Gegevens:

Auteur:
Categorie:
Liefde/Romantiek
Geplaatst:
24 augustus 2017, om 16:20 uur
Bekeken:
116 keer
Aantal reacties:
0

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Matarr de zoon van Tom hoofdstuk 15 & 16"


HOOFDSTUK 15

 

Zes jaar geleden, toen ik nog maar dertien was, heeft hij gezorgd dat ik naar die school in Amsterdam kon, Hij had in die tijd het hotel in Lamin Lodge geërfd, en daarom wil hij mij daar voorlopig als manager hebben. Daar ben ik niet zes jaar voor naar school geweest, om voorlopig daar de leiding te hebben, hij vertelde, dat het ventje noemde hij je, als hij een jaar of vier ouder was, mij op zou volgen als manager. Daar ben ik zo boos en nukkig van, wat heb jij in je mars, terwijl ik zes jaar op de Hogere Hotelschool heb gezeten. Dat vroeg ik ook aan Undermine en hij vertelde, dat jij speciale gaven had, waarmee je mensen voor je kon winnen.”

Ik heb niets toegezegd, en ik weet helemaal niet of ik dat wil. Ik ben nog te jong om dat soort afspraken te kunnen maken en bovendien, hij is erg oud en je hoeft er niet vreemd van te kijken dat hij op een goede dag dood is en wie weet erf jij Lamin Lodge, en neem je mij aan als manager. Dank je Matar je neemt een zware steen van mijn hart af en ik zie het opeens zonniger in. Ineens vind ik hem weer aardig en ik haal mijn hand door zijn mooie blonde haar, en hij laat me zien, dat hij de snelle streelbeweging kent. De rest van de tijd, vertelt hij wat hij met Undermine beleefd heeft. Het is een mooi verhaal. In Banjul Airport bel ik Oublie op, en die goede lieve man komt mij halen. De tijd dat ik op hem moet wachten, heb ik veel plezier met Gambiaanse jongens, en we praten ook veel. De jongens daar proberen van de passagiers een centje los te krijgen, door hun bagage op een karretje te zetten, en naar een taxi of klaarstaande bus te brengen, ze geven ook inlichtingen, als mensen net aankomen. Toeristen zijn guller als ze arriveren, dan wanneer ze een poosje in Gambia zijn. Ik vertel Oublie, dat ik schoolgeld ga geven, en dat ik eerst het lijstje van Undermine af ga handelen, die studenten hebben al een of meerdere jaren op school gezeten en maken zich zorgen dat hun schoolgeld wel binnen komt nu Undermine zo oud is, en niet meer naar Gambia kan reizen. Ik vraag of hij langs mijn bank wil rijden, dan ga ik daar geld voor vier studenten opnemen, ze hebben verschillende opleidingen en verschillende hoogtes van het schoolgeld. Boven aan het lijstje van Undermine staat een meisje en ze heet Chantell, er staat ook een GSM nummer bij. Vanaf de bank bel ik dat meisje. De telefoon gaat drie keer over en wordt dan gehaast opgenomen:

Met Matarr, ik kom net uit Nederland. Undermine heeft me gevraagd om je schoolgeld te betalen.

“Daar ben ik heel erg blij mee, je stem klinkt nog jong. Ik heb vreselijk in de rats gezeten of ik het laatste jaar van de kunstacademie nog zou kunnen volgen, je bent mijn redder in de nood.”

Ik geef mijn adres op na haar gevraagd te hebben of ze vanmiddag nog kon. Over een uurtje is ze bij me, Brikama valt tegen, dat is een heel eind. Maar wie weet was ze een gezellige meid, ik persoonlijk vind van schoolgeld geven, dat je er mensen erg blij mee maakt en je leert nieuwe mensen kennen, en daar houd ik ook veel van. Ik neem nog vlug een boterham met een eitje bij Nettie, ze vraagt te nadrukkelijk of ik gegeten heb, en als ik zeg van ja, wil ze weten wat en waar ik het heb gegeten. De waarheid is, dat ik geen honger heb, en ik weet dat als ik niets eet, ik daar later spijt van krijg. Als ik het op heb, wordt er ook gebeld, het is Chantell, ze is een jonge warme vrouw en ze heeft me meteen voor zich in genomen, ze heeft meteen mijn volle belangstelling en zodra we in het busje naar Sanjang zitten vraag ik hoelang ze al naar de kunst academie geweest is.

“Drie jaar en het vierde jaar dat ze nu gaat doen, is het laatste jaar, ze legt zich vooral toe op vormgeving, dingen maken die er nog niet zijn, bouwwerken maken van gekleurd glas en led lampjes, het is bedoeld als versieringen in huis, of in overheidsgebouwen. Ze woont in Brufutt, waar ze een huisje voor haar zelf heeft. Ik voel me heel erg bij haar thuis en zeg het ook. Ze haalt haar hand door mijn haar en zegt dat ze me een lief ventje vind. In Sanjang, gaat er een grote bus naar Brikama, maar hij blijft op zijn standplaats tot alle plaatsten bezet zijn. Bij de school aangekomen, geef ik haar het geld en als ze betaald heeft wil ik het betalingsbewijs. Ik ga mee naar de school waar ze willen studeren, om er zeker van te zijn, dat ze het geld niet ergens anders voor besteden, er zijn veel families, die heel hard geld nodig hebben, en er niet voor terugdeinzen, om dat schoolgeld van hun zoon of dochter te gebruiken om bijvoorbeeld hun schulden af te betalen. In Brikama, is niet een leuke T-shop. Het is een flinke stad, maar er is niets te beleven, een café is er al helemaal niet. We reizen terug naar Brufutt, en nemen eerst op de markt een cola en dan nodigt ze me mee naar huis, dan kan ik zien wat ze zoal aan kunst heeft gemaakt. Ze is negentien, en in haar huis staan veel gekke voorwerpen, ze heeft thee gemaakt en vraagt of ze me mag kussen omdat ze me zo lief vind en om dat ik mijn best gedaan heb voor haar schoolgeld is ze me ook nog heel dankbaar. Ze zet hoor lippen op die van mij en geeft me een kus op mijn mond, ik steek mijn tong in haar mond en we tongzoenen, ze staat er van versteld, dat ik dat kan. Ik zou haar kunnen vertellen over Jurja, die hier vlak bij woont, en dat ik het een beetje van haar geleerd heb. Chantell heeft er helemaal geen behoefte aan dat ik naar huis ga, want ze vraagt, wat kan ik voor jou doen? Ik wil graag je borsten zien, en ze kussen.

“Ik wil je graag mijn borsten laten zien, om ze door jou te laten kussen, die vraag, heb ik zolang ik hier woon en ook niet op de plaats daarvoor waar ik woonde, dat was bij mijn ouders, nog nooit gesteld gekregen. Ik had natuurlijk het liefst, dat ik door een man van mijn leeftijd die vraag gehad, want ik heb het nog nooit gedaan, en langzamerhand snak ik er wel naar.”

Zal ik er eens een voor je zoeken?

“Graag, maar dan moet hij wel knap zijn en iets behoorlijks in zijn broek hebben.”

Ik maakte haar blouse los en Chantelle genoot daar zichtbaar van, Toen ik haar BH losmaakte, zei ze dat ze genoot van dat kleine gevoelige handje. Ik kuste haar borsten en likte over haar tepels en we werden vrienden en beloofden elkaar weer te zien. Ik vroeg of er binnenkort nog een expositie gehouden werd, want sinds ik in het Rijks Museum in Amsterdam geweest ben, heb ik heel wat meer gezien dan de oude meesters, en omdat ik daar niet veel achtergrond kennis van had en ze daardoor minder interessant vond, meende Bob dat ik het museum niet mooi vond, maar ik heb daar wel degelijk iets moois gezien, maar dat was moderne kunst met fotografie en schilderen door elkaar. Het schilderij, had aan de onderste helft nevel, waarin je vaag naakte vrouwen zag bewegen en aan de bovenkant het hoofd en een net colbertje aan van een jongen van een jaar of vijfentwintig, en daar waar hij inde nevel stond, was er vaag een hele grote penis te zien, die naast zijn benen hing. Daar heb ik een hele poos naar gekeken en hier terug in Gambia heb ik het portret nog duidelijk op mijn netvlies. Ik vertel dit verhaal aan Chantell.

“Het zou prachtig zijn, als wij zoiets konden maken, en als pamflet overal verspreiden als uitnodiging voor onze expositie, dan zouden we vast meer mensen trekken en meer verkopen.”

Daar dacht ik aan, de kunstenaars hebben het hier vast niet breed in vergelijking met andere opleidingen, ik denk dat iemand kunstenaar wordt om dat hij denkt door te breken, maar er kan maar een de beste zijn. Meer klanten, geeft meer inkomsten voor iedereen. Ik laat haar zelf haar BH weer aantrekken en geef haar een kus op haar mond, en ze geeft me een stevige knuffel, het is langzamerhand tijd geworden om naar Kimbou en Jarra te gaan om te eten en te vertellen over mijn reis naar Nederland, en dat ik van de moeder van Jasper, veel geld op mijn rekening gekregen heb, om schoolgeld te geven aan hen die dat het hardst nodig hebben.

