Gegevens:

Auteur:
Categorie:
Fantasy
Geplaatst:
9 augustus 2018, om 08:59 uur
Bekeken:
112 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
23 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Zij die de zon draagt 9"


Ze deed haar ogen open en zag dat het ontbijt reeds naast haar stond.  Verbaasd knipperde ze met haar ogen om volledig wakker te worden.  Een korte blik naar buiten vertelde haar dat ze erg lang geslapen had.  Ozar moest haar in haar slaapzak gelegd hebben.  Enkel Han was bij haar.  Toen hij zag dat ze wakker was zag ze hem opstaan en naar haar toekomen.  Ze ging rechtop zitten en merkte op dat er een klein verband om haar pols was gewikkeld.  De herinnering aan gisteren kwam in een flits weer boven.  ‘Goedemorgen Mirah,’ zei hij met een bezorgde stem terwijl hij naast haar kwam zitten.
‘Hoe voel je je?’ 
‘Beter denk ik,’ zei ze terwijl ze een poging deed om naar hem te glimlachen. 
‘En met jou?’ vroeg ze. 
‘Ook beter.’ 
Ze bekeek hem even aandachtig en zag dat hij geen koorts had.  Zijn arm was nog niet ontstoken en al aan het genezen.  Ze stond er versteld van.
‘Dank je voor je goede zorgen,’ zei Han haar dankbaar.  ‘Mirah,’ ging hij verder, ‘ik maak me zorgen om je…, gisteren…’ 
Ze onderbrak hem door een hand op zijn arm te leggen. 
‘Je moet je geen zorgen maken om mij,’ zei ze.  Ze zuchtte.  Met plots hese stem zei ze, ‘maar als jullie er gisteren niet waren geweest…’. 
Haar stem brak en ze voelde tranen ontwaken.  In een tevergeefse poging ze terug te dringen, sloeg ze haar handen voor haar gezicht. 
Zijn hand beroerde haar schouder. 
‘Goed zo Mirah,’ zei hij meelevend, ‘maar hou je tranen niet tegen, ze zijn een teken van genezing van je geest.’ 
Vertrouwde armen sloten zich om haar heen.  Een snik verliet haar keel.  Ze had hem niet zien aankomen maar was oneindig dankbaar dat Ozar nu bij haar was.  Stevig hield hij haar in zijn armen en nam haar innerlijke pijn van haar over, nu ze zich voor hem openstelde.  ‘Jullie zijn zo goed voor me,’ zei ze met betraande ogen toen ze na haar huilbui weer opkeek en Han nog steeds naast haar zag zitten.  Ze was niet langer zomaar een vreemde voor hem voelde ze aan, ineens ook beseffend dat hun inspanningen haar net uit een depressie hadden geholpen. 
Opeens hongerig, begon ze aan het ontbijt.  Ozar en Han hielden haar gezelschap terwijl Sid en Rave buiten de wacht hielden.  In gedachten verzonken besefte ze dat ze er een vriend bij had.  Een klein stemmetje op de achtergrond fluisterde haar toe dat ze geen vrienden mocht maken.  Ze drong dat stemmetje zo ver mogelijk naar de achtergrond. 
Toen ze gegeten had, begonnen haar reisgenoten zich weer in gereedheid te brengen om hun reis te vervolgen.  Ze overbrugde met hernieuwde moed in enkele passen de beschutting van de overhangende rotswand.  Een ijskoude wind benam haar de adem.  Op de vlakte was het niet zo koud geweest als hier.  Huiverend trok ze haar reismantel wat dichter om zich heen.  De zon scheen, maar het had de afgelopen dag ook hevig gesneeuwd.  Het zou een verraderlijke tocht worden dwars door de bergen.  Ze zag dat de Jurarch de sneeuw op enkele plaatsen hadden weggeschept om te kijken hoe diep hij was.  Zonder de sneeuwschoenen zou hij tot halverwege haar onderbenen komen. 
Sid kwam naar haar toe met een lang stuk touw en zei
‘Voor de veiligheid, ga ik dit stuk touw om je middel binden.  Met de anderen doe ik hetzelfde.  Mocht er iets gebeuren, dan heb je de steun van het touw.’ 
Ze knikte waarna hij het touw om haar middel bevestigde.  Na zich ervan verzekerd te hebben dat het vast genoeg zat deed hij hetzelfde bij de anderen en ten slotte ook bij zichzelf. 
