Gegevens:

Auteur:
Categorie:
Columns/Blogs
Geplaatst:
21 februari 2012, om 15:09 uur
Bekeken:
848 keer
Aantal reacties:
1
Aantal downloads:
145 [ download ]

Score: 5

(5 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"De zin en onzin van Carnaval"


De zin en onzin van het carnaval

 

Als geboren en getogen zoon van het krabbegat (Bergen op Zoom voor de niet ingewijden) is het carnaval mij met de paplepel ingegeven. Of je wilde of niet er was geen ontkomen aan. Maar natuurlijk wilde je wel, want al je vriendjes bejubelde het volksfeest van zwieren en zwaaien. En mocht je wat bleu van aard zijn, je kon het brandpunt van toonbare gene, de snuit, achter een verheulend “mombakkes” aan het zicht onttrekken. Verder doste je jezelf op met allerhande lappen, kledij en spullen die bedoeld waren om de buitenwereld te imponeren. Grof gesteld waren er twee stromingen, zij die met de schoonheid en aantrekking sier wilden maken en zij die hetzelfde effect nastreefden maar dan met gruwel en afkeer. Hierbij legde de materiële huiselijke status vaak mogelijkheden en beperkingen op.

 

Geschiedenis

 

Wat carnaval precies inhield ontging je als kind totaal, zoals met alle traditionele volksgebruiken die onder de noemer groepscultuur te vangen zijn meestal het geval is. Dat carnaval (ook wel “Vastelaovend”) van oorsprong een katholiek feest is dat drie dagen voorafgaande aan Aswoensdag wordt gevierd en dat daarmee een vastentijd van veertig dagen voor Pasen wordt ingeluid, werd later pas duidelijk. Het woord carnaval komt waarschijnlijk van de Latijnse uitdrukking carne vale, wat zoveel betekent als “afscheid van het vlees.” Hiermee werden ook de vleselijke lusten bedoeld.

De carnavalsdatum vindt zijn oorsprong in de kerkelijke kalender, die gerekend wordt naar de eerste paasdag. Deze paasdag valt op de eerste zondag na volle maan in de lente. Pasen zal dus op zijn vroegst op 22 maart vallen en op zijn laatst 25 april. Als gevolg daarvan valt carnaval tussen 31 januari en 10 maart.

 

Terug naar mijn roets

 

Toen ik rond mijn twintigste levensjaar vanwege mijn werk en sportieve activiteiten uit het “zuidelijke” werd verbannen, heb ik de grip op dit dolle dwaze gebeuren verloren. Maar na een lange afwezigheid heeft het min of meer gestuurde toeval me weer met een spontaan “Alaaf” in het Brabantse teruggebracht. Het bruisende laat ik aan de dynamische jeugd over, maar als “tonpraoter” heb ik ondertussen vijf maal de dorpelingen (Leemknejers) met zin en onzin bestookt. Ik kan U wel verzekeren dat er enige moed en een intense voorbereiding nodig is om op de “bühne” voor een groot publiek je dingetje te doen. Ik heb grote bewondering gekregen voor dat wat op lokaal niveau zoal gepresteerd wordt.

 

Ook heb ik gisteren weer met bewondering naar de optocht gekeken. Wat daar aan ideeën met praalwagens en stoeten wordt gepresenteerd is enorm. Ik geniet ook altijd van de simpele dingen. Zo liep er een eenling, wat afgezonderd van en achteraan de stoet met een rollater, met de vermelding: “Ik rol later!” of als blinde boer vermomde man, met donkere bril en witte stok en de kreet: “Boer zoekt vrouw!”

 

Mooi vond ik ook de ervaring die ik vorig jaar had op dinsdagochtend van carnaval waarover ik het volgende verhaal geschreven heb.

 

"Pater Kater"


Op dinsdagochtend van carnaval fietste ik rond negen uur door het dorp om wat boodschappen te doen. Tevergeefs want de elektronicazaak waar ik moest zijn was vanwege dit doldwaze festijn gesloten. Natuurlijk had ik dit moeten weten en bovendien nog eens kunnen afleiden aan de verlaten straten. Toch werd mijn doortocht op het fietspad gestagneerd door een paar dat gearmd voor mij uit slenterde.

Hij was gestoken in een bruine pij die halverwege zijn kuiten reikte. Kennelijk een geleend geval van een kleinere vriend, tenzij dit de clou van de verkleding was, want met carnaval weet je maar nooit. Het gevoel voor toepasselijkheid kent vele nuances binnen het carnavaleske.

Kennelijk waren de pater en zijn naar ik maar aannam, begeleidende non -hoewel zij niet in die uitmonstering was verpakt- van de vrome pad afgedwaald. Het was aan hem ook af te lezen. Hij verplaatste zijn verdwaalde voeten dankzij de sturende kracht van "Moeder Theresia" in voorwaartse richting. Zijn hoofd hing onder een hoek van negentig graden boven op zijn wankele gestalte, zodat hij slechts

een halve meter grondoppervlak voor zijn zwijmelende voeten kon waarnemen. Maar ook dit aardse zal hem zijn ontgaan. Zijn mond prevelde een onverstaanbaar bacchanaal gebed waarvan de mensheid weinig zegening mag verwachten.

Ik heb niet gebeld of geroepen om hen vooral niet te storen in hun stille zoektocht naar het rechte pad en passeerde hen via het trottoir.

Vrij van afgunst maar ook van mededogen groette ik deze pelgrimages en dacht: "Bedenk dat gij van stof bent en tot stof zult wederkeren!"

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.


Reacties:

Henk, met plezier heb ik dit leuke verhaal gelezen, en ik beschouw het als een mooie afsluiting van Carnaval, alhoewel ikzelf totaal niets met Carnaval heb. Maar je hebt de "zin" alsmede de "onzin" mooi weten te verwoorden.
Ja, Carnaval is nog wel heel erg "in" maar van de vastentijd
moet men niets meer hebben.
Ikzelf herinner me over de vastentijd nog steeds het beroemde vastentrommeltje , waarin we als kind ieder snoepje moesten doen verdwijnen om weer gegeten te worden op Paaszaterdag klokslag 12.00 uur.
Ik wens je een fijne afsluiting van Carnaval . Liefs van Josselyne

Geplaatst op: 2012-02-21 20:02:33 uur