Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
20 juni 2018, om 22:53 uur
Bekeken:
27 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Hij liep over de binnenplaats van het atelier complex "


Hij liep over de binnenplaats van het atelier complex door de poort naar de winkelstraat.

Het was warm. Summer in the city, things were lookin’pretty waren woorden uit een Flower Power popsong.

De tram reed net voorbij. Voor het Surinaamse café naast de uit-gang van het atelier complex stonden een dozijn rijksgenoten te lummelen.

De ghettoblaster op de schouder. Gedrag overgenomen uit de slums van New York. 

Begin jaren zeventig kraaide een Amsterdamse linkse politicus: ’Er is voor het eerst heroïne op grote schaal  in Amsterdam! We zijn een wereldstad!’

Als heroïne ergens voet aan de grond kreeg was het niet meer uit te bannen.

 

Regelmatig reed een politiewagen langs de tweede Nassaustraat. Snel werden kleine pakjes met wit poeder door de rijksgenoten die op de stoep voor het Surinamer café met de naam ‘Kunta Kinte’ ver borgen in vullisbakken en bloempotten.

De naam van de kroeg: Kunta Kinte?

Een slavennaam uit een TV serie.

Voor het raam van de kroeg een bord met een slordig geschreven  ‘Verboden voor blanken’.

Als voor de ruit van een café een bord had gestaan met ‘Verboden voor zwarten’ was de hele internationale pers er op af gevlogen.

Naast het café een automatiek van een Chinese vrouw waar hij vaak frites haalde.

Tijdens het wachten gooide hij vaak een gulden in de flipper auto-maat.

Flikkerende lampen, felle kleuren, staccato geluid.

Hij gooide nooit hoge ogen bij het flipperen.

De teller ratelde. Meer succes in de liefde dan in het spel was er ook niet bij.

Behendige tactiek verplicht. Reactievermogen.

Ook daar ging het er om de knikkers in het knikkerpotje te krijgen.

Hij haalde aan de overkant meestal een wit stokbrood, dat hij bij voorkeur tijdens een wandeling in het nabij gelegen Westerpark zonder boter of beleg droog op at en nam altijd een pak halfvolle melk mee om het droge brood weg te spoelen.

Hij kende geen treuriger, troostelozer park.

Als hij er met collega Harry doorheen liep was er steevast een bank bezet met gemeen kijkende monkelende oudjes die tegen Harry in plat Amsterdams riepen : ‘Kolere, daar hebben we Alexander Pola al weer! Gotsalmeliefhebbe! Net zo’n jodenneus en dezelfde bril! Hoe krijg je het voor mekaar!’

Harry leek sprekend op Alxander Pola van het TV programma.

De monkelende oudjes stootten elkaar grijnzend aan.

De samen zwering van verongelijkte, laag geschoolde maatschap pelijk mislukte achterbuurtbewoners. Uitschot met paarse drank neuzen.

Een andere grijsaard tegen Harry: ‘Hallo hee, krijg nou wat, daar hebben we Sallie, goocheme Sallie met zijn roomijskar, die ver zwartste nar, zo muzikaal als de chazan met zijn paarse kop en die jodendop, geen top maar flop, die dove garnaal, pakt je poen af en gaat met je roomijs an de haal!’

Het leek wel modern proza van Lucebert.

Weer een ander: ‘We hebben heel wat van jouw soort de oorlog door geholpen, lelijke smous met je misjpoge, as je dat maar weet, brillenjood! Mazzel dat jouw soort hier  nog vrij kan rond lopen en je niet vergast bent, maar voor hoe lang? Het kan gauw weer oorlog wezen!’

Op de terugweg kankerde Harry dat het allemaal ex-NSB-ers wa- ren in de Staatsliedenbuurt, Jodenverlinkers pur sang, die lulden allemaal net zo, wist hij heel zeker.

Het antisemitisme was niet uit te roeien in de Staatsliedenbuurt.

De toffe Amsterdammers met hun onbetaalbare humor die op straat lag.

Soms ging hij op een bankje zitten als er niemand zat. Eens zou hij in Frankrijk gaan wonen wist hij nu al.

Land of hope and dreams.

Daar hadden ze stokbroden in overvloed en heel wat smakelijker dan van een Amsterdamse bakkerij.

Pas vijfendertig jaar later sept. 2002 zou die Franse droom werke- lijkheid worden. Het was meer een daad dan een droom. In Holland was geen plaats voor hem.



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.