De slee had hier geen nut, maar Ozar had hem alsof het niets woog, gewoon bij op zijn rug gebonden.  Sid, Rave en Han zouden voor haar lopen.  Ozar achter haar.  Als ze uitgleed had ze de bescherming van de Jurarch en het touw.  Het was een goed idee van Sid.  Terwijl Sid hiermee bezig was nam ze even een moment om haar omgeving te bekijken.  Links voor haar zag ze de brede en uitgestrekte vlakte liggen die ze hadden overgestoken.  Ernaast lag het bos dat zich licht glooiend richting het zuidwesten uitstrekte.  Rechts van haar zag ze de bergen liggen.  De bergtoppen schitterden in het zonlicht zo ver ze kon kijken.  Vandaag wachtte het gezelschap de moeilijke opdracht om een betrekkelijk steile klim te maken.  Het pad dat ze zouden moeten volgen steeg geleidelijk aan tot het op een hoogte achter de berg verdween. 
Sid was klaar met het leggen van de nodige knopen om iedereen en zichzelf en gaf het teken tot vertrek.  Hij zette zich in beweging.  Stap voor stap klommen ze hoger aan een tempo dat Mirah kon aanhouden.  Bij elke stap die ze zette zag ze de bergen die voor haar lagen steeds duidelijker.  Ondanks de sneeuwschoenen zakten ze toch door de nog verse sneeuw.  Ook bleef er regelmatig sneeuw aan kleven, waardoor het lopen moeizaam ging.  De hoogste bergtoppen lagen in het noordoosten en zover ze kon kijken was alles bedekt met sneeuw.  De zon had bijna haar hoogste punt bereikt toen het gezelschap op het punt aangekomen was, waar het pad dat ze volgden achter de berg verdween. 
Sid wees en zei ‘Onder de dikke sneeuwlaag loopt hier het pad, dat we moeten volgen.  Ik ben hier vaker geweest, dus ik weet de weg.  Let wel op!  Het is een smal stuk, dus wees voorzichtig!’
Ze wreef even over haar vermoeide kuiten en nam dankbaar gebruik van de pauze om op adem te komen.  Ze keek in de richting waar hun pad zou moeten zijn en zag met moeite een iets vlakker stuk dat tegen de berg aanliep.  De sneeuw verhulde de vaste grond en aan hun linkerkant was er niets behalve de afgrond.  De schaduw van de berg lag reeds over de vallei.  De weg die Sid gewezen had, beschreef de hele verdere achterkant van de berg tot in de vallei.  Aan de achterkant van de vallei zouden ze dan weer een klim moeten maken om tot aan een kloof te komen, waar hun een hele steile klim te wachten stond.  Haar benen begonnen te protesteren van de steile klim die ze nu al enkele uren volhield.  Haar spieren waren dit niet gewend.  Ze moest goed opletten waar ze haar voeten zette, ondanks het geëffende terrein door de drie Jurarch voor haar.  Het touw tussen Han en Ozar werd vrij strak gehouden, zodat ze er altijd met haar handen op kon steunen.  Hier in de schaduw van de berg, waren ze sneller genoodzaakt hun kamp op te zetten voor het donker werd.  Er was niet veel sprokkelhout voorradig om een vuur te maken.  Op enkele dode bomen na stond er niets.  In de schemering van de achterzijde van de berg vroor het reeds.  Door de inspanning van de klim had ze het warm gekregen, maar nu het besneeuwde pad lichtjes daalde begon ze het koud te krijgen ondanks haar warme reismantel.  De kraag van haar reismantel had ze tot ver over haar oren getrokken om ze zoveel mogelijk te beschermen tegen de kou. 
Plotseling hoorde ze Ozar een waarschuwing roepen, maar haar reactie kwam te laat.  Ze had niet door dat ze in de losse sneeuw naast het pad was gaan lopen.  Opeens viel ze dwars door de sneeuw die over de rand van de weg had gelegen.  Ze zocht tevergeefs naar houvast. 
