Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
28 december 2020, om 12:55 uur
Bekeken:
42 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"geen cent te makken, maar praatjes voor tien"


Voor het eerst in dertig jaar krijg ik over 2 maanden voor het eerst een regelmatig inkomen via de AOW en ben zo blij als een kind. Ik ben voor subsidiëren van de kunsten, hoe meer geld er naar toe gaat des te beter. Waarom collegas in moeilijke omstandigheden brengen?  In het bijzonder als zij getalenteerd zijn! Ik vergeet nooit wat Jhr. Sandberg (Juist! die rooie rakker van het Stedelijk Museum) eens zei: liever 1000 kunstenaars ten onrechte subsidiëren dan één belangrijke verloren laten gaan. Moeten wij het Amerikaanse succes model omhelzen in Nederland met zijn kleine kunstmarkt waarop heel weinig verzamelaars figureren?

Een laagbetaalde baan is geen optie voor een kunstenaar, bovendien neemt hij de plaats in van een laag geschoolde man of vrouw daarmee en gaan we terug naar de dertiger crisisjaren toen ingenieurs op de tram als bestuurder stonden. Een laag betaalde baan kost veel tijd en energie die beter besteed kan worden aan een oeuvre. De combinatie is niet erg gelukkig. Ik ken trouwens kunstenaars die enige tijd zeer zwaar classificeer derswerk deden of treinen schoon maakten en dan denk ik aan de U wellicht bekende Siet Zuyderland, toch niet de eerste de beste. Het argument dat een kunstenaar er toch wel komt ondanks financiële moeilijkheden is onbewijsbaar want zij die het opgegeven hebben daar hoort men niets meer van. Wie wil slagen in het beeldende kunstenaarsvak zal behalve aanwezig talent gezegend moeten zijn met een grote dosis doorzettingsvermogen en een stabiel karakter dat bestand is tegen grote tegen slagen plus een zeer goede gezondheid. En dan nog loopt menigeen in Nederland aan tegen de besloten kliekjesgeest van kunstenaars verenigingen waar binnen vriendjes aaierij een prima manier is om hoger op te komen. Veel pilsjes weg geven, was de goede raad in 1976 toen ik een keer Arti et Ami citiae binnen stapte. Dat heb ik goed in mijn oren geknoopt; nooit heb ik ook maar één drankje weg gegeven aan een collega. U begrijpt de conse-quenties. Ik tart graag het noodlot! Voor de middelmatige kunstenaar blijft dan het leuren met zijn onverkochte werk langs de landelijke SBK winkels over, een vernederende zaak waar ik geen deel aan neem, want daar ben ik veel te sjiek voor en zoud an ook nog vroeg moeten op staan op de inleverdata want de rijen die buiten staan lossen zich niet vanzelf op omdat die SBK kunstenaars ontzettende ouwehoeren zijn; geen cent te makken, maar praatjes voor tien in de kroeg en op straat!

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.