ik merkte op dat de motor niet lekker liep maar moest mijn mond houden en mij vooral nergens mee bemoeien. Even later klonk een ontploffing en stonde het hele achterdek inclusief motorcompartiment in lichte laaien. De Tackel van de familie liep in paniek zo het vuur in en de gasflessen in de combuis heb ik samen met mijn zwager in spee net op tijd overboord gekieperd. Een bedankje dat ik de Tackel van de vuurdood gered had kon er niet af toen ik Corstiaan tot zijn enkels in de koeienvlaa aantrof in het weiland... Hij was alvast maar van boord gegaan ... De ravage betekende einde vakantie en de ontplofing had ook de toiletruimte vernietigd. De scherven van de pot zaten in het plafond. Even daarvoor had ik er nog opgezeten.

 

Maar hij moest mijn vader zijn. Ondanks het feit dat mijn moeder al eens foto's had laten zien van die andere meneer in het Indië van voor de oorlog met daaraan gekoppeld een vaag verhaal waar ik op jonge leeftijd niets mee kon en alleen maar verdrietiger van werd.  Het was een meneer met nog meer strepen en  sterren en een nog grotere pet waar ik dan weer niet op mocht lijken want... En dan stokte het verhaal weer. Om gek van te worden op die leeftijd. Daarbij kwam dat mijn biologische vader een lange flegmatieke man was met blond haar en blauwe ogen en dat Corstiaan een kleine gedrongen man was met in zijn jeugd bijna zwart haar en meer de kenmerken had van een Zuiderling of Jodenmeneer die er in het Zuiden van Nederland en ook in Zeeland volop waren. Maar bruingebrand en goed gekleed met altijd geld op zak en een blauwe Mercedes moest hij het voorlopig maar zijn. Ik was dan ook elke keer weer doodziek als wij hem na het verlof weer naar Schiphol brachten en in de V.I.P. Room van de KLM wachtte tot hij zou vertrekken. Als hij al zag hoe ik er aan toe was dan ook kon hij alleen maar schamperen en vroeg of ik mijn laatste oortje had versnoept of dat ik het misschien in mijn broek had gedaan. Grote genade had deze man nu werkelijk geen idee of was hij gewoon geestelijk gestoord als een empathieloze psychopaat die hulp nodig had... De tijd zou het leren en hij zou gewoon Pa blijven tot zijn laaste snik. Alhoewel die geweldige held uit mijn kinderdromen was  wat mij betrof al veel eerder gedurende zijn leven morsdood en begraven. WORDT VERVOLGD DEEL DRIE !



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.