Zowel Han als Ozar hadden zich schrap gezet.  Het touw zette zich strak.  Op hetzelfde moment voelde ze Ozars stevige greep om haar bovenarm.  Even later stond ze met bonzend hart terug op het pad. Sid had halt gehouden en wees naar een paar rotsblokken verderop.  Ozar gromde iets naar Sid.  Het bonzen van haar hart verminderde geleidelijk.  Sneeuw kleefde door haar val vast aan haar laarzen en broek.  De sneeuw prikte venijnig in haar al ijskoude handen toen ze de ergste sneeuw van haar broek afveegde.  Haar zwakte verbijtend, zette ze zich gelijk met de rest toch in beweging naar de plek die Sid had aangeduid.  De weg voor hen werd hier gelukkig wat breder.  Zowel Han als Ozar kwamen elk aan een zijde naast haar lopen.  Beiden boden haar een arm aan.  Dankbaar haakte ze haar armen om die van hen.  Huiverend van de kou zette ze door, intussen half gedragen door zowel Han als Ozar, tot ze uiteindelijk opgelucht de rotsblokken bereikten.
Sid en Rave gingen meteen aan de slag en maakten de plek sneeuwvrij.  Ze waren er even mee bezig, maar doordat ook de ondergrond van graniet bleek te zijn viel dat mee.  Han begon met het zoeken naar het schaarse hout dat er te vinden was bij de weinige bomen die op deze hoogte stonden.  Ozar begeleidde haar naar een rotsblok, maakte die sneeuwvrij zodat ze er even op kon gaan zitten.  Vervolgens nam hij de slee van zijn rug, zette die op de grond en hielp haar daarop.  Nadat de kampplaats sneeuwvrij was gemaakt en Han teruggekeerd was met het hout maakten ze een zuinig kampvuurtje.  De Jurarch legden hun bepakking aan de overzijde van de rotsblokken zodat de wind toch enigszins werd gebroken.  Ze zat intussen te rillen van de kou.  Ozar rolde onmiddellijk haar slaapzak uit.  Met gevoelloze en trillende vingers probeerde ze haar laarzen uit te trekken.  Ozar kwam haar te hulp en trok voorzichtig een voor een haar laarzen uit.  Onmiddellijk begon Ozar haar voeten warm te wrijven.  Toen het vuur eenmaal goed brandde bracht Ozar de slee er zo dicht mogelijk naartoe, wikkelde haar slaapzak om haar voeten en benen en zijn slaapzak om haar bovenlichaam.  Han schoot hem te hulp waardoor Ozar achter haar op de slee kon gaan zitten.  Nu begon hij ook haar armen warm te wrijven.  Han masseerde intussen haar onderbenen en voeten totdat ze het langzaam weer warmer begon te krijgen.  Ze stopte met rillen.  Ook de band van magie gaf haar lichaam extra energie merkte ze.  Sid had de taak op zich genomen om het voedsel klaar te maken.  Hij gaf haar toen hij klaar was een grote dampende kom soep.  Dankbaar nam ze hem aan.  Han had ergens uit zijn bepakking nog een bontvacht vandaan gehaald en legde die ook over haar benen en voeten. 
‘Dank je, Han.’ zei ze tegen hem. 
‘Ik ben blij iets voor je te kunnen doen,’ was zijn antwoord alvorens ook hij van zijn soep begon te eten. 
Ozar was achter haar blijven zitten.  Wat een luxe dacht ze.  Zo vertroetelt worden door vier mannen.  Ze moest in zichzelf lachen om haar eigen gedachten.  Hoeveel vrouwen zouden dit ook niet wensen?  Alhoewel Ozar haar gedachten kon aanvoelen, zei hij er niets van.  Integendeel, hij maakte haar duidelijk dat ze achterover kon leunen, want hij zat tegen een rotsblok aan.  Dankbaar om de warmte leunde ze tegen hem aan.  Haar hoofd lag nu op zijn borstkas, die omhuld werd door het zachte leder van zijn reismantel.  Die gaf een zachte warmte af.  Zijn armen omsloten zacht haar buik en schouders zodat de koude volledig werd buitengesloten.  Langzaam werd ze in slaap gewiegd door zijn ademhaling die zijn borstkas zachtjes in beweging bracht.  Dit was het beste bed waarin ze ooit geslapen had.
