Gegevens:

Categorie:
Horror
Geplaatst:
24 juni 2017, om 06:15 uur
Bekeken:
425 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
157 [ download ]

Score: 1

(1 stem)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Nerds bezoek Musée d’Orsay"


In het Musée d’Orsay stond het groepje onder leiding van Herr Hermann en Lange Hans plotseling voor het schilderij l’Origine du monde van Gustave Courbet.

   ‘Dit werkje zal ons hedentendage wel helemaal niks meer doen,’ beweerde de reisleider, ‘maar toen het hier voor het eerst vertoond werd veroorzaakte het een schandaal.

   ‘Ik vind die Nietzschiaanse drolsnor die Herr Hermann onder zijn neus heeft hangen nog indrukwekkender,’ mompelde Karel. ‘Alsof twee harige beesten in zijn neusgaten proberen te kruipen. ‘De titel van het schilderij vind ik wel leuk gevonden, moet ik zeggen.’

   ‘Ik moet ineens aan mijn oudere broer denken, ik wou dat hij dit kon zien,’ zei Hermann mijmerend. ‘Hij zou dit wel kunnen waarderen, mijn o zo succesvolle broer Jürgen, twee jaar jonger ik, een-en-dertig. Loert altijd naar vrouwen, kleedt ze uit met z’n ogen.’

   Jürgen ging vooral voor jonge vrouwen van onder de vijf-en-twintig. Die kwam hij in Berlijn tegen, op z’n werk of in de chique winkelstraat, secretaressetrutjes of doktersassistentes of winkelmeisjes in dure modezaken. Jong en opwindend, zei Jürgen, met mooie lange benen en kaalgeschoren kutjes. Vrouwen van latere leeftijd, beweerde hij, zo van boven de dertig, hadden altijd van die grote bossen haar, een oerwoud, je hebt een kapmes en een zaklantaarn nodig om er je weg te vinden. Die uitspraak was hij eens tegengekomen in een van de vele Amerikaanse flutromannetjes die hij las. Jürgen had de woorden tot de zijne gemaakt: Women my age… it’s like a jungle down there! You need a machete and a flashlight! Ja, Jürgen was nogal kruisgericht, altijd al geweest, op het maniakale af, altijd had hij het er over, over wie hij allemaal aan zijn pik had geregen, wie er nu weer aan het eind van zijn paal had liggen spartelen, over zijn Schwanz, zijn “ferme jongen”, zijn “stoere knaap”, waar iedere mooie jonge vrouw die hij maar wilde zich op vastprikte. Of het allemaal waar was…?

   Hoe konden twee broers zoveel van elkaar verschillen? Hijzelf donkerharig, zijn broer Arisch blond. Twee uitersten. Hijzelf was nog nooit met een vrouw naar bed geweest, had nog nooit een vrouw in levende lijve naakt gezien, laat staan aangeraakt. Angst, hij wist het: angst voor The awful daring of a moment’s surrender.
   Je moet vrouwen iets te bieden hebben, had Jürgen vaak beweerd. Maar Hermann had niemand veel te bieden, vond hij. Zijn broer had dat wel: een goedbetaalde baan, een snelle auto, een luxe appartement in Berlijn, een vlotte babbel, zijn uiterlijk… Hermann was de mislukkeling van de familie, the loser, hij had nog niks met zijn leven gedaan, I have measured out my life with coffee spoons. Hij had een vrouw niets te bieden of het zou zijn belangstelling en kennis van literatuur moeten zijn, een gevolg van zijn studie Algemene Literatuurwetenschap, die tot niets had geleid, behalve een baan aan een universiteit in het zuiden van Nederland. En wat er van overgebleven was, van die jaren intensieve studie, waren de flarden poézie in drie moderne talen die dagelijks door zijn hoofd spookten, die hem te pas en te onpas te binnen schoten.

   ‘En daaruit zijn wij dus allen voortgekomen,’ besloot Lange Hans zijn betoog staand voor het schilderij. ‘Iemand die hier nog iets aan toe te voegen heeft? Herr Hermann misschien?’

  Herr Hermann moest tot zijn schande bekennen dat hij niet goed geluisterd had tijdens de uitleg van Hans, dat hij met zijn gedachten ergens anders was geweest, in Berlijn.

   ‘Ik zou die geschilderde mevrouw een Bikini waxing willen aanraden,’ opperde Gansje. ‘Of een landing stripje. Of een full Brazilian wax.’

   ‘Dat zou ze van onder een mooie vertikale glimlach hebben gehad,’ gniffelde Bertus, ‘een geheimzinnige Mona Lisa-glimlach.’

   ‘Dat… zoiets…’ ging Gansje luidruchtig door, wijzend naar het schilderij, ‘Zo’n vacht zou toch geen enkele vrouw tegenwoordig nog willen hebben.’

   ‘Vind ik ook,’ viel Karel haar bij. ‘Zo’n woestwoekerende wolk donker haar, zo’n uitgestrooide hoeveelheid zware shag van Van Nelle op je onderlijf, dat kan toch niet meer. Met zo’n dichte vacht kriebelhaar maakt een vrouw zichzelf tegenwoordig totaal on-befbaar? Een man zou bij haar met zo’n hap haar in de mond…’

   ‘Kom jongens, laten we door lopen, er is ongetwijfeld nog veel meer boeiends te zien,‘ stelde Cooleyes kordaat voor.