Ik dacht dat ik altijd gemakkelijk kon vertellen, maar toen ik begon met Bob die zijn vrouw en zoontje van tien in een klap verloren had, en dacht dat hij naast me wilde zitten in het vliegtuig, omdat hij in mij zijn zoontje zag. Maar dat was niet zo, wat moest ik nu vertellen over de vurige liefde die hij voor me voelde, en dat ik hem mijn kontje aanbood, om die herinnering vast te houden, zoiets snapt Kimbou en zelfs Jarra niet, en zo gaat het ook met het bezoek bij de moeder van Jasper, dat opeens  het meisje dat voor ons kookte en ik vurig op elkaar verliefd werden en met elkaar naar bed gingen, en dat ze een klein kutje had, waar ik beter in paste; zoiets vertel je toch niet, en dit waren de gebeurtenissen die ik had onthouden. En in Assen, bij mijn eigen opa en oma, kon ik wel over vertellen, maar opa en oma waren gescheiden, en opa was veranderd van een tiran in een zielig oud mannetje, dat kon ik wel vertellen. Ook dat ik met twee zussen van mijn pa Eva en Ziphora, dat ik ze in hun ogen gekeken heb en ze uit hun rol vielen en me beiden knuffelden en kusten, die twee keurige zusters. Maar dat ik die nacht bij Rebecca geslapen heb, kan ik ook niet vertellen. Ik vertel ook van die jongen in de trein, maar dat we samen naar die oude vrouw zijn gegaan, die beweerde dat ik bij baby’s onderbewust seksuele gevoelens aanboor. Ik heb alles verteld, behalve de dingen die ik als hoogtepunt heb ervaren. Na het eten ga ik nog even naar Jurja. Zodra ze me zag, was ze in alle staten van opwinding. Ze rende naar me toe en riep steeds weer opnieuw hoe ze me gemist had. We liepen samen naar onze geliefde plaats, de omgevallen boom. En kusten elkaar daar opnieuw en we knuffelden met elkaar en in het kort vertelde ik mijn verhaal in verkorte versie, de versie die ik ook aan Kimbou en Jarra had verteld. Onze tijd zat er gouw op, ik wilde ook nog even naar Sander bellen, ik kreeg Suzy aan de lijn en vertelde haar over zijn moeder. En dat ik geld voor studiefinanciering gekregen had, en dat ze snel voor een opvolger zou zorgen en dat ze daarna naar Gambia komt, en ze was erg blij, dat Sander van zich had laten horen, en ook dat hij getrouwd was en kinderen had en een goede baan. Daarna belde ik mijn vader op eerst deed ik de groeten van Undermine, ik vertelde dat we met de boot aan het varen waren en het ineens slecht weer was. Ik vertel dat zijn vader oud en zielig geworden was, maar veel spijt had, dat hij jou de deur uit gezet had, hij rekende er op dat je met hangende pootjes wel terug zou komen, toen dat niet gebeurde en je moeder bij hem wegging, en hij een ziekte kreeg, heeft hij ingezien dat hij erg fout zat. Je moeder, is kort nadat hij jou de deur uit zette van hem gescheiden is en zijn broer Ronnie en zijn drie zusters zijn allemaal op hun achttiende op zich zelf gaan wonen. Ik heb over jou verteld, maar ik heb het niet gevraagd of ze naar Gambia komen. Kortom, het is zeker geen hechte familie meer, en de helft van de kerk keurde af wat hij met jou gedaan had. Mijn vader zei niet veel, ik denk dat hij dit eerst eens op zich in moet laten werken, hij bedankt me voor mijn moeite. Dan word het de hoogste tijd, dat ik naast Jarra in bed schuif. Ik ben vanochtend vroeg opgestaan, om het vliegtuig te halen. Het duurt maar een ogenblik voor ik in slaap val.

De volgende morgen, na het ontbijt kijk ik op mijn lijstje en ik zie dat twee jongens uit Sanjang en een uit Tujering, ook naar de kunst academie willen in Brikama. Ik bel eerst naar de twee jongens in Sanjang en vraag ze om tien uur op me te wachten in de T-shop. En de andere jongen uit Tujering, om daar met de bus naar toe te gaan. De laatste heet Liverbolos en de andere twee Frances en Saidou. De mensen op het lijstje, hebben allemaal al drie jaar achter de rug, hij vertelde mij dat er twee afgevallen waren, hij betreurde dat, maar hij schudde met zijn schouder en zei Cest la Vie. Om tien uur trof ik de drie jongens, in de T-shop, ze hadden zich stuk voor stuk zorgen gemaakt, want ze wisten dat Undermine oud geworden was en niet meer naar Gambia kon komen, en er waren veel studenten in Gambia, die hulp van buitenlanders gehad hadden, die op een gegeven moment opdroogde en dat er geen geld meer kwam, hun ongerustheid had wel een reden, Liverbolos, was een gezette jongen met een bol  maar innemend gezicht, Als hij me aan kijkt, voel ik me prettig. De andere twee jongens, waren minder hartelijk. Meer echte aparte kunstenaars, jongens die er achter gekomen waren, dat ze de rest van hun leven, het nooit zouden redden om een bekende kunstenaar te worden. Ik vroeg hen of ze ook mee hielpen om een expositie te organiseren, en of ze veel werk hadden dat ze ten toon konden spreiden. Het is, dat ik het geld heb, anders zouden die twee me geen antwoord gegeven hebben. Ze zagen me kennelijk nog niet voor vol aan.

“Iedere kunstenaar heeft kunst gemaakt, maar als je dat na drie exposities weer mee naar huis moet nemen, is het niet om trots op te zijn. In het begin denk je dat je een genie bent, maar als je je werk niet verkoopt, wordt je depressief.”

Ik wil het werk van jullie beide graag zien, als het kan vanmiddag als we teug komen. Liverbolos heeft geen werk thuis, hij heeft zijn laatste stukken op de laatste expositie verkocht.

“En er ook belasting over betaald”, zegt hij triomfantelijk.”

Toch wil ik graag dat je meegaat naar de huizen van Frances en Saidou, ik wil onderzoeken, of er een manier is om hun kunst wel te verkopen, in mijn korte leven, heb ik geleerd, dat waar een wil is, ook een weg is. Ik vertel om maar een beetje aanzien te krijgen bij deze jonge kunstenaars, over de kazerne in Kololie, dat ik zelfs bij de premier geweest ben om mijn verhaal te vertellen, en ik heb hem gezegd, dat half Gambia zich schaamt om in in dit land te wonen, waar mensen zich melden om hulp en bescherming ze opgesloten worden, en dat hun kinderen misbruikt worden, is helemaal te gek voor woorden, Na mijn bezoek, mochten de asielzoekers zich vrij bewegen, en ze kregen meteen bonnen om te eten. Liverbolos keek me met bewondering aan, ik beantwoordde zijn blik en hij smolt meteen, hij was al aardig, maar nu werd hij zelfs lief voor me. De twee andere jongens zagen dit met verwondering aan, ze begrepen opeens niets meer van hun makker uit Tujering. Ik had er weer een vriend bij, toen we naar de bushalte, de enige personenbus in Gambia, rijdt van Sanjang naar Brikama, het is wel een heel oude verder rijden er bussen vanaf het vliegveld om gasten naar diverse hotels te brengen, de koffers worden boven op het dak gehesen en maar matig vastgebonden. Terwijl we de driehonderd meter lopen, slaat Liverbolos zijn arm om mijn middel en ik doe het bij hem. Hij fluistert als we even achter gebleven zijn:

“Mijn maten denken, dat we homo’s zijn, maar jij heb een gave zeker, je deed iets met je ogen bij me.”

Je keek mij aan en ik keek terug, maar het is waar, ik heb er al veel mee bereikt, maar zonder dat, vond ik je ook al sympathiek. Toen de bus eenmaal reed, vertelde Francis me, dat hoe langer hij me meemaakt hoe meer respect hij voor me krijgt en vertrouwen in mijn mening en dat hij nieuwsgierig is naar wat ik vind van zijn werk. Onze ogen treffen elkaar, en hij weet meteen wat er met Liverbolos gebeurde. Frances wil me opeens ook aanraken, hij kiest er voor om met zijn hand door mijn haren te strijken; ieder heeft hier kroeshaar, maar ik heb stijl haar. De weg naar Brikama, zit vol met steile verkeersdrempels, de jongens komen er dagelijks over en ze noemen het the sleeping policeman. Het is ergerlijk, en in het donker is menig auto, die ze in het donker niet konden zien beschadigd. Dit is typisch Gambia, een dagelijks terugkerende ergernis over zoveel stommiteiten. In Brikama, moeten we nog een heel eind lopen naar de school. Maar dat is niet erg, want Liverbolos en ik, zijn nu vrienden en lopen met de hand om elkaars middel. Tot we een politieman tegenkomen en die zegt, dat hier op homofilie de doodstraf staat en dat we elkaar onmiddellijk los moeten laten. Ik vraag aan Liverbolos, of de politie overal zo actief mee bezig is.

