Gegevens:

Categorie:
Horror
Geplaatst:
24 juli 2019, om 08:21 uur
Bekeken:
120 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
62 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Gothic Horror .6"


`Kom eens...’ Ze kwam half overeind, pakte zijn hoofd met beide handen en trok hem aan zijn oren naar haar schoot. `Proef me... ruik me: De Geur van Hoger Honing! Geef me daar een zoen, een diepe tongzoen...’ Hij deed wat ze van hem verlangde. `Later - op het gymnasium - zul je dat gedicht lezen, dat Engelse gedicht dat eindigt: Beware! Beware! His flashing eyes, his floating hair. For he on honey-dew has fed and drunk the milk of paradise! Dat gedicht gaat over jongens tussen de twaalf en twintig die een zekere toverdrank krijgen toegediend en daarna eeuwig naar het paradijs verlangen. Welnu, die toverdrank, die honingdauw... mijn zoetvloeiende lekkernij is een soort levenselixer... heb ik je bij deze... geschonken.’ Ze liet hem los en kneedde zacht en moederlijk zijn oren alsof ze bang was dat ze een beetje te hardhandig was geweest en hem pijn had gedaan. Ze ging weer liggen. `Kijk maar...’ fluisterde ze hem toe. Hij zag bij het licht van de zaklantaarn hoe haar vingers kringetjes draaiden in haar kruis. `ChristuskriebelendeJezus wat is dit lekker...’ steunde Toos, `...ik kom zo...’ Haar benen trilden. Toen ze hevig begon te schokken, greep ze zijn arm en trok hem de kist in. Tegen haar aan liggend schokte hij met haar mee tot ze weer helemaal tot bedaren kwam.

   `Dat was het dan,’ fluisterde ze in zijn oor. `Vond je het fijn? Wacht, kruip bij me binnen in dit kleed, dan blijven we nog even rustig liggen. Doe ik nog even m’n beha los, mag je m’n tietjes voelen. Ze zijn wel niet erg groot, maar je weet wat ze zeggen: een kinderhand is gauw gevuld.’ Ze ging rechtop zitten en frunnikte onder het priestergewaad en de overige kledij haar beha los. `Kom in de tent.’ Ze hield het priesterkleed voor hem open zodat hij er met hoofd en bovenlichaam in kon. `Weet je wat? We schuiven de deksel weer op de kist - niet helemaal natuurlijk, we mogen niet stikken.’ Ze trok de deksel op de zijkant en vervolgens over hen heen. Ze propte haar onderbroekje ertussen zodat bij het hoofdeinde een smalle kier openbleef. Zo lagen ze in het donker knus tegen elkaar aan. Ze leidde zijn handen naar haar blote borsten.

   `Eigenlijk moest jij nog even met jezelf aan de gang. Met je lieve piempje, doe je dat wel eens?’ Haar zachte stem klonk hol in de kleine houten ruimte. `Of zal ik je even lekker bij je slurfje pakken? Ik zal je een handje helpen, daar ben jij vast nog een groentje in.’ Haar hand ging naar beneden. Ze maakte zijn riem los en ritste zijn broek open. Haar hand gleed onder het elastiek van zijn onderbroekje. `De Heer is waarlijk gerezen. Dit knaapje dat hier zo ondeugend de kop opsteekt, zal ik eens even uit de tent lokken. Wacht...’ Ze onderbrak even haar bezigheden, ging met haar hand tussen haar eigen benen, en bevochtigde zijn piempje met haar sappen. `Je kleine Luthertje met z’n kale monnikshoofdje - Hier staat hij, hij kan niet anders! - zalf ik hierbij met Heilige Oliën uit mijn eigen Heilige Maria.’ Met liefdevol-strelende en knedende vingers nam ze hem onder handen terwijl ze lieve woordjes in zijn oor fluisterde. `Ik zou het heerlijk gevonden hebben om nu je lieve piempje in me te voelen - jouw Lieve Heertje in mijn Heilige Maria, dat zou pas fijn zijn. Maar dat kan nou eenmaal niet. Ik zou zwanger kunnen raken, we mogen geen enkel risico nemen. Je kunt toch niet zomaar je eigen tante zwanger maken! Dat zou pappa de paus uit Rome vast niet goedvinden en je eigen pappa thuis ook niet. Want condooms kon ik bij Jaap nergens vinden - laat staan speciale kindercondooms. Voor het zingen de kerk uit is altijd zo verduveltjes moeilijk; voor je het weet is het te laat, te laat m’n kleine Winnetou... Nee, nu nog niet... later misschien. Als je twaalf bent, op je verjaardag - Birthday Boy - dan mag je met mij de plons in het diepe maken. Als ik erop voorbereid ben. Tot dan moet je er nog maar eerst een poosje naar blijven verlangen. Alles ineens is ook niet goed. Het zo doen is toch ook lekker?’ Het was alsof haar woorden waren bedoeld om hem te troosten. En op bijna zorgelijke toon, alsof ze hem voor iets ernstigs wilde waarschuwen, zei ze: `Schrik niet als je straks - misschien wel voor het eerst - dat jubelende halleluja-gevoel in je goddelijke lustduiveltje voelt opkomen...’ Ze ging door met haar strelingen. Ze kon aan hem merken dat er wat ging gebeuren. `Toe maar, lieverd...’ Hij schokte tegen haar aan. Ze zoende zijn mond, zijn wang. `Goed zo, jongen!’ fluisterde ze in zijn oor met iets van trots in haar stem. `Eens mag je de echte, hele liefde met mij bedrijven, dat beloof ik je. Dan word je zoals dat heet door mij ontknaapt. Op de doos bij tante Toos! Lijkt je dat wel wat? En later, veel later zul je vanzelf wel ontdekken dat mijn Heilige Maria niet de enig zaligmakende is. Als je op het gymnasium zit en zestien of zeventien bent, met meisjes van je eigen leeftijd... Als je lieve elfjarige piempje inmiddels is uitgegroeid tot een ferme jongenspiem... Kruip nu nog maar even lekker tegen me aan, even doekie doekie doen. Bij mij is het ook altijd een soort slaapmiddeltje, of om weer even helemaal tot rust te komen.’

