Gegevens:

Auteur:
Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
5 juli 2012, om 10:16 uur
Bekeken:
483 keer
Aantal reacties:
3
Aantal downloads:
200 [ download ]

Score: 3

(3 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Klap"


Het is fantastisch weer! Ik fiets over het fietspad naar huis, mijn nieuwe huis, terwijl links en rechts de bossen voorbij glijden, mij omringend met een frisse groene geur.

Een mooi weekeinde voor de boeg met vrienden die vanavond bij me komen eten, als dank voor hun hulp bij de verhuizing.

“Wat lief van je! Gezellig!” zei Jan toen ik hen uitnodigde. Ik lief? denk ik, jullie zijn lief!

Het theehuis, de hunebedden, allemaal bekend maar ik kijk toch elke keer weer rustig alle kanten op, omdat ik van dit uitzicht, mijn thuis! nooit genoeg krijg.

Nog even het stukje langs de kazerne en dan liggen de open velden geel en bloeiend om me heen. Bijna thuis.

Bij de uitrit van het hoofdgebouw van de Marechaussee nadert een donkere auto, ik zie hem tussen de bomen door aan komen rijden richting het fietspad en de weg.

Stopt hij? Ik rem af, je weet het nooit hier, de meeste ongelukken hier in de buurt worden veroorzaakt door militairen en dat is iets om rekening mee te houden. Maar, de auto stopt, ik maak weer vaart.

 

Eén moment valt de hele wereld weg, dan is de auto plotseling voor me, de donkere lak glanst in de zon en het wiel draait. Ik rem, rem! Zo hard dat de verdomde remkabel breekt, maar het maakt niet uit, want de ijzeren klap scheurt de hele wereld uiteen en ik voel en weet helemaal, helemaal niets.

 

Ik kom bij, half op mijn buik, op de ruwe stenen van de uitrit, mijn rugzak hangt half in mijn nek.

Godverdomme fuck ik zie niks, ademhaling totaal buiten controle, ik draai me half op mijn rug en duw die rotrugzak weg, waar is de verdomde wereld naartoe? Het lijkt een eeuwigheid voordat er iemand naast me neerknielt, een egaal groen uniform dringt half tot me door. Wat zegt hij nou allemaal?

Jezus, gaat het? Kan je zitten denk je?” Hese stem, vaag gezicht, twee warme handen klemmen zich om mijn schouders. Gaat het? Ik voel niks man! Maar mijn stem zegt 'ja' en hij helpt me overeind.

Fuck... man, ik heb dit gedroomd...” In die droom was ik helemaal kapot, gezicht, armen, alles.

Ik vloek, zeg dingen waar ik me niet bewust van ben dat ik ze zeg, mijn hele lichaam trilt en ik adem wild. Totaal los.

“Kan je staan?” Liggen maakt me bang, ik zeg weer ja en hij pakt me op, neemt me mee naar de berm langs het fietspad en voor ik het weet zit ik weer, in het gras.

Mijn zicht neemt langzaam aan weer toe, iemand hurkt voor me neer en pakt mijn schouder vast.

“Hoe heet je?” Slikken, niet kotsen maar ik ben zo verdomde misselijk en die duizeligheid wil maar niet weggaan. Ademen, nu.

“Els.” En dan is de wereld weer weg, alles loopt door elkaar en ik weet niet meer wie wat zegt.

“Ben je duizelig, misselijk?” Ja, allebei.

Onbekende handen voelen voorzichtig door mijn haar, op zoek naar bulten en verwondingen en ze vragen me van alles, waarop ik automatisch antwoord geef.

Het uniform wat bij de donkere auto hoort vertelt iets tegen de anderen over wat er gebeurd is.

“Bullshit!” Mijn stem trilt, net als de rest. “Dat is niet wat er gebeurd is. Je kwam hier keihard het fietspad op rijden!” En alsof het een gewoonte wordt, verdwijnt de helderheid van de wereld daarna weer in het niets.

“Ik denk dat we een ambulance moeten bellen, haar ogen bevallen me niet, die staan helemaal niet goed.”

Verdomme geen ambulance, ik herinner me dat ik stierf met de geur van ontsmettingsmiddelen in mijn neus, en dat nooit weer.

Half in paniek zeg ik dat het gaat, dat er geen ambulance moet komen, een paar keer achter elkaar. Toch blijven ze twijfelen en de man van eerder dringt aan, maar ik verzet me, probeer niet te denken aan de herinneringen. Slik.

“Hee,” Dezelfde stem, of is het een ander? “Je mag best huilen hoor.” Het klinkt zacht en een beetje bemoedigend. “Je hebt nogal een klap gemaakt.”

Ik kijk van hem weg, kaken op elkaar en met brandende ogen, naar de weg waar rijen auto's voorbij komen.

Niet huilen, niet hier, bij al die mensen die ik niet ken, in het gras langs de weg.

De mannen van het busje van de woningstichting kijken voorzichtig in mijn richting, en over het fietspad komen twee mannen van de marechaussee aangelopen.

Pijn. Alles zit in de knoop.

“Verdomme.” Weer die tranen.

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.


Reacties:

Zohe wat erg dan zeg.. Nou ik hoop dat alles goed voor je uitpakt en wie schuld heeft die moge inboeten. Sterkte

Oh en je hebt het heel goed beschreven ja, vind ik echt! (zie je niet veel hiero ) shhtttt

Geplaatst op: 2012-07-05 14:19:28 uur

Is dit echt gebeurd of?

Geplaatst op: 2012-07-05 12:12:43 uur