Nee, mensen doen nog sporadisch aangifte, omdat de politie zich alleen maar bezig houd met corruptie, en bedelen bij de roadblocks, om geld voor thee. Ik geef de jongens zelf geld en ze betalen en geven mij de kwitantie en het wisselgeld. Terug in Sanjang, gaan we naar de kamer van Frances, hij woont al niet meer thuis en om het te betalen, heeft hij diverse bijbaantjes. Er staat een soort kist en dat is een druppel apparaat, binnenin zit een glasplaat en diverse gekleurde lampjes, bovenin zit een water reservoir en als Frances een kaantje opent, en de stekker in het stopcontact stopt, gaan de gekleurde lampjes branden en een polaroid camera maakt van iedere druppel, die op de glasplaat kapot spat een foto, het is een fraaie foto die er uit komt, en elke foto is iets verschillend, dus ze zijn uniek. Ik vind het een echte uitvinding, Frances, en er zal ook geen tweede van bestaan, maar denk je dat een rijke zakenman of nog sterker een miljonair, zo’n oude slecht getimmerde kist in zijn hal wil hebben staan?

Je hebt het heel knap bedacht, en als het houtwerk ook mooi is, zal je voor je idee beloond worden, ik snap het wel, je hebt geen geld om het door een echte vakman te laten doen, maar dat houd in dat je het niet verkoopt, Ik wil de kosten voor een vakman op me nemen, en zodra je het verkocht hebt, geef je mij mijn geld terug. Frances is de eerste die me op de mond kust en hij is heel blij met me, ik heb nog steeds het geld van Sanjang niet op, en de lonen liggen laag in Gambia, omdat er veel werkloosheid heerst Over vijf dagen is er een expositie georganiseerd op de school in Brikama. Ik kom met mijn idee van wat ik in het Rijksmuseum gezien heb. Van zoiets zou ik een poster willen laten maken om overal op te hangen en met de datum en tijd er op dat de expositie in Brikama er is. Ik zie aan de overige spullen die Frances gemaakt heeft, gewoon verkoopbaar moeten zijn, het zijn geen topstukken maar wel echte kunst. Saidou weet al een jongen die dat kan, schilderen door de nevel heen en tegelijk fotograferen, hij heeft de Kunstacademie al een jaar gehad, en hij doet nu een jaar extra en het heet, grafische vormgeving. Hij heet Stanco en hij woont in Tanji. Ik kijk op mijn lijstje van Undermine, en hij staat er op, aan zijn leeftijd, negentien, kan ik zien, dat hij te oud is voor de kunstacademie. Dan ga ik nog naar het huis van Saidou, de enige nog waar ik geen oogcontact mee gehad heb. Saidou is volgens mij ook en echte kunstenaar, je zal al deze vormen maar verzinnen, maar voor een gedeelte van zijn werk, zie ik dat het niet goed afgewerkt is, het afwerken is ook geen kunst, en moet je laten doen. Ik heb nog wat geld over en maak dezelfde afspraak met hem als met Frances en ik beloof dat ik me in ga zetten, om meer mensen naar de expositie te krijgen. Ik bel naar Stanco en hij neemt op, ik vertel hem dat ik zijn schoolgeld uit Holland mee genomen heb, maar voor een andere opdracht overleg hem thuis wil spreken. Ik ben welkom en ik kijk Liverbolos aan en hij knikt, dat hij met me mee gaat. Van Sanjang naar Tanji, is ongeveer een half uur. Hij woont vlakbij het strand en ook vlak bij de haven. Hij is een aardige en hartelijke vent, en als onze ogen elkaar ontmoeten, heb ik ineens alle vertrouwen, en merk ik dat hij me lief vind, dat gebeurt nu eenmaal als onze ogen elkaar ontmoeten, bij Liverbolos is dit ook het geval, hij heeft steeds vooral in die taxi zin om mij aan te raken. Ik doe de moderne snelle streel met mijn hand en Stanco herkent dat als zodanig, hij weet dat ik hem mag. Ik leg uit wat ik in Amsterdam gezien heb en dat ik een pamflet daarvan wil voor de expositie van de kunstacademie studenten, en moeten meer mensen komen kijken, want de studenten verkopen te weinig.

“Ik kan het voor je fotograferen en schilderen, dat kost vijfhonderd Dollacis. Dan moet je duizend kopieën hebben, dat is nog eens twee keer zo’n bedrag, en dan moeten ze door heel Gambia nog opgehangen worden.”

Er is overal in Gambia veel werkloosheid, en er zijn veel jongeren die naar een baantje en wat handgeld snakken, maar laat zeggen dat dat nog eens duizend kost, ben ik dan in de buurt?

“Heb jij zo veel geld?”

Daarvoor moet ik op mijn rekening kijken en overleg plegen, met degene die het er voor me op heeft gezet. Ik denk dat het goed komt, ik kan je met een uurtje bellen, of het goed zit. Maar nu wat heel anders, ik heb een idee, waarvan ik zeker weet, dat het rijke mensen naar Brikama trekt. Boven de nevel, moeten uitgeknipte foto’s van achterwerken, komen naast de man met zijn grote slurf, die moetnaar de hoek verdwijnen. Liverbolos in meteen enthousiast, en zegt:

“Mijn achterwerk, zal zich goed lenen voor het schilderij, ik heb een grote brede en die moet dan naast het kleine smalle kontje van Matarr komen.”

“Waarom denk je dat het rijke mensen trekt Matarr?”

Ik heb meegewerkt om de bunker van Kololie van Emigratie te ontmantelen, het waren alleen maar jongens, die vanachter werden genomen, De kwestie in Sene Gambia, waren allemaal rijken en de misbruikte jongens werden allemaal van achteren genomen. Als ik me zelf naga, ben ik vaak benaderd, om me van achteren te geven, dat is wat de mannen willen Stanco. Stanco knikt:

“Ik doe mee. Je mag mijn broek uit trekken, en mijn kontje in de vorm duwen, hoe je het in gedachten had.”

Liverbolos houd zijn adem in en denkt gaat het nu gebeuren, en kom ik dat allemaal te zien? Hij ziet dat het kleine ventje hier niet anders van kijkt:

 

                                                                                     ***

Heel rustig maakt Matarr Stamco’s riem los en zijn broeksboord knoopje, en dan zegt hij dat overhemd moet ook uit, je moet straks op je kop staan en mag j e door die flappen niet gehinderd worden. Als het overhemd uit is, kan ik al zien, dat Stamco een mooi strak lichaam heeft, heel wat anders dan mijn dikke lijf. De Camera staat al voor gebruik gereed. Matarr laat zijn broek zakken en trekt hem samen met zijn onderbroek uit, het heeft hem wel wat gedaan, want zijn piemel staat fier over eind en Stanco lacht en beetje, en ook Matarr schijnt er niet van onder de indruk; ik wel, zo een mooie penis, zie ik niet iedere dag. Stanco, moet met zijn hoofd naar de grond bukken. Matar brengt de billen symmetrisch, dat het een mooi geheel vormt. Stanco roept vanuit de vreemde positie die hij heeft aangenomen, zou je niet overwegen om de billen van elkaar te doen, als het is zoals je vertelde, zal dat nog aantrekkelijker zijn. Matarr vraagt mij om een eindje achter Stamco te blijven en met gestrekte armen, de billen uit elkaar te trekken zodat de anus goed te zien is. Ik doe het en als Matar knipt, weet ik zeker dat alleen mijn handen er op staan. Stanco kleed zich weer aan en ontwikkeld deze foto, en het is apart, dat de billen opengehouden worden door handen. Nu is Matarr, ik ben benieuwd, hoe hij er naakt uit ziet, zal niet veel bijzonders zijn, het is nog maar een ventje, alleen zijn daden zijn groot, maar met een jongens kontje dat boven de nevel uit komt, zal vast wel veel mensen naar de expositie leiden. Ik zelf heb vorige keer alles verkocht, maar ik heb al weer drie nieuwe objecten, dus een grote opkomst is ook goed voor mij, mijn objecten zijn erotisch getint, en in mijn verbeelding gebruik ik ook jongetjes, maar die bijna niet te zien zijn, een handje en een voetje en een neusje, en de mensen mogen zelf fantaseren. Matar, al is hij nog klein, en zit hij niet op de kunstacademie, heeft wel de zelfde ideeën als ik. Ik hoop dat ik hem van Stanco uit mag kleden, ik vraag het ook niet, ik begin gewoon met zijn blouse en ik streel zijn lijf even en dan trek ik zijn broek en onderbroek uit en laat hem bukken en trek zijn billen open, hij heeft een echt verleidelijk kontje, daar zou ik ook wel van achteren in willen, maar ik weet mijn plaats en op dat moment zegt de Camera klik en dan kan Matarr zich weer aankleden, en dan ben ik aan de beurt, ik tref het want Matarr gaat me uitkleden. Net als hij zelf, zijn zijn handen ook magisch. Ik geniet als hij mijn lijf aanraakt, ik voel dat ik in die korte tijd gek op dat ventje ben en ik bewonder hem om zijn heldere ideeën. Hij wrijft met zijn hand over mijn dikke buik. Daarna maakt hij het bovenste knoopje van mijn broek los. Ik denk om mij te plezieren, stopt hij zijn kleine handje even in mijn onderbroek en voelt natuurlijk, dat hij me niet onverschillig laat. Dan trekt hij ook mijn onderbroek uit en ik ben helemaal naakt. Hij wrijft nog even over mijn dikke bil, en zet hij me in de houding en trekt mijn billen uit elkaar, twee kleine handjes die de dikke zware billen opent.