   Een tijdlang lagen ze zo tegen elkaar aan tussen de houten schotten, nagenietend in een soort halfslaap. Straatgeluiden drongen nauwelijks tot hen door. Hun ademhaling was rustig, bijna onmerkbaar. Toos roerde zich het eerst. `Hoe is het, m’n jongen, heb je net even een lekker roesje gehad? En ben je nu weer uitgeslapen?’ Het was of de tijd even had stilgestaan. Toen Toos eindelijk de deksel opzijschoof, hoorde ze nog net de laatste slagen van een verre torenklok.

   `Drommels, hoe laat is het wel niet?’ Ze waren elk besef van tijd kwijtgeraakt. Ze stond op zodat Johannes onder het priestergewaad vandaan kon glijden, en raadpleegde met behulp van de zaklantaarn haar horloge. `Jezus Christus, ik druip van de liefdeshoning ─ ik ben zo nat als een wijwaterkwast...’ Ze pakte haar opgepropte onderbroek en veegde ermee tussen haar benen. `Kleddernat ben ik... als een vochtige spons...’ Ze stond, haar gewaad omhooghoudend, met een voet op de rand van de kist. Op de wijs van Trink, trink, Brüderlein trink zong ze vrolijk: `Smul, smul, kinderen smul; tante heeft stroop in haar hoe-la-die-jee... Kom eens hier...’ Met haar broekje veegde ze ook zijn buik af en rondom zijn piempje. `Het broekje geven we de dode mee,’ besloot ze. Ze streek het doorweekte kledingstuk glad en schoof het onder het satijnen sloopje van het kussentje. `Misschien heeft de forse man die hier morgenvroeg in komt te liggen er nog iets aan in het paradijs.’ Ze legde het kussentje op zijn plaats en streek de voering waar ze met z’n tweeën hadden gelegen glad. Johannes klauterde uit de kist; hij moest met beide handen de zijkanten vasthouden - alsof hij uit een schommelende kano of roeiboot stapte. Toos bleef met haar priestergewaad tot haar middel opgetrokken in de kist staan en zong zachtjes: `Smul, smul, kindjelief smul; moeder heeft stroop in haar hoe-la-die-jee.’ Met haar vrije hand scheen ze met de zaklantaarn in de lijkkist. `Ik hoop dat we geen sporen hebben achtergelaten ─ het satijn niet met onze lichaamssappen hebben besmeurd.’ Johannes zat geknield naast de kist en hielp mee met het gladstrijken van de voering. `De man die hier over een paar uurtjes ligt, zal niet eens merken dat deze plaats nog warm is van onze lichamen,’ merkte ze grijnzend op. Ze scheen haar licht op hem. `Wat ben je stil,’ plaagde ze, `heb je je tong verloren... je tong die je zoëven nog bij mij...’ Ze zag dat hij vol ontzag naar haar onderlijf keek. `Kijk nog maar even goed naar me. Je laatste kans. Althans voor vandaag. Jij kleine wijsneus - dit kan je weer niet aan je neus voorbij laten gaan zeker.’ Ze streek met haar vinger over zijn neus. `"An der Nase eines Mannes erkennt man seinen Johannes" - heeft iemand je dat wel eens verteld?’

   Ze nam zijn hoofd in haar handen en duwde hem met zijn neus in haar kruis. `Om nog eenmaal mijn kruidige honinggeur op te snuiven,’ zei ze, `m’n speciale nestgeur ─ die mag je nooit vergeten. Ga nog even met je tong in m’n honingpotje, m’n lief klein honingbeertje. Want m’n liefdeshoning is een tonisch middeltje waar je weer helemaal van opkikkert. Het geeft je nieuwe krachten. Zo! Zo is het genoeg geweest. Dit was nog maar een voorproefje, de rest houd je nog te goed.’ Ze duwde zijn hoofd zachtjes van zich af, stapte uit de kist en trok haar spijkerbroek over haar blote onderlijf aan. Ze verlieten de werkplaats en gingen terug naar Jaaps woning.

  

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.