   Het groepje schuifelde verder. Even later, in een volgende zaal, zagen ze de drie buitenlandse jongeren die in het zelfde hotel verbleven en met wie een aantal busreizigers al contact hadden gehad. Het drietal – door Karel Les Trois Mousquetaires genoemd – stond een paar meter verderop naar een Van Gogh te turen.

   Afluister Arie, die natuurlijk zoals altijd zijn oren en ogen wijd open had gehad, aantekenboekje in de aanslag, kon hun nu vertellen dat de jongen die met zijn lange nek boven zijn metgezellen uitstak, een Amerikaan was en Dave Hirschfield heette. De kleine bebrilde jongen naast hem was Japanner en heette Yuki; hij was striptekenaar van beroep. De derde van het gezelschap was een Australiër genaamd Roderick Rudd, ook wel Roddy the Rude genoemd. Alle drie waren ze in de business of creating and producing manga magazines. Of hentai - dat waren erotische verhalen, zeer populair in Japan, maar nu ook rapidly conquering the rest of the world. Nou ja, pornoverhalen waren het eigenlijk, vol perverse seks… De drie hadden elkaar toevallig een half jaar geleden in Sydney ontmoet – in het artistieke, bohemiaanse centrum van die grote Aussie stad - en nu reisden ze van de ene metropool naar de andere: Londen, Kopenhagen, Parijs… op zoek naar materiaal voor hun stripverhalen. Yuki was de getalenteerde tekenaar, Roddy verzon en verwoordde de verhalen en Dave was de geldschieter en zakenman die dit alles mogelijk maakte en voor zijn lol deed; hij stamde uit een schatrijke uitgeversfamilie uit New York.

   ‘Als je iets over iemand wil weten, vraag het Arie de Afluisteraar,’ mompelde Jolien.

   ‘Die kleine Japanner lijkt zelf wel een stripfiguur,’ zei Koen. ‘Hij doet me denken aan dat manneke dat ik tegenkwam in een stapeltje Kapitein Rob verhalen bij m’n opa op zolder. Ene Yoto, de assistent van Professor Lupardi. Mijn opa las die boekjes toen ie zelf elf was. Ik heb ze van hem geërfd. Kijk, Yoto… ik bedoel Yuki… staat daar aantekeningen te maken in een opschrijfboekie…’

   ‘Hij observeert mensen, hij maakt snelle schetsjes van hun koppen, van gezichtsuitdrukkingen,’ legde Arie uit.

   Ze liepen op het drietal toe en begroetten hen.

   ‘G’day,’ zei Roddy, zijn hand nonchalant half naar hen opstekend toen hij de Hollandse hotelgasten herkende. Dave de langnekkige zei niks maar grijnsde van oor tot oor. De kleine Japanner ging door met het geconcentreerd vastleggen van indrukken met snelle korte inktstrepen in zijn schetsboek. Jolien kwam naast de Aziaat staan en keek toe. Al gauw draaide Yuki zich half om en begon het kale fallushoofd van Lange Hans te tekenen, zijn Pim Fortuynkop. Jolien vond het fascinerend wat hij deed.

   Roderick the Rude, Yuki en Dave Longneck werden aan de leden van het gezelschap voorgesteld die ze nog niet eerder hadden ontmoet. Yuki haalde een ansichtkaart uit de binnenzak van zijn jasje – het was een afbeelding van een bloeiende perenboom van Van Gogh – en tekende met snelle halen het vrolijk lachende gezicht van de Belgin er dwars doorheen. Iedereen vond het mooi en knap gedaan. De Belgin als perenboompje in bloei – erg treffend. Hij bood haar de kaart aan en ze was er dolgelukkig mee. Yuki maakte een buiging. ‘Full of joy and light,’ zei hij met zachte stem.

   Na wat gepraat over en weer stelde Roddy voor om gezamenlijk iets te gaan eten. Om de hoek, het was er niet goedkoop, no certainly not cheap – they really charge you… like a wounded buffalo - maar Dave zou alles betalen, zou voor iedereen betalen, all of us, no worries, leave it to Dave. Longneck Dave stond er bij zonder iets te zeggen, een minzaam lachje om zijn lippen.

   ‘Hij denkt dat we armoezaaiers zijn, ordinaire rugzaktoeristen,’ zei Gansje.

   ‘That’s very generous of Dave but…’ begon Jolien voorzichtig, ‘… but we…’

   ‘Yeah, Dave’s a really really generous person, no doubt about it, that he definitely is, generous, is he ever generous!’ benadrukte Roderick nogmaals gehaast. De jongen zei dit zo’n verbeten trek om de mond, merkte Jolien, met zo’n intensiteit… Ze vond dat hij een soort Dostojevskiaanse bezetenheid had. En Roddy bleef maar door gaan over hoe goed en vrijgevig Dave wel niet was, wat voor een hartstikke gulle kerel hij was. ‘He’d do anything for you, seriously, he’d give you anything you needed, he’d give you his own arsehole to shit through if you didn’t have one of your own, Dave is that good and generous!’

   Lange Hans schoot in de lach. ‘That clinches it,’ riep hij. ‘Let’s all go and eat!’

  

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.