                                                                                ***

Stanco zegt dat hij er meteen aan gaat beginnen. Het is vandaag maandag en over vijf dagen is het zaterdag, de affiches kunnen nog een dag of drie hangen, dat vindt ik wel genoeg, mensen moeten niet te lang steeds dezelfde affiche tegenkomen. Ik noteer de telefoonnummers, die ik nodig heb om de bureaus te bellen waar de werkzoekenden ingeschreven staan. Dan neem ik het busje naar Brufutt en ga regelrecht naar het huis van Oublie, ik heb dat geld, dat nog steeds op mijn rekening staat, maar waarvan Oublie nog steeds de eigenaar is. Ik ga hem gevoelig verleiden, eerst praten we wat, de ouders en Robert zijn naar een kantoor in Banjul, om hun status aan te vragen, en ze zullen vast wel vragen hoe lang het duurt, maar de premier, maakt haast met hun naturalisatie. En als ze de verblijfsvergunning hebben, mogen ze ook werken. Ik zit alleen met Oublie, en ik streel hem en kus hem, en als ik begeerte naar mij in zijn ogen zie, maak ik mijn broek los en ik neem hem mee naar zijn slaapkamer. Als ik mijn broek losgemaakt heb, trekt hij hem uit en kust mijn billen en streelt mijn lichaam, en hij zegt:

“Je moet eens weten hoe ik je gemist heb, ik houd van je, en hier heb ik ziedend veel naar verlangd, het lichaam van Robert is surrogaat in vergelijking met de jouwe, ik vind het fantastisch dat je dat voor me doet mijn kleine vriend.”

Mijn kleine handjes maken zijn riem los en maken zijn broek open en mijn handje gaat via zijn gulp naar binnen en haalt zijn mooie penis naar buiten, ik streel het mooie ding en zet er dan mijn lippen op en pijpen kan ik intussen ook. Ik pijp hem en van genot slaat hij met zijn hoofd achterover op zijn bed. Ik kan nu heel goed pijpen, en ik kan zijn penis zover in mijn mond krijgen, dat het puntje in mijn keel komt, en dat vind hij ook het einde, er komt veel slijm in mijn mond en zijn penis word drijfnat van mijn spuug, ik stop op tijd, want ik wil niet dat hij te vroeg klaar komt. Hij streelt mijn billen en daarna likt hij rond mijn anus en dat is een fantastisch gevoel. Voor hem is het ook een uitzonderlijk heerlijk gevoel om bij me binnen te komen, een gevoel waar hij heel lang naar verlangd heeft. Na een kwartiertje komt hij klaar en ik geef aan, dat ik zijn sperma in mijn mond wil, dat vinden mijn gebruikers heftig en heel geil. Oublie trekt terug en ik neem zijn penis in mijn hand en leid hem naar mijn mond, hij schokt en kreunt en dan komt er een eruptie en een straal van zijn sperma vang ik op in mijn mond, en daarna komt er nog een straal, ik laat het door mijn mondhoeken weglopen op mijn buik. Als we weer aangekleed zijn, gaan we samen buiten zitten met een glas versgeperste jus ‘dorange. Ik vertel over de kunstenaars, en dat ze bijna allemaal arm zijn ondanks hun opleiding, en dat ik daar wat aan wil doen, meer bezoekers trekken, en hoe ik dat denk te bereiken. En, dat als ik ze help, mij ook geld kost, ik noem de bedragen, van de affiches laten maken, duizend kopieën maken, en dan door werklozen, ze op laten hangen. Alleen heb ik nog niet geregeld, wie de affiches naar de werklozen bureaus, moet brengen. Het zou logisch zijn, om dat door de studenten te laten doen, maar als ze van hier naar Banjul moeten reizen en weer terug, daar hebben ze ook geen geld voor.

“Je hebt nog steeds vierentwintig duizend Dollacis van mij op jouw rekening staan, ik heb die bewust daarop laten staan, voor het geval je nog eens in een andere Compound geld voor de armen wil geven, maar dit is ook een goed doel, en je helpt er veel meer mensen mee dan twaalf gezinnen, dus mijn lieve vriend, van nu af aan is dat geld voor jouw eigen gevonden goede doelen. Ik spring op, ik had er op gehoopt, maar het is heel veel geld, en ik was er lang niet zeker van of hij het zou schenken, wel van dat beetje voor het maken van de pamfletten en het kopiëren, dat had hij me vast wel gegeven. Ik vroeg, of hij straks even met me naar de bank kon gaan. En dat ik meteen geld naar Tanji wilde brengen en dan zou ik Stanco vragen of hij het kopiëren voor zijn rekening wilde nemen. Of anders, vragen waar wij terecht konden voor het kopiëren.

“Ik zal je nog eens wat vertellen, als morgen de affiches duizendvoudig zijn, vind ik het heerlijk om samen met jou een dagje door het land te zwerven, ik spring weer op en geef hem een lange kus, en roep, dat hij me hier heel blij mee maakt, omdat over vijfdagen de expositie begint, en dat het morgen voor een deel al opgehangen en met punaises vastgeprikt moet zijn. We gaan nu naar de bank en zodra ik twee duizend op heb genomen, bel ik Stanco en vraag of ik even met mijn suikeroom langs mag komen om te betalen en nog wat bespreken.

“Ik ben begonnen, zonder dat ik wist of je het kon financieren, dat is toch echt een staaltje vertrouwen, dat ik voor je ten beste geef.”

Ik denk, dat je dit een mooie opdracht vind, en niet kon wachten om er mee te beginnen.

“Klopt kleine Benjamin, hoe meer ik er over denk hoe beter ik je idee vind.”

We rijden naar Tanji en zelfs Oublie moet bekennen dat hij wel op een erg mooi plekje woont, maar het stinkt er elke dag naar vis en het krioelt van de vliegen, voegt hij er aan toe. Het onderste gedeelte, is al bijna klaar en de man met de grote penis, die bijna tot op zijn knieën hangt,  is door de nevel te zien, het is daar in die nevel een armen en benen winkel, en een persoon is er niet uit op te maken, er zwemmen baby’s tussen de vrouwen door. Onze achterwerken, zijn ontwikkeld en ik laat ze aan Oublie zien, hij vind ze erg aantrekkelijk, ik kom zeker naar die expositie, en ga daar ook wat kopen. Dan vraag ik waar een kopieënwinkel is, een goede, want het is in kleur. Er is er een in Brufutt, ik heb het nummer, ik zal wel even vragen wat duizend exemplaren kost en hoe lang het duurt. Het gaat voor A drietjes achthonderd Dollacis kosten en en het printen gaat een uur duren, morgenvroeg om tien uur heb ik de eerste affiche af. We geven hem vast zijn vijfhonderd Dollacis en hij strijkt het dankbaar op en zegt, ik was er hard aan toe. Als Stanco het uitlegt, weet Oublie de shop te vinden, hij maakt er nooit gebruik van, want hij kan in zijn kantoor kleuren en zwart wit printen. Het is nog te vroeg, en nu ik morgen de hele dag op pad ga, wil ik nog een jongen blij maken met schoolgeld. Ik kijk op mijn lijstje van Undermine, hij heet Essa, woont in Brufutt, en is zeventien jaar, hij doet computer, en de opleiding is in Serrecunda. Ik bel hem op en vraag, of hij in de buurt van de markt woont.

“Nou nee, maar als je daar in de T-shop op me wacht, ik ben erg zwart, je kunt me niet missen.”

Ik neem afscheid van Oublie, maar het lijkt of hij me met moeite laat gaan. Ik neem hem voor een deel mee, naar de T-shop, want ik voel dat ding nog steeds tijdens het lopen. Maar als ik terug kijk, vond ik het eigenlijk zelf ook heel lekker. Maar mijn gevoel zegt: banaal, maar in dit geval erg lonend. Ik neem een koude cola en kijk de weg af of ik ook een zwarte jongen zie komen. Ik zie wel iemand die erg zwart is op zijn fiets aankomen en ja hoor, het is Essa, hij herkent mij niet, omdat hij niet verwacht dat een ventje van tien hem zijn schoolgeld brengt. Ik tik hem op zijn schouder en roep: Essa Hij kijkt me verrast aan maar gelooft nog steeds niet dat ik het ben die hem heeft gebeld, ik help hem uit de droom en zeg: Wij gaan zo meteen naar Serrecunda, maar wil je eerst nog iets drinken?

