Gegevens:

Auteur:
Categorie:
Kinder
Geplaatst:
19 oktober 2015, om 14:13 uur
Bekeken:
420 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
196 [ download ]

Score: 1

(1 stem)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Sint Verhuist"


Sint Verhuist

 

Mee in de zak naar Spanje, dat mij dat toch weer moest overkomen. Nou ja, ik hoefde niet echt mee in de zak natuurlijk. Nee ik kreeg keurig een vliegticket opgestuurd. Bovendien was het aan het begin van de lente. In de begeleidende brief werd alles keurig uitgelegd en alles was tot in de puntjes geregeld. Je kon zien dat hier een organisatie achter zat die zijn zaakjes goed op orde heeft. In de brief stond alleen het hoogst noodzakelijke. Maar wat er in stond deed mij eigenlijk onmiddellijk besluiten om de uitnodiging te aanvaarden. Hier de inhoud van de brief:

 

Beste Marcel,

 

Om maar gelijk met de deur in huis te vallen, ik wil je graag uitnodigen voor een verblijf in mijn paleis in Spanje. De reden waarom ik jou heb gekozen is dat jij een schrijver bent en om die reden wil ik graag dat je het verhaal schrijft wat ik te vertellen heb. Dit verhaal zal in ieder geval voor mij en mijn organisatie nog best wat voeten in de aarde hebben en de nodige veranderingen zorgen. Waarom jij? Nou ja je bent, denk ik, best een goede schrijver, in ieder geval van kinderboeken, want ik zie je naam en je boeken regelmatig op lijstjes van kinderen, maar ook van volwassenen voorbijkomen, vandaar eigenlijk. Daarnaast is je naam De Goede, dus dat moet welhaast vanzelf goedgekomen. Bijgesloten vindt je een vliegticket voor de vlucht ST177 van Amsterdam Schiphol naar Madrid Barajas vertrek op 1 april om 10:30. Ook een OV-chipkaart met voldoende saldo om met het openbaar vervoer op Schiphol te komen. Je verblijft uiteraard in mijn paleis in Madrid. Laat even weten of je komt. We rekenen op je.

 

Met vriendelijke groet,

 

Sint Nicolaas.

 

Je begrijpt dat ik bijna stijl achteroversloeg na het lezen van deze brief van Sinterklaas. En ja, de vliegticket op naam en de OV-chipkaart zaten er echt bij. Ik las hem nog een keer en nog een keer en liet hem toen door mijn vrouw Els lezen. Ik had gelukkig gezegd dat ze eerst moest gaan zitten. Els was ook de eerste die weer iets uit kon brengen en haar woorden waren: “Je gaat!”.

Langzaam schudde ik ja met mijn hoofd en streek het haar van mijn bijna kale kop glad. Er stond een e-mail adres waar ik naar kon antwoorden. Ik zette mij neer achter de laptop en typte dit lange bericht:

 

Beste Sint,

 

Ik kom.

 

Met vriendelijke groet,

Marcel de Goede.

 

Toch bleven er nog genoeg vragen en vraagtekens over. Wat waren de veranderingen waarover de Sint het had? Wat kon er nu zo groot zijn dat dat zo veel voeten in de aarde had? Waren er probleem met Sinterklaas of het Sinterklaas feest? Was de stoomboot misschien kapot? Was Amerigo ziek? Zat er toch een pepernootje in de achterband van de fiets van Piet? Kortom wat was nu eigenlijk het verhaal en wat moest ik opschrijven? Teveel vragen, te weinig antwoorden. Els zei, de Sint zal echt wel een goeie reden hebben en je niet voor niets uitnodigen, ga nu maar, want dit is waarschijnlijk de enige keer in je leven dat je zo dicht bij de Sint zal kunnen komen, op zich geeft dat al genoeg stof voor duizenden verhalen. Dat was waar. Bovendien de Sint brengt elk jaar weer zoveel vreugde en goeds bij alle mensen en vooral kinderen dus het is vanzelfsprekend dat als je iets goeds terug kan doen voor de goed heilig man je dit gewoon doet.