De volgende ochtend werden ze al vroeg gewekt door een nieuwe sneeuwbui.  Bij gebrek aan een dak boven hun hoofd waren ze verplicht snel verder te trekken.  Mirah had het weer warm en gaf zowel Ozar als Han een spontane omhelzing voor alles wat ze voor haar gedaan hadden.  Ze vertrokken van hun kampplaats in dezelfde opstelling als ze gekomen waren.  Alhoewel ze het niet echt nodig had kwamen Han en Ozar opnieuw vlak naast haar lopen zolang dat mogelijk was.  De sneeuw viel nu in dikkere vlokken en de wolken boven hun hoofden boden de belofte van nog veel meer sneeuw.  Sid had haar tijdens het ontbijt gezegd dat ze vandaag zouden proberen de overzijde van de vallei te bereiken.  Zo hadden ze opnieuw de beschutting van het gebergte tijdens de volgende nacht.  Alhoewel ze vandaag geleidelijk aan moesten dalen, ging dat niet gemakkelijk.  Ruwe rotsblokken waren verraderlijk verborgen onder een dik pak sneeuw.  Het was ook niet duidelijk of ze vast genoeg lagen om er overheen te lopen.  Sid, Rave en Han deden het zwaarste werk.  Enkele keren kwam het voor dat er een rotsblok te los bleek te zitten, zodat ze er uiterst voorzichtig omheen moesten lopen.  Tijdens die momenten had ze alleen de steun van het strakgetrokken touw.  Ze had intussen een volledig vertrouwen in haar metgezellen die weinig problemen ondervonden van hun grip in de sneeuw.  Ze leken zo sterk dat het haar niet zou verbazen als ze een boom met wortel en al uit de grond konden trekken.  De wind was niet zo ijzig koud als de vorige avond. 
Sid bleef heel even staan op een veilig stuk zodat ze hem konden inhalen. 
Hij zei tegen Ozar ‘Omwille van de sneeuw zou ik willen voorstellen vandaag geen pauzes te nemen en in een stuk door te gaan naar de overzijde, wijzend naar de vallei in de verte.  In de vallei zelf is er geen beschutting en ik zou toch al halverwege de volgende klim willen zijn vannacht.  Hopelijk vinden we daar een geschikte kampeerplaats.’ 
Ozar antwoordde ‘Goed, als het te moeilijk wordt help ik Mirah wel.’ 
Han knikte instemmend.  Ze namen geen pauze en aten al wandelend hun middagmaal.  In de late middag echter begon Mirah het weer moeilijk te krijgen, niet door de kou, maar doordat haar beenspieren begonnen te verkrampen.  De weg die ze moesten volgen lag dwars over de lage uitlopers van een gletsjer.  De bodem onder de oppervlakkige sneeuw was erg glad.  Het was zelfs met sneeuwschoenen verraderlijk om erop uit te glijden.  Hierdoor kostte iedere stap haar nog eens extra moeite.  Ze voelde dat de band van magie werkzaam was, maar die kon er niet voor zorgen dat ze oneindig verder kon gaan.  Met haar kaken stevig op elkaar geklemd zette ze door. 
Opeens gaf Ozar Sid het bevel te stoppen.  Eindelijk, dacht ze, en zou voorover gevallen zijn als Ozars arm dat niet tijdig had voorkomen. 
‘Mijn benen,’ zei ze met tranen in haar ogen, ‘het spijt me.  Mijn conditie is hier gewoon te slecht voor.’ 
‘We vinden er wel iets op,’ zei Ozar geruststellend.  Ineens had hij een idee ‘Han, wil je de slee van mijn rug nemen?’  Han deed wat hij vroeg waarna ze er opgelucht op ging zitten.  Ze greep onmiddellijk naar haar benen om ze te masseren.  De krampen namen iets af maar zouden onmiddellijk weer erg worden als ze nog een stap zou durven zetten. 
‘Het spijt me,’ riep ze Sid toe, ‘maar ik kan even niet meer.’ 
Sid knikte en begon te overleggen met Rave.  Han schoot haar te hulp om haar benen te masseren.  Toen ze even later toch wilde proberen weer recht te staan hield Ozar haar tegen. 
‘Nee’ zei hij, terwijl hij zich richtte naar Sid. 
‘We mogen haar niet uitputten, Sid.  Wel begrijp ik dat het voor onze veiligheid het beste is dat we op je aangeduide punt ons kamp opslaan.  Ik zou haar kunnen dragen, maar het risico op losliggend gesteente is hier te groot.  We kunnen de slee proberen.’  Hij richtte zich tot Han.  ‘Maar we moeten de slee stabiel tussen ons inhouden zonder haar in gevaar te brengen.’