“Ja graag, zo’n jonge geldschieter had ik niet verwacht.”

Ja, de andere is heel oud en ik heel jong, maar wat geeft het, als je maar je opleiding af kan maken, het is dat ik bij hem was in Nederland en gezien hoe moeizaam het met hem gaat en dat hij echt niet in staat was om naar Gambia te reizen. Essa is een knappe neger, hij heeft een innemend en vriendelijk gezicht en hij zoekt mijn ogen, hij weet niet wat dat met hem gaat doen, maar ik merk dat hij me aan wil raken. Een van zijn handen gaat richting mijn schouder, hij doet het en zegt:

“Heel hartelijk bedankt, jonge man, dat je het geld uit Holland meegenomen hebt, en mij gevonden, ik zat heus in de rats, het gebeurd te vaak, dat toeristen studiegeld geven, maar het volgende jaar niet meer, of ze worden ziek en hebben andere dingen aan hun hoofd.”

Hij kijkt nog een keer in mijn ogen en zegt, dat hij me zeldzaam lief vind, ik durf het niet te vragen, maar doe het toch, als we straks naar de straat lopen om een taxibusje te nemen naar Serrecunda, zou ik je heel graag willen kussen, uit dankbaarheid en gewoon om dat ik je heel lief vind. Ik geef hem een snelle streel over zijn wang om deze reden, vind ik het zo leuk om schoolgeld te geven, het is het ontmoeten van steeds verschillende jongens of meisjes, maar Essa is wel heel erg gevoelig voor mijn ogen, en het gekke is dat hij het niet weet wat ik met hem gedaan heb. Ons drankje is op en we lopen naar de autoweg, we zijn nog niet buiten of hij neemt mijn hoofd in zijn handen en kust me op de mond, een vrij lange kus. Als hij me los laat krijgt hij, ondanks het zwarte gezicht, toch rode wangen en in zijn hals wordt hij ook rood. Ik sla mijn arm om zijn middel en zwijgend lopen we naar de straat. Hij wrijft mijn schouder en mijn rug, ik merk dat hij steeds weer opnieuw aan me wil zitten. We moeten een hele poos wachten, de busjes die we zien komen zijn allemaal vol. Het busje dat stopt, doet dat omdat er een moeder en een kind uitstappen, we hebben samen een heel krap plekje. Het maakt hem niet uit, het is nu mijn knie waar hij bij kan en streelt die, ik begin me nu wel af te vragen, of het een jongen is die alleen van jongens of mannen houd. Die zijn er ook, niemand reageert zo overdreven als hij, als ik ze in hun ogen kijk. Het busje rijdt door tot het busstation, maar het laatste stuk komen we royaal te zitten, maar niettemin, blijft hij me maar aanraken. Ik vraag waarom hij me steeds aanraakt. Lachend zegt hij:

“Nog al logisch, omdat ik je zo lief vind.”

Wie wil er nu niet lief gevonden worden, dus ik laat het maar zo en van de weeromstuit, begin ik hem ook lief te vinden, en als ik hem ook aan ga raken, wil hij me weer kussen. Dat doet hij zodra we het busje uitgestapt zijn. Er lopen hier vaak politieagenten, en ook al zijn ze liever lui dan moe, toch zullen ze altijd reageren als jongens elkaar aanraken. We lopen netjes naar de school en hij betaalt van het geld dat ik hem geef en hij geeft het wisselgeld en de kwitantie. Dan gaan we weer terug, hij vertelt wat hij nu al met de computer kan en ik vertel hem dat mijn moeder ook gesteund is door Undermine, en dat ze elke dag technische bouwtekeningen maakt en dat mijn vader dat van haar heeft geleerd, maar dat hij goed kan schetsen. Als we uit het busje stappen en het even stil is op de weg, gaan we tongzoenen. Hij staat verbaasd, dat ik dat kan, je moest eens weten wat ik allemaal kan op seksueel gebied, met vrouwen zowel als mannen. Nu komt de aap uit de mouw, hij wil me nog eens ontmoeten, om samen heerlijke seksuele belevenissen te ervaren, ik kan je nog veel meer leren Matarr, dan je nu al kunt.

Ik ben nog maar tien Essa, en ben daar nog niet echt aan toe, maar ik ben nu een half jaar van huis, en heb veel geleerd, maar meer dan dat, wil ik niet. Ik kan heel erg van borsten genieten, en een paar keer ben ik van achteren genomen, maar dat doe ik alleen als ik er iemand mee kan helpen, of als ik geld nodig heb, geld voor studie en voor de armen.

“Hoe heb je er iemand mee kunnen helpen?”

Dat was een man die ik in het vliegtuig ontmoette, hij kwam naar me toe, want ik leek op zijn verongelukte zoontje. Hij rouwde al een half jaar hevig, gelijk met zijn zoontje kwam ook zijn vrouw om het leven. Hij keek begerig naar me, en ik wist wat hij wilde, maar er niet om zou vragen, toen heb ik hem mijn kontje aangeboden opdat hij daar nog lange tijd aan zou denken in plaats van aan zijn vrouw en zoontje. Misschien dat hij zich schaamde, voor de uitnodiging om met hem te seksen, maar het stuk naar zijn fiets, heeft hij me niet meer aangeraakt en niets meer gezegd, Bij het afscheid gaf ik hem een hand en hij schudde die van mij. Het was tijd om naar Jarra en Kimbou te gaan, het was tijdom te eten, en na het eten, wil ik Jarju weer eens even in mijn armen nemen.

Ik ben toch echt degene, die altijd veel te vertellen heeft onder het eten, en meer dan de helft van wat ik beleef, vertel ik nog niet eens. Wel vertel ik over de affiches, die ik bedacht heb om meer bezoekers naar de expositie te krijgen, zodat de arme kunstenaars meer van hun werk verkopen. Maar niet hoe de affiches er uit zien, en al helemaal niet dat de kleinste van de drie blote konten van mij is. Na het eten vertel ik aan Jurja veel meer van thuis bij Kimbou. In bed, als Jarra nog wakker is, vertel ik hem ook veel dingen die ik aan tafel voor me houd, toch vertel ik genoeg om Kimbou te laten weten, waar ik mee bezig ben. Ondanks dat ik Jurja gisteren nog gezien heb, vliegt ze me om de hals als of ze me een half jaar niet gezien heeft. Jurja is een monument van liefde, ze heeft zoveel te geven. Wat ze heeft, probeert ze ook aan mij te geven. Het is, dat we beiden nog te jong zijn voor serieuze verkering. Ik wil nog te veel dingen doen, die ik niet kan maken als we verkering zouden hebben, zoals wat ik vanmiddag Oublie bij me heb laten doen. Dat vertel ik nooit, ook niet aan Jarra. Ze hangt nu kussend aan mijn nek en ze probeert me duidelijk te maken hoeveel ze van me houd en daarom verkering met me wil. Maar ik maak haar duidelijk dat ik dat niet wil omdat ik te jong ben en nog helemaal niet weet wat een leuke meiden ik nog tegen kom en dat ik iets wil hebben om te kiezen. Ze pruilt wel, maar even later, begrijpt ze mijn antwoord, en dan komen we uit op een lange tongzoen en liggen we in elkaars armen en kijken we voortdurend in elkaars ogen, als ik niets in mijn ogen leg, gebeurt er ook niets, gelukkig heb ik daar zelf grip op.