 

Op het kantoor van Sint Nicolaas in het paleis te Madrid gaf de computer van Sint een ping ten teken dat er een nieuwe e-mail was ontvangen. Sint las het e-mail bericht van Marcel de Goede. “Ik kom.” Voor een schrijver van dikke boeken was hij toch niet al te lang van stof, althans nu. Sint moest glimlachen en dacht “hij komt, meestal denkt men dat over mij, goed zo, dan kunnen we beginnen”. Sint stond op en liep de gang in, hij riep: “Piet … Piet … zeg die Marcel de Goede, die schrijver waar we het over hebben gehad, nou die komt, we kunnen de voorbereidingen dus beginnen. In de kamer er naast reageerde een bijna net zo oude man als Sinterklaas op de roep om Piet, ook hij glimlachte en knikte en stond op, er was werk aan de winkel.

 

Het verhaal van Sint Nicolaas is vele malen verteld, maar laat ik nu toch eens de feiten boven water brengen. Eigenlijk is het simpel. In Engels sprekend landen heb je de Kerstman en daar wen men Nederlands spreekt viert men Sinterklaas. Dit is in Nederland en België. Het grote sinterklaas feest is op 5 december, elk jaar weer. 6 december vieren we de verjaardag van Sint Nicolaas. Sinterklaas weet alles en al die informatie is opgeslagen in het grote boek. Vele spionnen en geheime diensten zijn hier erg jaloers op en zouden graag in dat grote boek van Sinterklaas willen kijken. Gelukkig is dat nooit gebeurd. Ik ga er vanuit dat dat ook nooit zal gebeuren want het boek van Sinterklaas wordt bewaard in de dikste kluis die ik ooit heb gezien met een deur zo dik als een olifant al moet ik wel eerlijk toegeven dat ik niet heel veel kluizen heb gezien en olifanten ook niet trouwens. Ja in de dierentuin. Natuurlijk is dit niet één groot boek, maar er zijn er velen. Ga maar na, Sinterklaas wordt al gevierd sinds mensen heugenis en misschien daarvoor ook al. Al die mensen, dit zijn er miljoenen, misschien wel miljarden, die staan vermeld in het boek van Sinterklaas. Daarnaast heeft de Sint een uitermate goed geheugen. Hij maakt hierbij gebruik van allerlei geheugen technieken. In dit geval het zo genaamde geheugen kathedraal, waar in veel informatie een plekje krijgt. Sherlock Holms maakt hier ook gebruik van, maar hij om misdaden op te lossen, de Sint om kinderen blij te maken, ik weet wel waar mijn voorkeur zou liggen. Er wordt gezegd dat de traditie is ontstaan bij de Bisschop van Myra in Turkije rond het jaar 300 na Christus. Sinterklaas bevestigd nog ontkent dit, maar met een knipoog laat hij weten dat hij dit misschien wel was, maar misschien ook weer niet.

 

Daar sta je dan, als pietepeuterig schrijvertje met je koffertje op 1 april, nee geen grap, te wachten op de trein die je naar Schiphol brengt voor een vlucht met het vliegtuig naar het paleis van Sinterklaas. Naast je op het perron je vrouw die al even zenuwachtig is. “Heb je alles? Schone onderbroeken, schone sokken?” Ik beantwoord bevestigend met een zoen. “Ja, ik heb alles minstens wel 100 keer nagekeken.” De trein kwam knarsend tot stilstand op het perron. Eerst wachten tot de mensen uitgestapt waren. Dan een laatste kus een laatste knuffel en hups de trein in, snel een plaatsje zoeken aan het raam, voor een laatste maal zwaaien naar Els, een handkus. Zag ik daar nu een traan in de ooghoek van Els? Na ja, ik ging niet naar het einde van de wereld, nee, deze zak gaat naar Spanje. De trein trok langzaam op, een laatste glimp van Els en weg waren we, op weg, naar Spanje, naar Sint Nicolaas.

 

Op Schiphol aangekomen, krijg je natuurlijk eerst weer eens de grootste kriebels omdat je denkt dat je je paspoort vergeten ben en waar is mijn ticket? Het leven van een warhoofd valt niet mee, Els noemt me soms wel eens Warre. Het is een raadsel dat met dat zaagsel in die bovenkamer er af en toe nog boeken geproduceerd kunnen worden. Of was het zo dat het zaagsel vermalen werd tot pulp en uit die pulp weer papier werd gemaakt. Hoe dan ook, Els grapte altijd dat ik door dat zaagsel niet naar de dokter hoefde, maar gewoon naar de poppendokter kon wat weer aanzienlijk scheelt in verzekeringspremie. Vlucht ST177 naar Madrid, gate 33 inchecken aan balie 19 las ik op de televisieschermen. Vriendelijk nam de beambte mijn koffer in ontvangst.

