Gegevens:

Categorie:
Horror
Geplaatst:
14 juli 2018, om 09:49 uur
Bekeken:
47 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
10 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Nina"


Voordat ze de buitenwijken van Parijs bereikten werd er nog een sanitaire stop ingelast bij een groot en bijna verlaten parkeerterrein achter een tankstation langs de snelweg. Even de benen strekken. Maar niet te lang, waarschuwde Lange Hans. Het zou nog een hele toer worden om hun hotelletje te vinden ergens in een oude buurt waar ze enkele dagen zouden verblijven. Toen ze weer instapten ging iedereen zoals afgesproken op een willekeurige andere plaats zitten. Zo zat Jolien naast Nina Nijdam, een nijdigkijkende, zwijgzaam meisje, over wie ze op school eens een gesprek van enkele vijfdeklassers had opgevangen: de leerlingen hadden het over Nijdkutje Nijdam en ze werd ook wel Nasty Nina genoemd. Niemand wilde iets met het kind te maken hebben, leek het. Behalve als het ging om een wiskunde probleem. Nina was een kei in dat vak. Ze was nooit te beroerd om iemand daarbij te helpen. Als Ronnie, een Indische jongen, zacht zingend Nina Bobo, een liedje dat hij op grootmoeders schoot had geleerd, met een vleiend lachje op haar toestapte en het immer booskijkend bolleboosmeisje uit de eindexamenklas om hulp vroeg, zonderden die twee zich af in een hoekje van de kantine. Ze legde dan met haar snauwerige stem maar met engelengeduld de zaak uit tot hij het eindelijk snapte. Trima kassie, zei hij dan dankbaar.

   Nee, Nina was geen lachebekje. Trouwens, niemand van de nerdreizigers was dat. Het gezelschap bestond uit bloedserieuze leerlingen en docenten en verder wat mensen zoals Babs en de Belgin van wie Jolien niet wist waarom ze juist deze busreis hadden ondernomen om naar het zuiden af te reizen.

Arme Nina had haar kop niet mee, zou je kunnen zeggen. Men scheen ook een beetje bang voor haar te zijn. Die stem van haar… en die verbeten blik, die ontevreden trek om haar mond. Jolien had het meisje eens ter sprake gebracht bij Verburg, de leraar Nederlands die in de eindexamenklas haar mentor was. Het was op een rustig moment in de docentenkamer. De man dacht even na en zei toen: ‘Een ex-gereformeerde meid uit een naargeestig grefodorp. Hier… om je een indruk te geven…’ Hij viste een dun Salamanderboekje uit een stapeltje van zijn bureau, bladerde erin, en las met sombere stem voor: ‘“ … de absolute walgelijkheid van het mensdom en al het geschapene. De mens was niets: drek, stront, mest, poep, kak, schijt, duiven, hok, gijs, weide, does, schapen.” En hier: “… hun kinderen, die zij verwekten na een kort gestoot en een knorrig ‘welterusten’.” Dat is de achtergrond van onze Nina, zo is zij opgevoed in dat dorp. Een jongensmeisje dat ernaar snakte om daaruit weg te komen, net als de hoofdfiguur uit dit boekje. Naar Amsterdam…’ Verburg sloeg het boekje dicht en legde het boven op een van de stapeltjes die hij naar thema gerangschikt op zijn bureau klaar had liggen voor zijn leerlingen. Jolien zag dat de titel ervan Het jongensuur was en de schrijver Andreas Burnier en nam zich voor het boek uit de openbare bibliotheek te lenen.

   Op dat moment was in de bus vlak bij haar een discussie aan de gang tussen Nina en de twee meiden aan de andere kant van het gangpad, Wanda en Marianne. Ook enkele jongens draaiden zich om in hun zitplaatsen en mengden zich in het gesprek.

   ‘Wat denken jullie, zou Nina met ons mee rennen, geheel naakt of half ontbloot, door de straten van Rome in navolging van die generaal Marcus Antonius?’ vroeg Karel met luide stem. Er werd gelachen. Nerd Nico kwam lang en slungelachtig in het gangpad staan. ‘Je bedoelt tijdens ons Lupercalia feest?’

   ‘Waarom niet,’ zei Nina smalend. Ze keek de andere misprijzend aan. ‘Als die Romeinse Lupercalia-vierders dat zo deden, eens per jaar, doen wij dat toch ook, wat kan ons dat schelen… qui mal y pense… ik doe heus wel mee hoor met jullie.’

   ‘Ik zie het al voor me: naakte rennende wijven met hun schommelborsten… en jongens met zwiepende zwiemels…’ Nico bestierf het haast.

   ‘Je moet juist bewijzen dat het voor ons niet uitmaakt hoe je er uit ziet,’ zei Nina beslist. ‘Of je nou twee halve voetballen voor je uit hebt, of zoals ik zelf twee kleine puntborstjes…’

   ‘Twee erwten op een plankje,’ zei iemand.

   ‘Two fried eggs on a plate,’ werd er geroepen.

     ‘Bolrond of peervormig, wat maakt het uit; je moet jezelf accepteren zoals je eruit ziet,’ stelde Nina.

   ‘Ook al zijn het twee gebutste kweepeertjes met tepels die ieder een andere kant op kijken?’ vroeg Karel, die met zijn lichaam gedraaid en met zijn benen bungelend over de armleuning zat.

   ‘Maakt niks uit,’ zei Nina weer.

   Nee, twee rijpe mango’s van ongelijke grootte,’ riep Ronnie.

   ‘Of twee Maagdenburgse halve bollen, twee Zeppelins naast elkaar.’

   ‘Geeft allemaal niets,’ hield Nina koppig vol. ‘Je bent zoals je bent, we zijn zoals we zijn, dat hebben we te accepteren.’

   ‘Een waarheid als een koe, comme une vache, wie eine Kuh,’ viel Wanda haar bij. ‘Noteer mij alvast voor half ontbloot. Of je nou prangende borsten hebt of niet, het zou niets uit moeten maken…’

   Men schoot in de lach.

   ‘Niet prangende borsten maar pronte borsten,’ corrigeerde Marianne haar.

   ‘O ja, je hebt gelijk: pronte.’

   ‘Ik beloerde vorige zomer mijn buurmeisje die op het platte dak naast ons huis in haar nakie lag te zonnebaden,’ zei Arie. ‘Twee gebakjes die je wordt aangeboden leek het wel, je zou er zo in hapje in kunnen nemen.’

   ‘Jongens, waar gaat dit over,’ vroeg Jolien.

   ‘Over hoe we uit de band zullen springen als we eenmaal in Rome zijn,’ kwam het antwoord van Karel. ‘Dat is pas over een paar dagen maar we zijn daar nu alvast plannen over aan het maken. Iedereen is het erover eens dat we eenmaal in Rome de kans moeten aangrijpen om ons eens goed schandalig te misdragen zoals de oude Romeinen dat deden. Daar heeft onze hele nerdgroep zin in en recht op.’

     ‘Maar zo’n Lupercaliaanse naaktrennerij door de straten van Rome, daar is het nu toch de verkeerde tijd van het jaar voor?’ merkte Arie op. ‘Die toestanden speelden zich altijd af in februari, we zitten nu in augustus.’

   ‘Wat kan ons dat schelen, we passen het feest aan. We geven die oude Romeinse gebruiken onze eigen interpretatie,’ stelde Karel voor.

 

 

  

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.