Gegevens:

Auteur:
Categorie:
Fantasy
Geplaatst:
3 oktober 2017, om 18:36 uur
Bekeken:
73 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
11 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Medaillon Deel1"


Op de weg was het stil. Er waren geen sporen meer te zien van andere reizigers door de dikke laag van pas gevallen sneeuw. Era spoorde haar paard nog eens aan. De mist hing laag boven de grond en het maakte dat haar broek langzaam nat werd. Ze wilde graag voor het donker thuis zijn. Ook al wist ze dat dit waarschijnlijk niet meer ging lukken. De grond onder de hoeven van haar paard was bevroren en ze merkte dat ook hij er geen zin meer in had. Ze was al 3 dagen weg van huis om al het graan te verkopen dat haar moeder nog op het laatste moment had geoogst. Ze had alles in grote manden gedaan en deze op de rug van haar paard gebonden. Gelukkig voor hem waren deze nu zo goed als leeg. Het enige wat ze nu nog bij zich had waren kleine voorraden voor de komende winter. Ze haatte het om alleen te moeten reizen. Vroeger ging ze altijd met haar broer. Maar nu hij ziek was moest ze het alleen doen en, van het geld dat ze verdiend had aan het graan, kon ze eten en medicijnen voor haar broer en moeder kopen. Het was koud en de wind waaide guur langs haar gezicht. Stevig trok ze de kraag van haar mantel wat verder omhoog. Langzaam zag Era de laatste zonnestralen achter de bergen verdwijnen. Gelukkig was ze bijna thuis. Wijd uitgestrekte weilanden omringende haar. In de verte zag ze de naaldbossen die hun scherpe toppen duidelijk lieten aftekenen tegen de donkere avondlucht. Een geur die herkenbaar was vulde diezelfde koude avondlucht. Vers brood. Era merkte dat ze honger had en moe was. Misschien kon ze nog wel even een dutje doen en dan thuis nog wat eten voor ze naar bed zou gaan. Era zakte diep onderuit in het zadel. Het zadel was te groot voor haar, het was een zadel gemaakt voor een man en voor een paard met een brede rug. Haar moeder zei dat ze hem ooit eens ergens had gevonden. Een eigen zadel zou ze nooit kunnen betalen. Zelfs als ze al het graan van dit jaar voor een redelijke prijs verkocht kon krijgen zouden ze nog maar net de winter door komen. Een goede verkoopster was ze nooit geweest. Ze wilde altijd vriendelijk blijven. Zelfs tijdens het onderhandelen over de prijs bleef ze aardig tegen haar kopers. Niet altijd even handig, besefte ze maar al te vaak. Heel wat keren werd ze uitgelachen door de kooplieden en haar broer moest dan altijd voor haar opkomen. In de verte hoorde ze hoeven van meerdere naderende paarden. Era spitsen haar oren om in te schatten hoe ver weg ze van haar waren. Naar haar inschatting reden ze snel genoeg om haar uiteindelijk in te halen. Langzaam ging ze recht op zitten en keek over haar schouder. Nog niets te zien. Era bedacht zich wie er nog meer, zo laat op de dag, deze route zou nemen. Langzaam stuurde ze haar paard naar de rand van de zandweg, het hoge gras in. Hier was de sneeuw nog zachter en haar paard zakte tot zijn knieƫn in de sneeuw. Gelukkig had het beest er geen last van en bleef daar langzaam en rustig verder lopen. Nu kon ze het goed horen. De paarden trokken iets voort. Misschien een grote kar. Era draaide zich nog eens om. Ja, het was duidelijk een kar of een koets. Een aantal keer viel de schemering op het steeds groter wordende gevaarte. Nog een keer draaide Era haar hoofd. Nu nog geen enkele meters van haar vandaan reed, nu duidelijk, een koets met flinke snelheid in haar richting. Voortgetrokken door vier grote paarden. De koets was prachtig uitgesneden uit massief hout en leek wel uit een stuk te bestaan. Het hout had een zeer donkere kleur, veel donkerder dan de bomen die hier stonden. Het waren duidelijk raspaarden die de koets trokken. Ze leken in de verste verte niet op de knol waar zij op reed. Hun manen strak gevlochten en hun vacht was gitzwart. Het glansde zo dat ze het idee had dat ze zichzelf erin kon zien. De koetsier keek haar voor geen enkel ogenblik aan. Het geheel haalde haar in. Hierdoor was er heel even te zien wie erin de koets zat. Een jonge man, ze schatte hem iets ouder dan zichzelf. Naast hem een jonge vrouw, zij leek dezelfde lijftijd als zichzelf. Een vrouw tegen over haar met daar naast een andere man. Beide waren al op leeftijd. Alle vier de personen leken geen idee te hebben van haar aanwezigheid of wilde dit in ieder geval niet uitstralen. De koets reed voorbij en hij verdween in de avondmist. Ze had de koets hier nog nooit eerder gezien. Naast dat, was de enige richting die deze weg leidde naar de Donkere Wouden. Verder was zijzelf nog nooit geweest. Mensen uit de stad zeiden altijd dat als je ooit de bossen weer uit kwam je een ander mens zou zijn. En dat er wezens leefden waar je geen woorden voor had om ze te beschrijven. Mensen spraken zelfs over het land achter de bossen, je zou daar magie kunnen vinden. Maar hier geloofde Era niet in. Onzin vertelde ze zichzelf altijd. Eigenlijk kon het haar ook niet veel schelen. Ze wilde naar huis. Naar een warm bad en haar bed, misschien nog wat eten voor ze naar bed zou gaan. Haar maag knorde luid. Ja, vooral eten.



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.