 

Het vliegtuig lande zonder problemen op het vliegveld Barajas van Madrid. In de aankomsthal aangekomen zag ik al gauw een jonge man staan met het bordje MR. De Goede. Hij had een A4-tje met daarop een beetje korrelige uitvergrote foto van mijn tronie. Ik zag het bordje, hij fronste, maar zag toch een beetje gelijkenis met de foto. Hij stelde zich voor als Miquel en als ik door mijn oogharen keer had hij toch wel enigszins gelijkenis met Lionel Messie, vooral de haardracht leek wel enigszins te kloppen. Miquel sprak feilloos Nederlands, maar je hoorde toch duidelijk de Spaanse tongval, wat ik wel grappig vond klinken en ja laten we het maar niet over mijn Spaans hebben. Hij leidde me door de aankomsthal naar buiten waar bijna pal voor de ingang op de taxi standplaats zijn auto geparkeerd stond. Blijkbaar was de glimmende goud en zilver kleurige sticker die onder de voorruit geplakt zat met Spaanse termen en emblemen voldoende om op een taxi parkeerplaats te mogen parkeren, de andere taxi chauffeurs keken ook niet raar op. “Zo meneer de Goede,” zei Miquel, “ik zal u snel naar Sinterklaas brengen, hij zal u alles uit de doeken doen.” Onderweg ontpopte Miquel zich als een ware reisleider en vertelde allemaal feiten en weetjes over Madrid. Kijk links, kijk rechts, ik keek mijn ogen uit, zo leek het haast toch een beetje op vakantie. Was het een vakantie? Ik zou er snel achter komen. Er was een wegwijzer met een plaatje van een kasteel die verwees naar een afrit met de naam “Palacio de la Zarzuela”. We sloegen af op weg naar het paleis. De weg was kronkelig, maar na een tijdje kwamen we toch aan waar we moesten wezen gewoon door de bordjes te vogen. Daar was het dan het paleis van Sint Nicolaas. Het was een paleis waarvan je zegt, ja dat is een paleis en zo verwacht ik dat een paleis er uit ziet.

Blijkbaar was het op een of andere manier mijn aankomst bij het paleis reeds duidelijk geworden. Tja Sint en de Pieten weten alles, want toen we bij de ingang van de paleistrappen voor kwamen rijden stond Sinterklaas reeds op mij te wachten. U kunt zich voorstellen dat ik toch wel geschokt was, ontdaan, maar ook onthutst, al was het alleen al om zijn uiterlijk. Niks geen mijter, niks geen werk pet, geen tabberd, geen staf. Sint stond daar in een heerlijk zomer tenue. Een toch wel typische Spaanse witte bloezende blouse met biesjes en korte mouwen. Daaronder een kaki korte broek die net tot boven de knieën kwam. Zijn voeten zaten in van die typisch Spaanse bruine teenslippers. U begrijpt dat dit alles mij nogal van mijn stuk bracht. Maar goed dat is natuurlijk tot daar aan toe en zeker begrijpelijk in het Spaanse klimaat. Echter het meest schokkende van het totaal plaatje wat mij echt van mijn stuk bracht en er voor zorgde dat mijn mond openviel was het feit dat DE sint zijn haar in een staartje had. Dat was wel even wennen en ja ook dat is ook weer met de Spaanse warmte in gedachte natuurlijk volkomen begrijpelijk. Maar goed, je staat daar, met open mond en de sint was nog bezig om zijn telefoon gesprek af te ronden. Die zag mijn schok en moest daarom hartelijk glimlachen terwijl hij gedag zei door de telefoon en het mobieltje in zijn broekzak liet glijden. Sint kwam met zijn uitgestoken hand naar me toe en zei: “Meneer de Goede, of mag ik Marcel zeggen? Hartelijk welkom in mijn zomerverblijf. Tja ik zie dat u enigszins geschokt bent omdat ik niet geheel uitgedost ben zoals u gewend bent, maar geloof me u zou ook niet graag in een rode mantel lopen met dit weer. Heeft u een goede reis gehad?”