De volgende dag ben ik om half tien bij Oublie, ik drink daar nog een bakje koffie die Netty voor ons gemaakt heeft. We hebben een lijst met de plaatsen en adressen van werkloosheidsinstellingen. Zij kunnen ons het aantal werklozen melden, en dat is voor ons een aanwijzing hoeveel pamfletten we daar achter moeten laten, we hebben een bedrag per pamflet uitgetrokken dat zal vijfentwintig Dollacis worden. De duizend, die we laten printen, is een ook maar een slag om de arm. Maar als ze op zijn, gaan we naar huis, dan is het mooi geweest, het zal ook wel van mond op mond gaan. We besluiten om in Tanji te beginnen, en dan Sanjang, Brikama en dan richting Banjul, waar we eerst Lamin aandoen, en dan Serrecunda en West-field en dan Banjul op de terugweg Bacau, Sene Gambia en Brufutt.. Zodra we de koffie op hebben, ga ik naast Oublie zitten en voor hij gaat rijden doe ik mijn veiligheidsriemen vast en geef hem een kus om hem te bedanken, dat hij me mee op reis neemt, om mijn zaken te regelen. We rijden eerst naar Tanji, Stanco heeft de halve nacht door gewerkt, maar het ontwerp is klaar, en die drie konten die boven de nevel uitkomen, zijn echte blikvangers. Maar het is wel zo geworden als ik in mijn hoofd had en wat ik in mijn hoofd had, was een pamflet, dat kunstzinnig was en de aandacht trok, en ik denk dat we na zaterdag de pamfletten niet meer weg hoeven te halen, maar dat er een run op komt, want ik denk dat velen in huis zo’n ding op willen hangen, of gewoon in de la onder hun bed leggen en hem regelmatig bekijken, en daar dan opgewonden van raken. We hebben al afgerekend met Stanco, nu rest me nog om hem mijn complimenten te maken, hij trekt me naar zich toe en drukt me als liefkozing tegen hem aan.. Nu rijden we terug naar Brufutt en in de buurt van de T shop, hebben we een goede coppy shop. Er zijn geen wachtenden voor ons en ze gaan meteen beginnen en na een uur kunnen we terug komen, maar omdat het zo’n grote order is, willen ze wel graag vijftig procent vooruit betaald hebben. Daar kan ik me wel in vinden en ik betaal het gevraagde bedrag, hij kijkt me vreemd aan, omdat hij dacht dat Oublie de opdrachtgever was.  Oublie en ik gaan in de T-shop zitten en we nemen nog een kop koffie en een koekje er bij, ik ga dicht tegen hem aan zitten, met de bedoeling hem te plezieren, want ik vind het heel lief, dat hij de hele dag met me mee gaat. Dat doet hij omdat hij naar mijn genegenheid smacht. Die genegenheid zal ik hen proberen de hele dag te geven, ik weet dat hij er nooit genoeg van krijgt, en gisteren, heb ik hem overvallen door hem mijn kontje aan te bieden, dat zonder te vragen om het geld dat van hem was maar nog steeds op mijn rekening stond, nee, hij bood het aan, zoveel geld, is me veel dankbaarheid waard, en het zou zomaar kunnen, dat ik hem aan het eind van de dag nog een keer hem een aanbod doe, maar ik probeer er wel terughoudend in te zijn. Ik zit naast hem en houd mijn hoofd op zijn schouder, we nemen af en toe een slokje koffie, en het uur is zo om. WE rekenen alles bij elkaar achthonderd Dollacis af en het is een dikke stapel papier, dat we in een plastic tasje laten zakken, nu gaan we nog een keer naar Tanji en we vinden gemakkelijk het werklozen bureau. We worden hartelijk ontvangen, het valt in Tanji wel mee met de werkloosheid, er zijn veel vissers, die eens een reisje thuis willen blijven en dan, leveren zij een vervanger, maar voor die paar pamfletten, we hadden uitgerekend, dat veertig genoeg is voor Tanji, we betaalden veertig maal vijfentwintig Dollacis, en de man, vond dat een redelijk bedrag. Hij vertelde dat tegenwoordig in Tujering ook een werklozen bureau gevestigd was. We vroegen naar het adres en waar die straat ergens lag, dat was een behoorlijk eind van de grote weg af. In Tujering was het adres moeilijker te vinden, want er waren geen straatnamen geplaatst, maar er liepen genoeg mensen op de zandweg, om ons de weg te wijzen. Dit bureau was nog erg nieuw, en de meeste werklozen die ze leverden was voor de bouw, er werd veel uitgebreid in Tujering. We waren het samen eens, dat we in Tanji teveel pamfletten hadden gegeven, hier gaven we twintig pamfletten. En toen op naar Sanjang. Ik wilde dat ze ook bij de hotels aan zee een aantal pamfletten ophingen, hier lieten we dertig achter. De man vertelde, dat alle kleine beetjes hielpen, en dat hij er zeker een man gelukkig mee kon maken. Toen gingen we naar Brikama, Oublie is er aardig thuis hij heeft er veel zaken gedaan en de straatnaam wist hij na een keer fout te hebben gereden haarfijn te vinden. Hier lieten we honderd pamfletten achter, het aantal werklozen was ook hoog en Brikama was een grote stad, er waren heel veel houtzagerijen. We betaalden tweehonderd vijftig Dollacis, ik kan me niet voorstellen dat ze voor dat kleine bedrag bereid zijn om duizend van die pamfletten op strategische plaatsen op te hangen, maar ja, als je honger hebt en geen inkomen, dan wil je wel werken voor een klein bedrag, zo gaat het nog in Gambia in Nederland, het land van mijn vader hebben ze in het verleden ook werkverschaffing gehad, en werkten de werkloze arbeiders ook voor een veel te laag loon, maar goed, ik ga hier eens over na denken, misschien krijg ik voor deze werklozen, en natuurlijk de asielzoekers ook wel een goed idee, nu zijn de kunstenaars aan de beurt, ik zie vaak mensen, die zonder naar de academie te zijn geweest, soms heel verdienstelijke schilderijen maken, maar van dat soort is de markt verzadigd, ze willen echte kunst.

 

HOOFDSTUK 16

 

Het gaat allemaal voorspoedig en als we richting Lamin koersen, vertel ik dat ik met de nieuwe manager van Lamin Lodge in het vliegtuig heb gezeten, hij was boos omdat hij zes jaar de hogere Hotelschool gedaan heeft en toen had vlak voor hij naar Gambia vertrok gezegd, dat ik over zes jaar oud genoeg ben om het van hem over te nemen, ik zat naast hem, in het vliegtuig, want de douane had hem aangewezen als mijn geleide, ik heb hem gerust gesteld, met de woorden, dat hij misschien wel de nieuwe eigenaar word, zolang denk ik niet dat Undermine nog zal leven en dan zou hij het hem vast wel nalaten. Ze zijn samen vrienden geworden, nadat hij zich vlak voor de boeg van het schip van Undermine geworpen, Undermine kan liefde uitstralen, en dat heeft hij bij die jongen gedaan en ook bij zijn vader die hem mietje noemde, dat is een meisjesachtige jongen, die erg knap was. Dat was hij in het vliegtuig nog steeds. We komen er vlak langs en we zouden daar wel even koffie kunnen drinken. Oublie doet altijd alles wat ik graag wil. Daarom vind ik hem ook zo’n lieve man. We rijden vlak langs het vliegveld en dan let ik goed op het bordje Lamin Lodge, over een zandpad en door de bossen leidt de weg ons naar een oud rustiek hotel, het is nog steeds een architectonisch wonder, van een soortgelijk  gebouw, vind je geen tweede in Gambia. We gaan op het terras buiten zitten, we kijken uit op de rivier, er liggen allemaal bootjes op de oever, waarmee je een vaartocht over de zijstromen van de machtige rivier Gambia kunt maken, Je passeert heel wat landtongen, voor je in de echte Gambia bent, en dat is veel te ver. Het is erg rustig en vanuit het raam binnen heeft Niels me herkend. Hij komt bij ons zitten en ik vertel, dat we een heleboel pamfletten bij ons hebben die we aan het verspreiden zijn, het is een welkom om naar de expositie van de kunstacademie te komen, wil je er een zien, ik heb hem bedacht. Ik haal er een uit de auto en hij kijkt en kijkt nog eens en zegt dan:

Jij durft, dit is nu echte moderne kunst, en mag ik deze houden, ik vind hem erg knap, en misschien kan ik enkele van mijn gasten verleiden om zaterdag naar Brikama te reizen. Ik heb een probleem, ik heb twee koks, die samen niet door een deur kunnen, ze zijn erg goed, maar toch als het niet veranderd, moet ik een van de twee ontslaan. Ik heb vaak aan jou gedacht, je kunt huilbaby’s stil krijgen en ruziënde kinderen tam maken, ik vraag me af of je ook twee ruziënde koks in het gareel kan krijgen.”

Stuur ze maar hier naar toe en laat ze tegenover me gaan zitten.

                                                                                      ***

Ik ben Alphao, mijn collega is best een aardige man, maar nooit voor mij, alles wat ik maak kraakt hij af en hij gebruikt scheldwoorden als mietje en homo, terwijl ik dat helemaal niet ben, zijn werk mankeert net al dat van mij niets aan. Natuurlijk scheld ik terug, net zolang tot hij woedend is, maar de situatie begint ernstige vormen aan te nemen, Onze nieuwe manager heeft ons een week de tijd gegeven om normaal met elkaar om te gaan, maar daar zijn al twee dagen van verstreken. Edi schijnt het nog steeds niet serieus te nemen, want hij neemt nog steeds geen gas terug en hij noemt me nog steeds homo. De baas komt er aan en hij kijkt meedogenloos, en gebied Edi en mij naar het buiten terras te gaan en tegenover de jongen te gaan zitten. Wat gaat hij doen, gaat hij ons samen vernederen? De jongen kijkt naar de tafel en ik kan niet in zijn ogen kijken, maar nieuwsgierig ben ik wel geworden. Die hoerenloper, zoals ik Edi steeds noem, begrijpt ook niet wat hij hier moet. Het is een knappe jongen van een jaar of tien, maar wat wij tweeën hier te zoeken hebben, begrijp ik nog steeds niet. Niels komt wee terug en gaat tussen de oudere man en de jongen in zitten. En de gasten hebben koffie besteld en gekregen, maar als de jongen een slok van zijn koffie neemt, doet hij het zo, dat ik zijn ogen niet te zien krijg, De klok draait door, tien minuten, twintig minuten zitten we daar en Edi en ik, willen allebei zijn ogen zien, daaraan kun je zien wat voor karakter de ander heef Als zijn koffie op is kijkt hij eerst mij recht in mijn ogen, ik voel iets heel bijzonders, ik ben weer kind die aardige jongen van vroeger, die nooit schold en altijd aardig was en vriendelijk voor een ander Nu kijkt dat kleine ventje, die je zo over het hoofd zou zien, toch in staat is tot grootse dingen. Ik let scherp op het gezicht van Edi en het vertrekt en wordt meer dan lief, zijn houding naar mij is ook totaal veranderd, en of we het willen of niet, beide staan we op van onze stoelen, en wankelen nog helemaal beduusd over wat ons is overkomen, we naderen elkaar en beide spreiden we onze armen en beide storten we ons in elkaars geopende handen en kussen elkaar, en als hij zegt homo, weet ik dat hij er niets van meent, en ik zie in zijn ooghoek een traantje, en het voelt alsof we altijd vrienden zijn geweest, en natuurlijk gaan we vanaf nu overleggen en samen werken, ik loop samen met Edi rond de tafel en woelen beide tegelijk door het mooie steile haar van het ventje, en gaan daarna na een knipoog naar de nieuwe manager weer naar ons fornuis, om aan het diner van vanavond te werken.

