Gegevens:

Auteur:
Categorie:
Fantasy
Geplaatst:
12 mei 2010, om 12:54 uur
Bekeken:
691 keer
Aantal reacties:
1
Aantal downloads:
284 [ download ]

Score: 3

(3 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"De weefsters van Abmar hoofdstuk 2"


De twee dagen daarna was ik in een roes, met het vage gevoel op de achtergrond dat alles zou gaan veranderen. Wat natuurlijk ook zo was. We vierden groot feest, het was tenslotte niet niets, dat een dochter uit de familie gekozen was om bij de weefsters in de leer te gaan.

Misschien heb je wel eens in een antiek- of kledenwinkel plotseling iets in je ooghoek zien oplichten, met kleuren die regelrecht de wereld in te lijken willen springen. Zo, dat als je het kleed in he juis ophangt of neerlegt, de hele ruimte levend wordt.

Geloof me, dat is magie. Een magie die van weefster op weefster wordt doorgegeven, waar we zelfs met onze eigen geest niet helemaal bij kunnen, maar waar we desondanks trots op zijn.

En ik mocht deze kunst gaan leren. Kleine springerige Raya die het liefst hele dagen buiten was, ergens in het gras aan de rand van het rodp, alsmaar wevend en wevend. Het verbaasde niemand dat ze mij gekozen hadden.

De laatste avodn van het feest gaven mijn vader, moeder, ooms en tantes me afscheidscadeaus. Mijn moeder kuste me op mijn voorhoofd toen ze het kleien pakje gaf.

"Ik weet dat je de mooiste dingen gaat maken, lieve Raya. Ik heb het gedroomd." In het pakje zat een prachtige haarspel, om mijn lange haar op te steken.

"Twee jaar geleden heb ik hem voor je gemaakt, en gewacht op het juiste moment om het je te kunnen geven. Dat moment is nu. Veel geluk, kind."

Ademloos draaide ik de speld in mijn handen rond. De barnsteen glinsterde doorzichtig op de achterkant. Er in zat een minuscuul visje.

Ik knuffelde mijn moeder als dank. Ze slikte, streelde mijn wang en liep weg.

het was traditie dat op de laatste avond van het feest, als iemand zijn of haar cadeau gegeven had, weg zou gaan, net zo lang tot er niemand meer over was. Ik zou in mijn eentje de nacht bij het vuur doorbrengen, gehuld in warme schapenvachten, en de volgende ochtend bij het krieken van de dag vertrekken.

Eén voor één gingen mijn familieleden weg, nadat ze allen een klein cadeau gegeven hadden.

Ik  was alleen, alleen met het vuur, waar ik nog wat hout op legde om het langzaam brandende te houden.

"Kalsafar, geest van het vuur, bescherm mij en mijn dromen op deze nacht," fluisterde ik, en gooide een stukje Palos Santos in de vlammen.

De warme wierookgeur van het heilige hout van ver weg bracht mijn opgewonden geest tot rust en wiegde me in slaap. De schapenvacht omhulde me als een tweede warme huid.

Morgen... Morgen... En ik sliep.

 

Toen 's ochtends de eerste vroege lammetjes slaperig begonnen te mekkeren en de zon nog maar nauwelijks op was, pakte ik mijn spullen bij elkaar. Dat was niet veel; wat kleren, mijn weinige persoonlijke bezittingen en de cadeautjes van mijn familie. Starend naar de smeulende as van het vuur van de vorige avond at ik wat koude maispap en stond op. Tijd om te gaan.

Zonder om te kijken pakte ik de grote doek met mijn spullen op en liep weg uit het stille dorp.

De grotte van de weefsters waren meer dan een uur lopen van mijn dorp vandaan, en terwijl de zon boven de bergen uitkwam en zijn stralen over het land liet glijden liep ik over het smalle herderspad, genietend van de ochtendstilte. Ver weg blaatten wat schapen, gevolgd door het felle blafje van de hond die ze bij elkaar moest houden.

Abmar is een grote provincie, met afwisselend uitgrstrekte zanderige vlaktes, lage bergen en groene stukken, waar we onze dorpen en steden bouwen. Handelsreizigers trekken van stad naar stad om hun koopwaar aan te bieden. Vreemde kleurige stenen, kleden, stoffen, voedsel en schapenvachten liggen lokkend uitgespreid op hun kraampjes.

Ik ben altijd gek geweest op markten. Wat handig was voor moeder; als ze een boodschap nodig had hoefde ze me alleen maar aan te kijken en ik sprong al op.

De dag dat ik naar de weefsters vertrok was er een markt in Iboga, een stadje vlakbij, maar ik kon er natuurlijk niet heen. Jammer, maar als ik dacht aan de kleden die ik zou gaan zien en zelf zou leren maken vergat ik de markt en versnelde mijn stap.

Na een uur lopen over het herderspad werd de omgeving rotsachtiger, en voor me rezen de Dakast-bergen op. Hoe dichterbij ik kwam, hoe groter de figuurtjes werden die voor de bergen rond bewogen. Daar moesten de grotten zijn, dacht ik opgewonden, en begon nog iets sneller te lopen.

"Niet zo snel zeg, ik kan je bijna niet inhalen!" Verbaasd bleef ik staan en draaide me om. Een meisje, iets ouder dan ik, kwam van een zijpad aangehold. Hijgend bleef ze voor me stilstaan en gaf me de traditionele begroeting; haar handen voor haar borst samengevouwen. Ik groette haar terug.

"Ga je ook naar de weefsters?" vroeg ze met glinsterende pertoogjes, en toen ik knikte lachte ze me ademloos van het rennen toe.

"Fijn! Dan kunnen we vriendinnen zijn!΅

En zo ontmoette ik Makoi.



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.


Reacties:

er komen er zeker meer, ze zijn op dit moment in de maak :)
dankjewel!

Geplaatst op: 2010-05-12 19:57:08 uur