Han knikte en zei ‘Laten we dat doen.’
Sid wendde zich tot Mirah en Ozar. 
‘Rave en ik gaan vooruit om onze kampplaats en de klim ernaartoe voor te bereiden want die gaat moeilijk bereikbaar zijn.  Ik reken erop dat Han en Ozar je voldoende kunnen helpen.  Binnen een paar uurtjes zijn we weer tesamen.’ 
Mirah vond het erg dat omwille van haar zwakte de groep verplicht werd, ook al was het maar voor even, uit elkaar te gaan.  Nogmaals probeerde ze recht te staan. 
Ozar zei meteen ‘Niet doen Mirah, we vragen gewoon veel te veel van je.  Momenteel gaat het niet anders dan het zo te proberen.’ 
Ze keek moedeloos toe terwijl Ozar en Han aan de slag gingen met touwen om de slee zo tussen hen in te spannen.  Toen ze klaar waren liep Ozar voorop en trok met behulp van een tweede touw om zijn middel de slee met Mirah verder.  Het ging moeizaam omwille van de losliggende stenen, maar toch slaagden de twee Jurarch erin de slee stabiel te houden. 
Mirah hield zich stevig vast aan de smalle boomstammen.  Ze was nog steeds met het touw verbonden tussen Ozar en Han.  Dat hing nu soepel, zodat ze er niet teveel hinder van zou ondervinden nu ze zat.  Zo liepen ze gestaag verder in het spoor van Sid en Rave.  Het begon harder te sneeuwen.  Voorzichtig draaide ze zich om naar Han, die twee meter achter haar liep.  Ze zag hem door de dikke vlokken nog maar amper.  Hoeveel tijd was er al verstreken?  Ze wist het niet meer.  De wolken boven hen werden met de minuut donkerder, tot er plots donder rommelde over de bergen.  Van schrik hield ze haar adem in.  Ozar begon aangespoord door het onweer iets sneller te lopen. 
Plotseling sloeg een bliksemschicht in op de berg vlak voor hun.  Zowel Ozar als Han haalden dadelijk hun touwen verbonden met Mirah aan en gingen nog sneller lopen.  Sneeuw belette haar het zicht.  Er weerklonk een oorverdovend geluid als donder.
Een plotse bliksemschicht liet haar opeens de volle omvang van het dreigende gevaar zien.  Het was al te laat.  Slechts een hartslag van hen verwijderd kwam een enorme sneeuwlawine recht op hun af.  Om de klap zoveel mogelijk af te weren sloeg ze haar armen over haar knieën en hield haar hoofd naar onder.  Zowel Han als Ozar sprongen tegelijk naar haar toe, maar ze kwamen een milliseconde te laat voordat de sneeuw hen genadeloos meenam.
De klap was hard en benam haar de adem.  Op slag was het donker en werd de druk op haar borstkas steeds groter.  Ze wilde om hulp roepen, maar er kwam enkel sneeuw in haar mond.  Vaag kwam de gedachte dat ze nog een andere manier van hulp roepen kon gebruiken, maar de klap had haar half bewusteloos geslagen.  Ze probeerde haar hand te bewegen.  Die zat muurvast.  Naar kleine beetjes adem happend probeerde ze met alle moeite in leven te blijven.  Het gebrek aan zuurstof werd haar fataal.  Vaag merkte ze een gevoel op.  Ergens onder of was het boven haar kwam beweging in de sneeuw.  Het zou toch te laat zijn dacht ze. 
Toen klonk er een gesmoorde stem als van ver, ‘Ozar, hier!’  Er kwam nog meer beweging rondom haar.  Een vaag lichtje als aan het einde van een tunnel werd zichtbaar.  In een oogwenk, die naar haar gevoel een eeuwigheid leek te duren, trokken sterke armen haar onder de sneeuw vandaan.  Ze probeerde naar adem te happen maar de sneeuw in haar mond en neus verhinderden het haar.  Ze werd neergelegd.  Vingers maakten snel maar zo voorzichtig mogelijk haar mond en neus sneeuwvrij.  Nog steeds kreeg ze geen lucht.  Een zwarte afgrond trok haar mee.  Een afwisselende druk op haar borstkas verbood haar op te geven.  Plots voelde ze haar longen branden van nieuwe zuurstof.  Ze hoestte en bleef hoesten.  Haar ogen traanden en haar spieren rilden nu onophoudelijk.  Iemand deed een poging haar warm te wrijven. 
