Gegevens:

Auteur:
Categorie:
Columns/Blogs
Geplaatst:
3 mei 2020, om 23:04 uur
Bekeken:
133 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
49 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Les Enfants du Paradis"


Eens in de vier dagen moet ik. Woemi weigert nog langer bier te halen voor me. Dus slinger ik, het liefst zo vroeg mogelijk, mijn lege kratje op de fiets en rij naar de dichtstbijzijnde kleine Deka. De grote, ik kom er niet meer. Al die mensen, ook al om negen uur. Het vriendelijke snauwen: ‘meneer, een winkelkarretje’, het surrealistische wachten voor de deur, en al die mensen die overal vandaan leken te komen, waar ik me nooit aan stoorde maar die me ineens als bedreiging zijn gaan zien. En ik hun.

 

Maar dat is het ergste niet. Het ergst is hem. De verkoper van het straatjournaal, de profeet die alles beter weet.  Met zijn lange vette haren en zijn ellenlange fulminerende monologen. Al jaren voorspelt hij de ondergang van het Avondland, maar nu lijkt hij meer in element dan ooit.

 

‘Zo meneer, dat gaat hard’ begint hij al als hij me ziet. ‘Of heeft u soms een feestje gehad? ‘lacht hij sardonisch.  Ik word kwaad. Zo veel vuilspuiterij voor tienen moeten verduren. Goed, ik fiets me elke dag lek, dat is tegen de zin van Rutte, maar ik doe het altijd alleen, zo eens in de week wandel ik een rondje Haarlem met Woemi. Behalve de jongen zien we niemand meer, ik hou me aan de anderhalve meter. Mijd drukke plekken. Laat mijn schoonvader zitten in zijn veilige huisje, zoals het hoort.

Ik sputter tegen. ‘Ik houd me heel goed aan de regels, Rutte zou trots op me kunnen zijn’ Natuurlijk meneer, net als de meeste burgers van de wereld krijgt u meerdaags in uw apppoort een stempel, een bewijs van goed gedrag. Gaat uw telefoon blij bliepen als u zich gehouden heet aan de voorschriften van uw leiders, die geen tegenspraak meer dulden.

 

Rutte die een parlementslid die hem bekritiseert zegt dat ze te ver gaat, hoe ver is dat nog van dictatuur verwijderd meneer?  Weet u nog dat het begon met drie weken meneer, en dat we nu moeiteloos en zonder tegenspraak van al onze vrijheden beroofd worden?  Niet voor drie weken meneer, maar misschien wel voor de rest van uw leven.  Wilt u eten in een restaurant? Mag ik even uw app zien meneer, wilt u met de trein? Dat mag alleen als ik dat wil meneer, op een plaats die ik u wijs, voor een prijs die niet te betalen is. En mits uw app laat zien dat u veilig bent. Dan krijgt u ook van mij een groene puntmuts, hoeft u niet weer te appen als u moet overstappen.

Deze verschrikkelijke pandemie meneer heeft nog altijd minder doden opgeleverd dan de griep van 2018, waarbij het leeuwendeel van de doden ouder is dan tachtig. Maar doodgaan willen we niet meer in 2020 meneer, en zeker niet aan zo’n kutziekte als corona. ‘Geef mij maar gewoon de kanker’ hoor ik mensen zeggen,  moeten ze niet doen, want daarvoor is even geen behandeling.’

 

En weer is er die valse, mensvijandige lach. Zijn kop is rood aangelopen, zijn ogen spuwen vuur. Waarom loop ik niet gewoon langs hem heen, ga mijn bier halen en peer hem weer, zo snel als ik kan?  Waarom kijk ik dag in, dag uit naar al die nieuwsen, zie ik die mannen die we ruim een maand gelden nauwelijks zagen staan, die we aan alle kanten bekritiseerden nu triomferen, genieten van de macht die ze zomaar over ons uit kunnen oefenen? Een Macron, een Conte, een Sanchez. Twee maanden gelden werden ze nog net niet uitgekotst door hun volk.  U moet voor de gein eens de naam Sanchez googelen. Nul hits. Ja, een voetballer’

En weer die akelige lach.

‘Nou meneer, ga maar snel uw ding doen en dan gauw terug naar uw kot’.  Net als ik is hij gek op het Vlaamse nieuws.

‘Daar mogen ze nu met drie naar buiten’ durf ik in te brengen, ‘het eerste lichtpuntje in de duisternis.’

 

Maar de dagen van vroeger, waarin we elkaar mochten aanraken, knuffelen, waarin we mochten feesten en beesten, 130 mochten rijden op de snelweg, we onbezorgd zo ver en zo vaak mochten vliegen als we wilden, waar we zelf mochten doen en laten wat we wilden. Kinderen waren we in een paradijs dat we weliswaar aan het uitputten en verknollen waren, maar goed, daar verzinnen we ook wel weer wat op. Toch?

Ik moest maar een biertje nemen.

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.