                                                                                       ***

Oublie en ik stappen weer op nadat ik Niels beloofd heb, dat wanneer hij nog eens soortgelijke problemen met zijn personeel, of als hij ze heeft met zich zelf, hij altijd kan bellen en dan kom ik.

“Stel je een kus opprijs Matarr?”

Ja heel erg, hij trekt de auto deur open, en geeft me een kus zoals alleen een jongen die Anders is kan kussen, ik geef hem een streel door zijn mooie blonde haren en dan sluit ik de deur en ik zwaai, dat doet hij ook, tot de auto een bocht doorrijdt. We komen in het plaatsje Lamin, en het lijkt me toe, dat hier veel mensen wonen. Na wat heen en weer vragen, stoppen we op een zandweg naast het bureau voor werklozen, We laten na gevraagd te hebben hoeveel werklozen hier in dit district zich gemeld hebben. Er zitten er twee op een bankje, en ze krijgen elk vijfentwintig. De ene is een oude man, van over de zestig en de andere man is nog maar vijfendertig, ik vraag hem of hij goed gezond is. Ja, maar er was ruzie op mijn vorige baan, ik had er niets mee te maken, maar de baas heeft iedereen ontslagen, en een compleet nieuwe ploeg aangenomen, Dit is Gambia jongen, dat kan hier maar zo. Dat soort onrecht hoop ik ook nog eens iets te bedenken, maar nu zijn de kunstenaars aan de beurt, en dit zal gemakkelijker zijn, dan de strijd aanbinden met de bazen die zelf een kort lontje hebben en bovendien gewetenloos zijn, en niet bedenken dat iedere werker een gezin achter zich heeft staan, die geld nodig heeft en dat hun kinderen naar school moeten, om in de toekomst niet zo als hun vader behandelt te worden. Als we weer rijden richting Serrecunda, vraag ik Oublie,of hij ook wel eens arbeiders heeft gehad die ruzie met elkaar maakten, en dat anderen er zich mee gingen bemoeien en de sfeer verpest werd?

“Dat is een keer in het verre verleden gebeurd, maar ik heb ze niet allemaal ontslagen, maar ik heb eerst navraag gedaan,ik liet ieder een voor een in mijn kantoor komen en luisterde naar hun verhaal en mening, en naar wie de rotte appel was. Toen hebik de rotte appel ontslagen, en hem bij de arbeidsbureau’s op de zwarte lijst laten zetten.”

Dat heb je netjes gedaan Oublie, zo hoort het ook. Serrecunda is heel groot, we laten daar tweehonderd pamfletten achter. Het valt me op dat de beambten van de bureau’s voor werklozen allemaal aardige mannen zijn, in dit geval was het een vrouw en ze was niet mild, en ze sjacherde over de prijs per pamflet, ik zei dat we verder gingen, dan maar geen mensen uit Serrecunda naar de expositie. Ik zei, dat kunstenaars arm waren, en dat wij de affiches rondbrachten als vrijwilliger. De vrouw keek me minachtend aan, alsof ik niet al grote daden op mijn naam had staan. Ze probeerde nog met tussen de beide prijzen in te gaan staan, maar ik nam resoluut het tasje met pamfletten en ging er mee in de auto zitten. Uiteindelijk toen Oublie ook in de auto wilde gaan zitten, haalde de brouw bakzijl en we betaalden haar tweehonderd maal vijf en twintig, dus vijfduizend Dollacis. Ik begin nu dicht bij huis te komen, ik denk er over om Oublie te vragen om langs mijn huis te rijden, maar dan denkik, dat is niets voor zo korte tijd, en mijn vader en moeder werken allebei. Dus dat laat ik gaan, In West-field, staan ook wel veel huizen, of in het moerassig gebied of waar ik hoor te wonen in zuid. We parkeren in het centrum, want het is razend druk en niet veilig om met de auto naar het bureau te zoeken, we lopen en vragen, en na een kwartiertje hebben we het bureau voor werklozen gevonden. Hier troffen we een aardige man en hij noemde het bedrag van vijf en twintig Dollacis redelijk, we gaven hier vijfenzeventig pamfletten af. Daarna liepen we weer terug naar de auto en reden naar Banjul. Het is wel de hoofdstad en er staan een paar mooie regeringsgebouwen, maar voor de rest een verpauperde stad, sommige zandwegen waren vervuild door overgestroomde rioleringen, het verkeer stond om de haverklap muur vast, het kostte ons veel tijd om bij het bureau voor werklozen te komen. Ik zag dat er maar weinig rijke mensen in Banjul wonen, en vind vijfenzeventig pamfletten wel voldoende, ze doen nergens moeilijk over, en we hebben genoeg gepast geld om te betalen, dus dat levert ook geen moeilijkheden op. De volgende halte is Bacau, dat is best een mooi stadje met mooie parken en wildtuinen, zoals krokodillen. Hier stond ook een vrouw aan het hoofd en had dienst, ze was wel aardig, en ze noemde het officiële werkloosheidscijfer, maar dat getal is maar het topje van de ijsberg, de werkelijkheid was veel hoger, veel werklozen gingen zelf iets zoeken, bij familie of als invalskracht. Nu gaan we naar Sene Gambia, het is daar een en al hotel en andere uitgaansgelegenheid, en het wemelt er van de toeristen. Ik stel voor aan Oublie om daar even op een terrasje te gaan zitten, na West-field en Banjul, hebben we er wel een beetje genoeg van gekregen. We gaan eerst naar het bureau voor werklozen, en er zijn hier maar weinig werklozen, maar gelukkig wel een paar, het zijn nog jongens, die niet precies weten wat ze willen, en toch wat willen verdienen, het bestuur denkt er over dit bureau op te heffen. Ze belt naar een van de jongens en binnen vijf minuten is hij er op zijn fiets, hij zegt dat hij dit leuk werk vind en zinvol, want met de kunstenaars in ons land, blijft het armoe geblazen. Dat is een jongen naar mijn hart, en ik geef hem een snelle streel en hij herkent dat en geeft er een terug, ik vraag of hij mee gaat naar een terrasje om wat te drinken en wat te kletsen. We nemen alle drie Fanta en hier zit je op gemakkelijke stoelen en je ziet voortdurend mensen langs het terras trekken en kijken. Dat doet deze jongen ook, zoveel hartelijkheid is hij niet gewend. Vertel eens, hoe heet je en wat voor school heb je gehad en wat ambieer je voor de toekomst.

“Mijn naam is Samson, ik heb gewoon een aardige vader en moeder en ik kan het goed met hen vinden, ik ben zeventien jaar, en mijn school stopt, omdat vanaf deze leeftijd de staat het voor gezien houd, het liefst wil ik Business gaan doen. Maar daar heb ik geen geld voor.”

Kortgeleden was ik bij een rijke vrouw in Holland, en ze heeft een mooi bedrag voor veel jonge jongens gegeven, ik kan jou aan die opleiding helpen! Hij springt op van zijn stoel en danst om me heen en zegt duizendmaal dank, je hebt me net een toekomst gegeven. Dat ga je voor mij doen Matar?”

Ja, dat ga ik voor jou doen,

“Kan ik dan iets terug doen, ik ben dol blij.”

Ja, deze meneer, en ik wijs naar Oublie en ik willen er beide een kus voor terug.

