Gegevens:

Auteur:
Categorie:
Dieren/Fabel
Geplaatst:
12 mei 2009, om 19:32 uur
Bekeken:
783 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
372 [ download ]

Score: 2

(2 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Jonge Haan (1)"


Op een boerderij hier niet ver vandaan, omringd door graan- en maïsvelden, weiden en moestuinen, woont de familie Knol. Zij verbouwen veel gewassen en houden dieren op hun erf: koeien en geiten voor melk en kaas, kippen voor de eieren en wat paarden om op te rijden.
Vele verhalen kunnen worden verteld over de boerderij en haar bewoners en verleden. De een bijzonderder dan de ander. Dit verhaal is veruit het meest speciaal. Het gaat over een jonge haan die een belangrijke taak kreeg toegewezen en een waar avontuur beleefde...
 
Niet zo heel lang geleden leefde er op Boerderij Knol een jonge haan. Zijn ouders waren overleden toen hij nog een kuikentje was en hij groeide op in de schaduw van zijn grote, sterke broer, die door iedereen werd bewonderd. De jonge haan voelde zich eenzaam en een buitenbeentje. Hij was erg klein voor zijn leeftijd en had nog steeds niet zijn volwassen verendos. Daarom werd hij Jonge Haan genoemd.
Jonge Haan vindt het leven op de boerderij maar saai. Wat zou hij graag de buitenwereld willen ontdekken en oneindig veel avonturen willen beleven!
Op een avond kijkt hij treurig naar de sterrenhemel terwijl hij denkt aan zijn overleden ouders en de onbekende wereld buiten de boerderij. Zuchtend laat hij een traan vallen.
Ineens begint er een ster krachtig te stralen. De ster wordt steeds groter en groter en geeft steeds meer licht. Jonge Haan knijpt zijn ogen tot spleetjes. Het licht is zo fel! Hij durft zijn ogen haast niet te openen. Na een paar minuten is het licht niet meer zo sterk en doet hij zijn ogen open. Voor hem bij het venster zit een raar wezentje. Het draagt een glinsterend zilverkleurig jurkje en heeft lang blauw haar. Het wezentje kijkt Jonge Haan met haar grote heldere ogen en starende blik aan. Nog nooit heeft hij zo iets wonderbaarlijks gezien! Jonge Haan vraagt zich af wat het wezentje is. Het is echter niet beleefd om zoiets te vragen, dus zegt hij tegen het wezentje: ‘Wie ben jij?'
‘Ik ben Elodie, een sterrenfeetje. Ik weet wie jij bent. Jij bent Henri, ook wel Jonge Haan genoemd.'
‘Hoe weet jij dat?' vraagt Jonge Haan verbaasd.
‘Ik weet heel veel,' antwoordt Elodie. ‘Ik kijk iedere nacht naar de wereld onder mij.'
‘Ik zou graag de wereld eens vanaf daarboven willen zien,' zucht Jonge Haan.
‘Dat kan. Ik ben naar beneden gekomen voor jou. Wij hebben jouw hulp nodig, Jonge Haan. Onze feeënkoningin is verwond door een kwaadaardig schepsel. Zij is stervende.'
‘Dat is vreselijk! Maar ik weet helemaal niets van verwondingen, medicijnen en dergelijke af. Ik weet niet of ik haar beter kan maken. Ik ben, denk ik, niet slim genoeg.' Jonge Haan slaat zijn blik beschaamd neer.
‘Je hebt een moedig hart! Jij bent de enige die koningin Luna kan redden, Henri!' Smekend kijkt het sterrenfeetje naar Jonge Haan.
‘Wat moet ik doen?' vraagt hij.
‘Mee naar de maan.' Elodie wijst omhoog naar de grote, zilverwitte bol in de hemel.
‘Hoe kom ik daar? Ik kan niet vliegen.'
Hierop pakt het sterrenfeetje haar toverstafje en zegt: ‘Sterrekes-à-luna!'
Streepje voor streepje begint er zich tegen de donkerblauwe hemel een patroon af te tekenen van zilveren horizontale en verticale lijnen. Een ladder!
‘Moet ik hiermee naar de maan?' vraagt Jonge Haan verbaasd. Hij had verwacht met een ruimteschip te gaan. Zo een die hij wel eens op de televisie in de woonkamer van de boer en boerin had gezien. Maar nee! Hij moest met een ladder! Wat als hij hoogtevrees kreeg? Of eraf viel?
‘Ja', zegt Elodie, ‘Je zult hiermee naar de maan gaan. Wees niet bang! Je kunt er niet vanaf vallen, want ik ben bij je en zal je beschermen met mijn feeënmagie.'                                                                              

Daarop zet Jonge Haan vastbesloten zijn pootje op de eerste trede van de ladder en begint omhoog te klimmen, begeleid door het meevliegende feetje. Stap voor stap. Trede voor trede. Hoger en hoger. Jonge Haan blijft klimmen en klimmen en laat de boerderij steeds verder achter zich. Nog eenmaal kijkt hij om naar zijn vertrouwde wereldje en gaat dan weer verder. Verder de ladder op. Hoger de lucht in. De sterren tegemoet. Op weg naar de maan.

 

 

Wordt vervolgd...



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.