Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
2 juni 2019, om 20:21 uur
Bekeken:
54 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
14 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Ik ben te vaak verhuisd (deel 1)"


IK BEN TE VAAK VERHUISD. IN TOTAAL EEN TWINTIG KEER. 

Als 30 oct. 1942 geboren Renkummer vluchtten de ouders met hem vlak voor een inval van de SD naar Amsterdam, waar hij 25 jaar woonde,  naar school ging en als kunstenaar tot 1978 werkte, maar nooit  een hartstochtelijk Amsterdammer werd, alhoewel hij wel de stad lopend of fietsend verkende in zijn eentje of met een vriendje. In zijn biografie schreef  Fred van der Wal: Ik ben een dorpsmens en geen grote stads junkie. Nu hij 74 is, en na talloze adressen, heeft hij nog steeds zijn draai niet gevonden in een ruim vrijstaand huis met tien kamers en een grote tuin in St. Annaparochie, het grootste dorp van Het Bildt. Onlangs werd zijn Franse hypotheekvrije huis verkocht en over drie maanden gaat zijn huis in Friesland in de verkoop.“Korte tijd woonde ik na de oorlog in de Utrechstestraat 40 te Amsterdam bij mijn biologische ouders. Als die hoog lopende ruzies met vechtpartijen hadden werden we weken, maar ook wel maanden lang bij de grootouders in de Palestrinastraat 4 huis gestald, de Concertgebouwbuurt, vlak bij het Vondelpark.Het huis aan de Utrechtsestraat 40 was een winkelpand waar voorheen een NSB-er had gewoond. Op zolder lag een in elkaar getrapte viool, die door leden van de ondergrondse, die na de oorlog de held uit gingen hangen, vernield was. Er was achter de winkelruimte een piep kleine binnenplaats met marmeren tegels. En dan had je vlak bij de Utrechtsestraat de resten van het Paleis van Volksvlijt op het Frederiksplein, waar de prachtige galerij met het smeedijzeren Jugendstil hekwerk toen nog van over was Dan was er nog een piepklein binnenplaatsje.In die tijd werkte het GEB nog met munten voor gas en licht. Munten die je bij de melkboer kon kopen. Als het licht plotseling uitging, stopte je een munt in de meter en dan liep het zaakje weer. Bij ons is het meer dan eens voorgekomen dat na zessen het licht uitfloepte, melkzaak al dicht, dus dan zaten we in het donker..Ik heb heel even, twee maanden (november en december 1946) op het Frederiksplein op een kleuter-school gezeten, maar dat was echt heel kort. In 1949 ging ik naar de naar de van Loonschool in Amsterdam Zuid waar ik me goed thuis voelde. Kleine klas en een aardige, jonge onderwijzeres. Ik woonde toen weer bij de grootouders. Om deze dwars te zitten haalde mijn vader mij van school en bracht me midden in het derde leerjaar naar de school . Ik kwam terecht in een klas van 50 leerlingen. De onderwijzeres was al in de 70 en voerde een schrikbewind uit. Ik vond het er verschrikkelijk. Het eerste jaar ging ik elke dag met tegenzin naar school.In 1950 verbleef ik voor een half jaar bij de biologische vader en diens tweede vrouw in het huis Utrechtsestraat 40. Ik ging nauwelijks nog naar school, speelde op de kermis of op houtschepen en zat woesndagmiddagen en zaterdagochtend in de kinder bibliotheek die gevestigd was in een grote kelder ergens aan de Amstel. Van de Utrechtsestraat naar de Amstel liep ik al gelijk zelfstandig, dat kon toen nog voor een 7 jarige. Ik kon al heel goed lezen, dus dat was mee genomen.De stormnacht van de ramp in februari 1953. Ik had griep en lag een week thuis op de bank. Toen ik ‘s middags wakker werd, hoorden ik op de radio over de ramp. Tijdens de lagere schoolperiode was ik vaker ziek dan later.Na de lagere school kwam het Vossiusgymnasium waar ik vanwege mijn hoge cijfers een vrijstelling voor het toelatings examen kreeg.Ik vond ook die school afschuwelijk, was bang voor de leraren, helemaal niet echt blij toen ze me met 8 andere leerlingen niet over lieten gaan. Maar dat hele onderwijs… ik heb jaren later het hoofd akte examen van de kweekschool niet eens gedaan. Ik heb me op school nooit op mijn gemak gevoeld. Een dwang systeem waar je vrijwel uitsluitend nutteloze vakken leerde. Vooral de laatste maanden ging ik nauwelijks meer na een ziekte van Pfeiffer waar ik het hele jaar last van hield naar dat vreselijke instituut in Bloemendaal. Drie maanden voor het eind examen hoofdakte haakte ik voor goed af en was daarmee een van de vroege college drop outs. Ik zag mezelf al op een tweemansschool mijn leven lang als ik dat examen had gedaan, gehuwd met een stijl gereformeerde tang van een wijf en vijf kinderen op een rij. Ik ging jaren om met deze trouwlustig stijl gereformeerde gepassioneerde klasgenote, die hield het toen ook voor gezien. Ze wilde zo snel mogelijk trouwen om aan haar nesteldrang tegemoet te komen. Zag ik niet echt zitten. Nachtmerrie. 

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.