Hou vol klonk een vreemde stem in haar hoofd.  Ze kende die stem ergens van. 
Lieve Mirah hou vol! 
Ze voelde dat wat ze aanhad werd uitgetrokken zodat ze vrijer kon ademen.  Toen voelde ze een bron van warmte.  Heel langzaam stopten haar spieren met rillen en nam haar lichaam dankbaar de warmte op die het werd aangeboden.  Onbewust wist ze dat het goed zou komen. 
Met een ruk opende ze haar ogen weer.  Haar stem weigerde dienst.  Ze bevond zich in Ozars armen en zag zijn bezorgdheid weerspiegeld in zijn ogen.  Hij hield haar zo voorzichtig in zijn armen alsof hij bang was haar nog meer pijn te doen. 
‘Mirah… het spijt me zo…,’ fluisterde hij alsof hij zijn stem niet meer vertrouwde. 
Zijn hand omvatte even haar wang.  Op dat moment zag ze een traan uit zijn ogen glijden. 
Ze wilde iets zeggen, maar haar stem liet haar nog steeds in de steek.  Het besef van wat er gebeurd was drong nu volledig tot haar door.  Ze hadden haar uit de sneeuw getrokken en ze was onderkoeld geraakt.  Zo goed als naakt lag ze tegen zijn eveneens bijna naakte lichaam.  Er was geen andere bron van warmte geweest die haar anders op tijd had kunnen redden.  Zijn en haar reismantel plus hun slaapzakken lagen onder en over hen beiden. 
Hij nam het zich enorm kwalijk.  Dat zag ze in zijn houding.  Hij had gefaald haar hiervoor te behoeden.  Ze moest hem duidelijk maken dat ze in orde was. 
Dank je mijn vriend sprak ze tot de aanwezigheid in haar hoofd. 
Je hebt mijn leven gered. 
Meer kon ze niet voor hem doen.  Hij zou zelf een manier moeten vinden om zich voor zichzelf te verantwoorden.  Ze hoopte oprecht dat hij zichzelf kon vergeven, want ze wist dat hij alles gedaan had wat maar mogelijk was geweest. 
Toen drongen andere geluiden zich op. 
Ze herkende de stemmen van Sid, Rave en Han.  Het drong tot haar door dat ze de overzijde van de vallei niet tijdig had weten te bereiken.  Langs Ozar heen kijkend zag ze dat het drietal bezig was met het maken van een geïmproviseerde hut.  Het sneeuwde nog steeds.  Ze maakten gebruik van hun voorraden en wat ze ook maar konden vinden aan hout of stenen om de hut te verstevigen.  Het dak dat uit enkele boomstammen bestond was reeds afgesloten met vellen van bont.  Hierdoor kon de sneeuw die nog steeds viel niet op haar terecht komen. 
Han zag dat ze weer bij bewustzijn kwam, liet zich op zijn knieën in de sneeuw naast haar vallen en raakte aarzelend haar schouder aan. 
‘Het spijt me.’
Ook zijn stem brak bijna van de emotie. 
‘Het komt wel goed,’ fluisterde ze bijna onhoorbaar.  Ze hoorde Sid, Rave en Han na een tijdje hun kamp opstellen rondom haar en Ozar. 
Ozar was over de eerste schok heen aan het geraken.  Hij liet haar echter niet los.  Hij zou haar al zijn warmte geven als dat moest.  Even later brandde er een vuur naast haar.  Nog even later bracht Han haar soep.  Hij hielp haar door haar hoofd te ondersteunen en haar beetje bij beetje te laten drinken. 
Toen Han weg was voelde ze de warmte van de soep zich verspreiden naar alle uithoeken van haar lichaam.  Ozar zelf at niets.  Nu hij geruster was dat ze het echt zou redden streelde hij haar zacht over haar voorhoofd, haar via hun band van magie naar een diepe helende slaap sturend.
De rest van die dag en nacht bleef hij haar vasthouden en was hij kwaad op zichzelf.  Hij kon het zich niet vergeven.  Maar het was toch zijn plicht haar te blijven beschermen.  Hij besloot dat hij verder moest omwille van haar.  Maar hij maakte zichzelf de belofte dat hij nooit meer zou falen.



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.