-”Ja”, zei ik al weer een beetje over de ergste schok heen en ik liep op Sint af om hem een hand te geven, “en zeer bedankt voor de uitnodiging, het is mij een hele eer om zo bij u te komen.”

“Ha, ha “ lachte Sint, “nou ja waarschijnlijk moet ik u aan het eind bedanken, maar dat mag u uiteraard helemaal zelf beslissen. Ik wil u graag vragen om mee naar binnen te gaan.”

-”Ja natuurlijk, ik ben erg benieuwd waarom ik hier en nu en vooral ook waarom ik hier bij u mag komen.”, zei ik.

“Dat komt vanzelf.” zie de Sint. “Misschien wilt u uw tas aan Piet geven, dan brengt hij die naar uw kamer. Wilt u mij volgen.” En Sint draaide zich om en liep de tappen op. Ik gaf mijn tas aan Piet en volgde de Sint. We gingen mooie grote deuren door met gouden versieringen. We liepen door lange gangen met mooie glas in lood ramen. Uiteindelijk kwamen we in een gedeelte met kleinere kamers, het en der zag ik bureaus met papieren en computers. Ik zag weinig mensen. “Er zijn momenteel weinig mensen” zei de Sint “men houdt zich nogal streng aan de siësta.”

We kwamen bij een grotere kamer aan op de deur hing een schild met een mijter en twee gekruiste staven. Binnen zaten een oude man en een oude vrouw. Sint liep door de kamer, bij de vrouw aangekomen draaide hij zich om en zei: “Meneer de Goede, mag ik u voorstellen aan mijn vrouw, hoofd van de huishouding, Annabella en mijn goede vriend, raadgever, steun en toeverlaat, bovendien de penningmeester van het Sint Imperium, Centenpiet.” Had Sint mij al eerder weten te verrassen door zijn opmerkelijke kleding keuze het feit dat Sint een vrouw had deed mij in een tweede schok belanden. Ik was verbouwereerd, waarom had niemand eerder het feit vermeld dat Sint getrouwd was? In al die jaren dat we de Sint nu kende was de vrouw van Sinterklaas nooit ter spraken gekomen. Waarom niet? Het leek of Sint mijn gedachten kon lezen en hij gaf antwoord op mijn vraag: “Annabella is mijn vrouw en ik kan u verzekeren het is het langste en gelukkigste huwelijk.” Sint gaf Annabella een zoen. “Dat u nooit van haar gehoord heeft, komt deels door mij en deels door haarzelf. Ziet u, het Sinterklaas feest is een kinderfeest. Als ik in Nederland bent dan draait het om de kinderen en dat de pakjes bij de kinderen aankomen. Annabella en ook Centenpiet blijven hier om de zaken hier in de gaten te houden en te regelen.

“Maar goed laten we niet afdwalen en gelijk ter zake komen, de reden waarom u hier bent Meneer de Goede. Welnu de reden dat u hier bent is omdat ik ga verhuizen. Of liever gezegd ik moet hier weg. En de reden dat u hier bent is omdat aan de kinderen en mensen in Nederland te vertellen. Hen uit te leggen dat er eigenlijk niets veranderd, alleen de plek waar ik vandaan kom veranderd. Dat is trouwens niet helemaal waar, want ook de kleur van de Pieten zal veranderen namelijk van zwart naar wit. Nou wat denkt u ervan Meneer de Goede?”

– “Maar Sint” stamelde ik “ik moet dit geloof ik even verwerken …. verhuizen …. en van witte naar zwarte Pieten. Maar …. waar naartoe gaat u dan verhuizen?”

“Ha ha, we gaan van zwarte naar witte Pieten en we verhuizen naar IJsland.”

– “Ik moet geloof ik even zitten, even bijkomen. Maar waarom, waarom moet u verhuizen?”

“Goed dan, gaat u toch even zitten, wilt u wat drinken?” – “Een kopje thee is goed” zei ik terwijl ik ging zitten.

“Doe mijn ook maar thee Annabellla.” Annabella stond op en schonk twee kopjes thee in.