Hij springt weer overeind en slaat zijn armen om Oublie en geeft hem een wang tegen wang en een kus op zijn mond, Bij mij doet hij het nog inniger, en ik had meteen al gezien, dat dit een aardige jongen was , eentje die meer verdient dan een werklozen bestaan. Ik zet zijn telefoon nummer in mijn mobiel en ik zeg dat het wel een paar dagen op zich neemt, wat ik heb ook geld gekregen van een man, die nu te oud is om naar Gambia te gaan, zij lijstje met studenten ben ik nu mee bezig, en aan de pamfletten te zien, pak ik het stevig aan om hen een betere toekomst te geven, het lijstje beval veel studenten op de kunstacademie, die hun laatste jaar nog moeten doen. Dan ben jij pas aan de beurt. We nemen ook weer met een kus afscheid, en dan komt Brufutt als laatste plaats, we hebben nog vijfenzeventig pamfletten over, dat hebben we goed getimed. We rijden nu naar huis, In Brufutt, weet Oublie het bureau wel te vinden. Het is een bevlogen man, die met de werklozen meeleeft, en hij is blij met alle werk dat hem wordt aangeboden. Even later zitten we bij Oublie in de schaduw van een grote boom in zijn thuis, hij neemt een pilsje en ik een cola, zodra we zitten sla ik mijn armen om zijn hals en trek hem met zijn hoofd tegen mijn borst en mijn hoofd buig ik zodat ik bij zijn lippen kom, en dan kus ik hem en bedank hem voor wat hij voor mij heeft gedaan. En ik vraag of hij zaterdag ook naar de expositie gaat. Ik vertel over het druppelapparaat, dat druppels op een glasplaat laat vallen en de gekleurd lampjes, geven een heel mooi effect op de foto als de druppel uiteenspat. Ik vertel over Frances, en dat ik hem geld geleend heb om er een mooie sierlijke kast omheen te laten timmeren.

“Ik heb het al veel vaker gezien, Matarr, je hebt visie, en ik ben trots op je, altijd al geweest. Als de kast mooi is, koop ik hem van Frances, is dat een aardige jongen?”

In het begin had hij niet veelvertrouwen in een ventje van tien, maar toen ik in zijn ogen gekeken had, draaide hij bij en helemaal toen ik aan bood het geld voor de kast voor te schieten. De jongen van Tujering, dat is de jongen met de dikke kont op het Pamflet, was vanaf het begin af aan aardig en wat ook voor hem pleit, is dat hij tijdens de exposities al zijn werk heeft verkocht. Ik pak de lijst van Undermine, en zie dat er nog drie dames zijn voor de Hotelschool en waar is die; goed geraden in Sene Gambia, dat komt heel goed uit, als ik die meiden morgen heb gehad, kan ik me aan mijn eigen studenten weiden, en ik heb reuze veel zin om Samson weer te zien. Ik zou wel een poosje met hem willen kletsten, en nog liever met hem naar het strand te gaan, toen ik hem zag was ik meteen al ernstig op hem gesteld, en hij mocht mij ook graag, nu weet ik niet of dat komt omdat ik in zijn ogen heb gekeken. De meisjes heten Liline, Saily en Mala. Ik heb drie nummers, ik probeer het bij de middelste, dat is de mooiste naam. Haar telefoon rinkelt vier keer en dan:

“Met Saily.”

Hallo Saily, je spreekt met Matarr, ik ben net in Holland geweest bij de man die jullie elk jaar je schoolgeld geeft, maar hij is nu erg oud geworden en kan hier helaas niet meer naar toe komen.

“Krijgen we nu het laatste jaar geen schoolgeld?”

Als je lief voor me bent, kom ik het morgenvroeg om tien uur brengen, luister goed, je moet twee meisjes van je school meenemen en dan bij Ali baba op het terras gaan zitten, het betreft Liline en Mala, die ken je toch wel hè.

“Geweldig, omdat ik niets meer hoorde, begon ik me zorgen te maken of ik mijn school wel af kon maken. We zullen er zijn, hoe kunnen we jou herkennen?

Een knappe jonge man van tien met steil haar.

Ik leg de telefoon neer en zoek het nummer van Samson. En ik spreek met hem af om twaalf uur op het zelfde terras. Hij zegt dat hij zich er enorm op verheugd om mij weer te zien.

Ja, ik voel ook veel sympathie voor jou, tot morgen. Het is tijd geworden om te eten, ik heb al weer veel te vertellen. Na het eten ga ik naar Jurja, en het is heerlijk om haar al mijn belevenissen te vertellen, vooral over de koks, die ik tien minuten in spanning liet en ze daarna pas aankeek, het effect was verpletterend. Ze kust me hiervoor, we zijn weer op ons minneplekje de omgevallen boom beland. Tussen twee tongzoenen door vertel ik haar wat er morgen op het programma staat, ik vertel haar, dat ik in ieder geval met Samson naar de zee wil, ik neem dan mijn zwembroek mee, en Samson is sterk genoeg om tegenop te klauteren. Ik vertel haar hoe het meteen klikte en dat er meteen vriendschap ontstond. Na nog een lange zoen, moest ik helaas naar bed en dat deed ik. Jarra had op mij gewacht, en ik moest hem nog over Samson vertellen. De volgende dag zat ik om negen uur in een busje en bij de Turntable, stapte ik in een taxi, bij de ingang van Sene Gambia is een permanente poort met permanente bewaking, vreemde taxi’s mogen er niet in, en deze was een cityhopper, die neemt mensen in en laat mensen uit in de berm van de auto weg. Het is niet ver lopen, en bij de poort moet ik mijn persoonsbewijs laten zien. Ik ben twintig minuten te vroeg, ik neem nog een koffie en kijk naar de mensen op straat die langs het terras lopen. De ober herkent me nog van gisteren, dat vind ik best knap. Op straat zie ik drie meiden, van ongeveer twintig druk in gesprek langslopen, grote kans dat ze voor mij komen. Ik zit aan een klein tafeltje, naast mij is nog een grote tafel vrij, en daar kunnen we met gemak met zijn allen zitten, De drie meiden kiezen een zitplaats aan de grote tafel en een van de meiden kijkt me eens goed aan en komt dan naar me toe en vraagt of ik Matarr ben. Ik knik en ga bij hen aan tafel zitten. De eerste die ik een hand geef, stelt zich voor als Liline, ze is lang en heeft weinig borsten en haar gezicht is ook niet erg knap, maar haar houding is beroepsmatig en er straalt geen hartelijkheid van haar af. De tweede blijkt het meisje dat ik aan de lijn gehad heb, Saily, dit is echt een schatje, hoe innemend ze naar me kijkt, alsof ze een vriendin van me is, haar borsten steken recht vooruit, en ik krijg al zin om ze uit te pakken. Verder is ze uitzonderlijk knap. De derde, is niet knap en niet lelijk, een gewoon meisje met gewoon ronde borsten iets aan de kleine kant, ze geeft me een hand en een beroepsmatige glimlach. Ze stelde zich voor als Mala, ze is negentien. Mijn favoriet is Saily. Als ik ze alle drie in hun ogen heb gekeken, gaat het koele van Liline en het afstandelijke van Mala er af, en de meiden beginnen me meteen te strelen en ze vragen, of ze ook een tegenprestatie kunnen leveren.

Omdat de ober langs komt om de bestelling op te nemen, geef ik direct geen antwoord, we praten wat en wachten tot de drankjes komen. Je zou denken dat ik geen belangstelling heb voor de kleine borstjes van Liline, maar dat is niet waar, klein kan soms ook erg lief zijn, en het maakt ook uit hoe ze ingeplant zijn. Ik heb ook een cola genomen en vraag waar de school staat, die blijkt hier tien minuten lopen vandaan te liggen. Lilliane, de gene waar ik het niets van verwacht, herhaalt de vraag, of ze een tegenprestatie kunnen leveren.

Lieve meiden, ik heb een hartstocht voor borsten, en ik heb er al heel veel gezien. Ik zou die van jullie ook graag even willen zien en voelen, is dat een plezierige tegenprestatie of niet.

“Ik heb niet zoveel om te laten zien, Matarr, je kunt mij beter over slaan, of er voor in de plaats een flinke tongzoen vragen,”zegt Liline.

Je kunt de beoordeling van je borsten beter aan mij overlaten, ik ben een expert geworden. Ik heb heel wat kleine borstjes gezien van meisjes van dertien, en die hadden vaak een eigen charme.

“Goed, het mag bij mij thuis.”

Het is een wonder hoe Liline veranderd is, ze streelt me, ze trekt met haar vingers door mijn haar en ze kust me op mijn wang. Mala is ook een brok hartelijkheid geworden. Saily was al heel leuk, en ze blijft uiterlijk zich zelf, maar als ik naar de brede lach kijk, die ze me toewerpt, zie ik daar genegenheid voor mij in. Als de drankjes op zijn, betaal ik en gaan we met zijn drieën naar de school. Ik geef aan alle drie het geld en zij betalen hun schoolgeld en ik krijg het wisselgeld en de kwitanties terug. Het is een aardige vrouw, die het geld int, en ze kijkt me aan alsof ze iets niet snapt, ik help haar niet uit de droom. We lopen naar het huis van Liline. Ik mag de blouses losknopen en uit trekken en daarna de BH’s los gespen. Ik ben begonnen met de gastvrouw, ik wil haar een hart onder de riem steken en om haar een beter zelfbeeld te geven, zeg ik dat ze mooi ingeplant zijn en ik ga langs de randen met mijn vinger en dan zet ik



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.