De Sint begon zijn verhaal. “Waarom moet ik verhuizen? En waarom naar IJsland? En waarom veranderen de Pieten van kleur? Ik zal het u allemaal uit de doeken doen Meneer de Goede. Goed dan. Heel lang geleden, toen ik nog een jonge bisschop was, zocht ik een plek om te wonen en te werken, een basis te hebben om vanuit daar de dingen te doen die ik doe en die bij u welbekend zijn. Daar heeft u elk jaar weer last van zullen we maar zeggen. Ik kreeg van de toenmalig koning van Spanje dit mooie paleis te in bruikleen, de voorwaarde was dat als de koning van Spanje het paleis ooit weer nodig had, hij mij een jaar de tijd zou geven om te verhuizen. Die tijd is nu gekomen. Je weet het gaat niet al te florissant met de Spaanse economie, de koning van Spanje wil nu een goed voorbeeld stellen door zelf geld in de economie te stoppen. In dit geval door overtollige paleizen te verkopen en dat terug te geven aan de Spanjaarden. Wel hij had twee paleizen, dat is 1 teveel, door dat te verkopen en hier te gaan wonen komt er een hoop geld vrij voor de Spaanse economie en de Spanjaarden. Helaas betekent dat dat ik moet verhuizen. Eind december kreeg ik de boodschap, ik was net weer terug uit Nederland en sinds dien ben ik op zoek. Gelukkig kwam ik een mooi pand tegen wat ik gratis en voor niks kon overnemen. En dat ligt in IJsland. Het is het oude paleis van de Kerstman. Wegens uitbreiding naar voornamelijk Azie, met name China, heeft hij zijn paleis ergens anders van de grond af opgebouwd vol met de laatste snufjes, geothermische energie en zo. Tja, ik heb niet zo veel ruimte nodig en ben blij dat ik het paleis in IJsland over kan nemen. Kastalinn Goeur Stalun dat is de officiële naam, maar het is gewoon een goed kasteel, van een paleis naar een kasteel dus. Maar wat betekent dat voor de Pieten. Zoals je misschien niet weet maar voor Pieten gebruiken we altijd seizoenswerkers. In ons geval zijn dit vooral werkers uit Afrika, in de zomer zijn ze hier hard nodig om alle spullen van het land te halen. Sinaasappels, appeltjes van oranje, meloenen, peren, appels, arbeidden, abrikozen, olijven, komkommers, bananen, kokosnoten, druiven alles wat het land ons biedt. Maar ja, in de winter is er niks te plukken, in de zomer vragen we dus aan de werkers uit Afrika of ze een centje willen verdienen in de winter. Heel veel van deze mensen willen dat best en zo komt het dus dat veel Zwarte Pieten al jaren dit leuke werk doen, echt ik heb nooit te kort aan mensen die voor me willen werken.”

 

Het was lang stil na dit verhaal van Sinterklaas. In stilte dronken we ons drinken. Ik was er beduusd van, wat een verhaal en ik mocht dat vertellen. Geweldig, dat ik dat mag vertellen. Waarom ik? Waar heb ik dat aan verdiend? “Nou Sint Nicolaas, dat is een heel verhaal en hoe moet het nu verder?” vroeg ik. Sint schraapte zijn keel en zei: “Nu ja, alles inpakken en verhuizen en jij gaat mee om alles voor eeuwig vast te leggen.”

 

De volgende dagen was ik getuigen van een goed geolied machine die snel en goed alles inpakte. Alles werd keurig in dozen gedaan, de inhoud van de dozen werd beschreven, de dozen werden genummerd. Er werd een kopie van de lijst gemaakt, één lijst ging in de doos en een andere lijst werd in een ordner van lijsten bewaard. Uiteindelijk verdwenen de volle ordners natuurlijk ook weer in dozen, die dozen kwamen uiteindelijk opeen lijst met ordners en dozen die Sint natuurlijk in zijn grote boek bewaarde.

Toen alles was ingepakt hadden we een rustdag. Het was tijd om afscheid te nemen van het paleis, de omgeving, de buren, de lokale bevolking. Een vaarwel, adressen werden uitgewisseld, email adressen, mobiele nummers, facebooks en twitters. Een afscheid, maar de banden zouden blijven, vakanties over en weer waren al gepland.  

De dag erop kwamen de verhuiswagens. Een lange rij verhuiswagens stond klaar en werd gevuld. Als laatste een veewagen voor natuurlijk Amerigo en de auto van Sinterklaas. De lange reis ging naar Bilbao de havenstad waar de vloot van Sinterklaas lag. Toen alles was ingepakt in de boten werd er voor een laatste keer Paella gegeten en na het uitbuiken ging Sint aan boord. Vaarwel Spanje, bedankt voor de honderden jaren gast vrijheid, bedankt koning van Spanje voor het kosteloos lenen van het Paleis. Vaarwel lieve lieve Spanjaarden. De stoomboot koos het ruime sop, de grote oceaan op, op de woelige baren. De zee was gelukkig niet ruig en er werden geen stromen verwacht, in de zomer heb je daar gelukkig minder last van. Toch moet je altijd ontzag hebben voor de grote oceaan met al dat water. De overtocht duurde een week, normaal doet een schip er 4 tot 5 dagen over, maar de stoomboot is al een oud beestje en Sint doet het rustig aan. Uiteindelijk kwam sint dan toch aan in IJsland. Daar aangekomen alles uitpakken en hupsakee richting het nieuwe Paleis “Kastalinn Goeur Stalun”. Het was nog een heel gedoe, maar na een paar ritjes was alles toch van de boot naar het kasteel gebracht. In de haven bij een werf gelijk het onderhoud en een ligplaats voor de vloot van Sinterklaas geregeld. Zodat we begin November weer veilig naar Nederlandstalig gebied konden varen. De inrichting nam nog best wel een maand of twee in beslag voordat alles een plek had gevonden en weer volledig operationeel was. Toen kon Sint al weer beginnen met de voorbereiding voor de tocht naar Nederland voor het Sint Nicolaas veest. Wat nog restte was het in dienst nemen van nieuwe pieten. Het vis seizoen in IJsland liep gelukkig al op zijn eind. En net als de Pedro’s in Spanje in het Sinterklaas seizoen best wel een baantje konden gebruiken, konden de vissers in IJsland dat ook. Alleen hete deze nieuwe pieten natuurlijk geen Pedro, maar hadden ze namen als Arni, Bjarni, Helgi, Gisli, Andri, Bjarki, Atli, Gudni, Sindri, Snorri, Kari, Ingi, Bragi en Ari. Deze visser die in de winter toch weinig om handen hadden en wel in waren voor een avontuur en een extra centje melde zich aan en zouden de nieuwe IJslandse Pieten worden die Sinterklaas zouden helpen om alle cadeautjes bij de kinderen te brengen.  Eerst was er nog tijd voor een cursus basis Nederlands, tja we weten niet of dit geheel geslaagd is. Hoe dan ook dit betekent witte pieten op de boot naar Nederland en in Nederland. Wel even wennen, niet in de laatste plaats voor Sint. En toch …

Sinterklaas zal voor altijd blijven bestaan, echt het bestaat niet dan het Sinterklaas feest niet door zal gaan. Wie zegt dat Sinterklaas en het Sinterklaas feest niet meer gevierd zal worden liegt, want Sinterklaas zal altijd bestaan. Of de Pieten nu zwart, wit, geel, rood, blauw of robot zijn, het maakt niet uit. Sinterklaas en het Sinterklaas feest zal altijd bestaan. Het is het grootste en leukste feest voor alle kinderen in Nederland en België, wat zeg ik op de wereld. Sint en Piet zijn er om kinderen een beetje geluk te schenken, vroeger, nu, straks, voor altijd. Lang leve Sinterklaas!

 

Exa Ecor

 

=============================================================

Naschrift:

 

Ik heb dit verhaal geschreven om voor eens en voor altijd af te zijn van de Zwarte Pieten discussie. Door Sint te laten verhuizen naar IJsland worden de Pieten Wit. Scheelt ook een hoop schminken en zo.  O ja, dit idee is rechten vrij, iedereen mag het gebruiken, verbouwen, herbouwen er een nog mooier verhaal van maken voor commerciële of welke ander doeleinden dan ook. Misschien een mooi liefdes verhaal. Ik zou dit eigenlijk al vorig jaar publiceren, maar tijd hé. Veel plezier ermee, doe er mee wat je wil of niet. O ja Exa Ecor is natuurlijk niet mijn eigen naam. 

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.